Zedendelinquent is levende tijdbom

De reacties na de tragische gebeurtenis in Assen zijn begrijpelijk. Als de autoriteiten niet in staat zijn de burgers, en daarmee het jonge kind, afdoende te beschermen tegen (in dit geval) zedendelinquenten, is het te verwachten dat de burgers tot eigenrichting (willen) overgaan als wordt bekendgemaakt dat zo'n persoon in...

De achterliggende gedachte daarvan is de zogenaamde positieve uitwerking van de sociale controle op de delinquent in een min of meer kleine gemeenschap zoals een buurt. Feitelijk legt de overheid daarmee een groot deel van haar verantwoordelijkheid op de schouders van de buurtbewoners. Een zedendelinquent zou dan goed in de gaten gehouden worden zolang die dan maar in de buurt is.

Maar het is de overheid die moet toezien op de openbare veiligheid en die van het individu. Monitoring door politie of reclassering zal alleen op het moment van melden de zedendelinquent in de gaten kunnen houden. Voor de rest blijft hij uit zicht en kan hij de anonimiteit ook elders zoeken, met alle mogelijke gevolgen vandien.

Dergelijke maatregelen zijn lapmiddelen, want ze zullen niet afdoende werken (de persoon in kwestie komt niet tot 'genezing') en bieden al helemaal geen bescherming voor de maatschappij. In veel gevallen is het een kwestie van tijd wanneer een zedendelinquent weer zal toeslaan en in veel gevallen zal hij na zijn daad de enige getuige (het kind) uit de weg ruimen. Immers, zijn vrijheid staat op het spel.

Zedendelinquenten zijn in feite levende tijdbommen, waar de goegemeente niet aan kan afzien op welk moment of waardoor ze afgaan. Daarom moeten zij net als echte explosieven ook definitief onschadelijk worden gemaakt: levenslange opsluiting (ook omdat het aantal recidivisten onder zedendelinquenten bovengemiddeld is) zonder enige kans op vervroegde vrijlating.

Dat moet ook gaan gelden voor mensen die buiten onze landsgrenzen ontucht plegen met minderjarigen.

ANDIJK G. van Keulen

Dader

Met stijgende verbazing lees ik de reacties van officiële zijde op de gruwelijke gebeurtenissen rondom het meisje Chanel in Assen. Niets over dat het nu eens hoog tijd wordt dat kinderen (en ook vrouwen) beschermd worden tegen onmensen als deze dader. Niets over dat men hier ook zou moeten overgaan op het instellen van zo'n Megan-law als in Amerika. Niets over de rechten van kinderen die dit soort misdaden nooit zou moeten overkomen. Niets over het vreselijke leed dat ouders aangedaan wordt.

Nee, het moet alweer alleen maar gaan over de daders. Dat als ze gemonitord zouden worden, ze geen privacy meer hebben. Laat staan wanneer de buurt kennis zou hebben over de achtergrond van zo'n man. Een hoop geschreeuw van hulpverleners over hun dan zinloze therapie. En de reclassering kan zo'n man dan ook niet meer aan werk en huisvesting helpen.

Nu weten we intussen allemaal dat therapie niet helpt. De meeste daders vervallen in hun oude gedrag of moeten op z'n minst zichzelf veel geweld aan doen om zich te beheersen. Een baan, een huis, een leven na het plegen van zo'n misdaad? Hoezo? Hebben de ouders van het omgekomen kind ook een leven daarna? Zij zouden toch wel de eersten zijn die hiervoor in aanmerking komen.

Pedoseksuelen, zoals ze tegenwoordig genoemd worden, hebben geen recht van spreken, verspelen hun rechten door zich als onmens te gedragen. Hoezo een leven na de daad? Welk recht hebben ze überhaupt nog op een leven? Helaas bestaat de doodstraf (voor hen) niet in Nederland. Maar levenslang opsluiten zou ingevoerd moeten worden.

Tot de jaren zestig zouden deze daders zijn gecastreerd. Nu, dat zou toch minimaal weer ingevoerd moeten worden. En laten we snel starten met het vastleggen van DNA-materiaal van alle inwoners van Nederland.

LEIDENMarjolein v.d. Kroef

Therapie

Wat ik mis in de discussie over of en wie er op de hoogte zou moeten worden gebracht van de terugkeer van een veroordeelde pedoseksueel, is een nuancering in het te volgen beleid. Het moet mogelijk zijn onderscheid te maken tussen veroordeelde pedoseksuelen die wél behandeling willen ondergaan tijdens hun detentie (en bij de reïntegratie in de samenleving) en pedoseksuelen die dat categorisch weigeren.

Zeker wat betreft deze laatste groep is het te rechtvaardigen onze kinderen te beschermen, en politie en reclassering op de hoogte te stellen van de terugkeer, ook al schaadt dat de privacy van deze mensen. Bovendien hélpen we de samenleving daar op een andere manier mee, omdat er hierdoor slachtoffers van te vroege én ongewenste seksuele ervaringen worden voorkomen. Het is bekend dat daders van seksuele misdrijven vaak in hun jeugd ook ervaringen op dit gebied hebben moeten meemaken.

Pedoseksuelen die bereid zijn zich tijdens hun detentie en daarna te laten begeleiden, verdienen een nieuwe kans. Trouwens, waarom is therapie na het plegen van een zedendelict niet verplicht?

ROTTERDAM M.-J. v.d. Poel

Terugkeer

Het commentaar (Forum, 16 augustus) stelt dat je evenwicht moet zoeken tussen de bescherming van de samenleving en het recht van de delinquent op privacy en terugkeer in de samenleving. Ik denk dat je dit recht pas verdient als je geen delinquent meer bent.

Bij delicten waarbij het niet te voorspellen is of iemand ze weer zal plegen, kun je verdedigen dat iemand na het uitdienen van een straf weer een schone lei heeft. Diens terugkeer in de maatschappij is gebaseerd op het voordeel van de twijfel, omdat er niets over recidive te zeggen valt.

Uit het onderzoek van Hutsebaut (de Volkskrant, 16 augustus) blijkt, cru gezegd, dat recidive bij kindermoordenaars niet zozeer een kwestie is van 'of', maar van 'wanneer'. Wie moet er dan het slachtoffer worden van de zieke geest van deze mensen? Willekeurige kinderen, óf de daders zelf, in de zin dat hun recht op privacy en terugkeer in de samenleving verloren gaan? Ik vind dat we deze misdadigers moeten dwingen de consequenties van hun gedrag te dragen. Als dat betekent dat ze met één misstap hun hele toekomst vergooien, is dat hun eigen keuze geweest.

AMSTERDAM Sander Maassen

Levenslang

In het artikel 'Korthals wil toezicht op ontuchtpleger' (de Volkskrant, 14 augustus) staat dat Justitie onderzoek doet naar mogelijkheden om zedendelinquenten te laten volgen door justitie en politie en naar wat mag worden gedaan met gegevens van veroordeelde ontuchtplegers, want de privacy van de delinquent zou in het geding zijn. Ik vind een ethisch verantwoord werkend justitieel apparaat uitstekend, maar bij zedendelicten vind ik die houding te ver gaan. De veiligheid van de burgers, in dit geval van de kwetsbaarsten onder hen, de kinderen, is in gevaar. Ontuchtplegers die hun straf hebben uitgezeten, worden op de maatschappij losgelaten, vallen in herhaling en vermoorden zelfs hun vaak jeugdige slachtoffers.

De wet zou moeten worden veranderd in die zin dat een zedendelinquent/moordenaar niet alleen tot een straf kan worden veroordeeld, maar ook tot verplichte behandeling, tot zich levenslang verplicht te laten volgen door de reclassering en tot voorgeschreven huisvesting in een kinderloze omgeving. Het wordt tijd dat de wetgever de veiligheid van de maatschapij zwaarder laat wegen dan de vrijheid van de ontuchtpleger om in herhaling te vallen.

HILVERSUMI.H. Niemann-Veits

Meer over