Zelf banket bakken: proberen en lekker smeren

De Vlaamse uitgave Gebak met geschiedenis lag alweer een paar maanden op de plank weg te stoffen. Dat was uitsluitend te wijten aan de deprimerende vormgeving; misschien denkt de uitgever dat een verzameling ouderwetse taart- en koekrecepten hand in hand moet gaan met een antiek ogend lettertype en met fotografie...

Maar wie dat gezapige uiterlijk op de koop toe neemt, stuit op eenoerdegelijk boek dat barst van de wetenswaardigheden en waarin zestigrecepten voor taarten, koeken, cakes en gebaksoorten de revue passeren. Samensteller Robert Inghelram, 'bakker in hart en nieren', is op zoekgegaan naar authentieke bereidingswijzen van kattentongen en amandelbrood,kletskoppen en bokkenpootjes, aardbeientaart en speculaas.

Van zijn speurtocht doet hij op enthousiaste toon verslag. Dat het somslastig is apocriefe en waar gebeurde ontstaansgeschiedenissen uit elkaarte houden, spreekt bijna vanzelf; in zijn toelichtende verhaaltjes looptInghelram bovendien geregeld vast in wollig en oubollig taalgebruik.

Op zulke momenten wordt hij gered door zijn recepten. Verwoedeamateurbanketbakkers hoeven niet eerder af te haken dan bij gecompliceerdegebaksoorten als de sachertorte en, nog weer een trede hoger, de envoi deNice, 'verfijnd banketgebak dat zoet is, rijk aan calorieën en zalig smeltin de mond', schrijft Inghelram.

Zelf beheerst hij de spuit-, plak- en boetseertechnieken die komenkijken bij het construeren van zo'n taart ongetwijfeld tot in de puntjes;voor de zondagsbakker zijn ze te hoog gegrepen. Maar onder het motto'proberen en lekker smeren' kun je natuurlijk wel een poging doen jebasisvaardigheden op peil te krijgen, al is het verleidelijker eerst maareens flink te oefenen op Inghelrams eenvoudiger gebaksvarianten. Die staaner volop in, en ze zijn goed te maken.

Henrico Prins

Meer over