het eeuwige levenTheo van Haren Noman (1917-2021)

Zijn opa pionierde met fotografie, zijn vader met caravans en hij met cinema

Theo van Haren Noman was een van de meest vermaarde naoorlogse cineasten. Hij overleed 6 februari op 103-jarige leeftijd in Bussum.

Foto Theo van Haren Noman bij 0060TE eeuwigeleventheovanharennoman Beeld rv
Foto Theo van Haren Noman bij 0060TE eeuwigeleventheovanharennomanBeeld rv

Als 8-jarige beklom Theo van Haren Noman de brandtrap aan de zijgevel van theater Tuschinski, zodat hij door een dakraam flitsen van een film kon zien als mensen de zaal in- en uitliepen. ‘Misschien is daar zijn liefde voor de film al begonnen’, zegt zijn zoon Philippe.

Theo van Haren Noman zou zich ontpoppen tot een van de meest vermaarde naoorlogse cineasten. In 1966 ontving hij een nominatie voor de Gouden Palm met de film De Gewonde over een voetbalsupporter die na een Europa Cup-wedstrijd een verkeersongeluk krijgt en zijn leven overdenkt. Zijn grote doorbraak kwam in 1957 met zijn eerste vrije film Een leger van gehouwen steen over oorlogs- en verzetsmonumenten. Hij won er de Staatsprijs voor de Nederlandse Film mee. Een andere klassieker is Gisteren komt nooit weerom uit 1959, gebaseerd op het gelijknamige boek van Meyer Sluyser, over het leven in de Amsterdamse joodse wijk vlak voor de oorlog. Van Haren Noman overleed 6 februari op 103-jarige leeftijd in Bussum. ‘Puur aan ouderdom. Hij had eigenlijk geen grote kwalen en was tot het laatste moment helder’, zegt Philippe.

Theo van Haren Noman trouwde drie keer. Met zijn eerste vrouw Tineke Bruins had hij twee zonen: Dirk Jan en Eric. De laatste zou furore maken als cineast in de VS, waar hij aan tachtig films meewerkte. Philippe is de zoon uit het huwelijk met Parool-journaliste Jeanne Roos. Sinds 1982 was Corinne Rog zijn partner. Philippe omschrijft zijn vader ‘als een perfectionist die in zijn werk geen concessies deed’. ‘Hij was ook een zeer charmante en mooie man, vrouwen waren dol op hem.’

Drive in de genen

De creativiteit en drive zaten in zijn genen. Zijn grootvader was de arts en hoogleraar Dirk van Haren Noman die in de 19de eeuw huidziektes met de camera vastlegde en bundelde in een in het Frans geschreven standaardwerk.

Zijn vader, ook Dirk, was directeur van het Amsterdamsch Technisch Handelskantoor. In 1926 ontwierp hij de eerste Nederlandse caravan die ook in serie werd geproduceerd.

Theo, de jongste in een gezin van drie kinderen, was een zeer avontuurlijk jongetje dat naar een kostschool werd gestuurd om daar de HBS te voltooien. Na een handelsopleiding in Londen mocht hij in 1939 op de l’ÉcoIe Technique de Photographie et de Cinéma in Parijs zijn droom najagen. Maar de oorlog stak een spaak in het wiel. Hij keerde terug naar Nederland, waar hij het vak van fotograaf in de praktijk leerde van onder anderen Menno Huizinga, die actief was in de verzetsgroep Ondergedoken Camera. Na de oorlog kon Theo van Haren Noman als reportagefotograaf aan de slag bij het ANP.

In 1947 stapte hij over naar het Polygoon-Journaal. Zijn eerste item voor het bioscoopnieuws ging over ijsbrekers die een doorgang maakten in het dichtgevroren Noord-Hollands kanaal. Een jaar later maakte Van Haren Noman samen met schrijver Antoon Koolhaas de film Moeder des Lands vanwege het 50-jarig jubileum van koningin Wilhelmina.

Sahara

Hij maakte ook films in de Sahara en aan de Afrikaanse westkust. In ’t Was een vreemdeling zeker, werd de reis van Sinterklaas vanuit Spanje naar Nederland verbeeld met kindertekeningen.

Aan het eind van de jaren zestig legde Van Haren Noman zich toe op het maken van informatieve films, zoals een 13-delige serie over de middeleeuwen die werd uitgezonden in aanloop naar de jeugd- serie Floris.

In 1980 stopte hij met filmen en stortte zich op het maken van schilderijen.

Meer over