Het eeuwige leven

Yvonne Halink (1959-2021) was zangeres in postpunkband en beslechtte ruzies over taal

De eigenzinnige liefhebber van de Nederlandse taal verbeterde die waar ze kon. Haar laatste jaren leefde ze volop in Parijs.

 Yvonne Halink Beeld de Volkskrant
Yvonne HalinkBeeld de Volkskrant

‘Het niet nemen van een coronavaccinatie door zorgmedewerkers kan leiden tot het niet kunnen voorkomen van het besmetten van cliënten.’ Dit vond ze een gedrocht van een zin, vanwege de dubbele ontkenning, naamwoordstijl en voorzetselconstructies. Zij herschreef het zo: ‘Als zorgmedewerkers geen vaccinatie nemen, is er kans dat ze cliënten besmetten.’ Als je een zin twee keer moet lezen om de boodschap te begrijpen, is er iets goed mis met de formulering, was haar credo.

Yvonne Halink was altijd bezig met de Nederlandse taal. Eind jaren tachtig stampte ze de Taallijn, het tekstbureau van de Universiteit van Amsterdam, uit de grond, samen met de toenmalige bestuursleden Rob Grootendorst en Frans van Eemeren. Iedereen kon hier gratis taalvragen stellen.

Daarnaast corrigeerde en redigeerde de Taallijn teksten van bedrijven en instellingen, waaronder reclamebureaus (met klanten als Ikea en Hema), Kluwer, McKinsey, PwC, KvK en KNOV. Na 2000 zette ze dit bureau in Zandvoort voort als zelfstandig bedrijf, samen met Eduard Pieterse, haar partner die ze in haar studententijd op de universiteit had leren kennen.

Halink gaf schrijfcursussen aan het KLM-topmanagement en rechters in opleiding. Ze schreef het standaardwerk Taalbaak (een taalencyclopedie) en het Basisboek Grammatica. Haar missie was teksten van anderen meer impact te geven: ‘de woorden van anderen laten werken’, zoals zij het zelf formuleerde.

Ze had nog veel willen doen, maar ze overleed op 16 april in Valkenburg. ‘Daar waren we een jaar geleden gaan wonen’, vertelt Pieterse, ‘omdat ze zo hield van het Limburgse landschap en om dicht bij haar zus Karin te zijn.’ Vlak daarvoor was kanker bij haar vastgesteld.

Halink werd geboren in Venlo als dochter van chef-kok Joop Halink, die onder meer de scepter zwaaide over de keuken van het toenmalige Evoluon in Eindhoven, waar de topbestuurders van Philips en hun relaties dineerden. Haar moeder werkte in de verpleging en de horeca. Het gezin verhuisde later naar Geldrop, waar ze opgroeide.

Na het vwo besloot ze als 17-jarige naar Parijs te gaan, waar ze eerst werkte als au pair en later de administratie deed bij een stichting die taalcursussen gaf in Frankrijk. Het inspireerde haar bij terugkeer in Nederland talen te gaan studeren: eerst Italiaans, later Nederlandse taal- en letterkunde aan de UvA. Haar entree in Amsterdam verliep niet in stilte. Ze werd actief als zangeres van de postpunkband Extorch, die in Club Mazzo en Paradiso speelde.

Nederlands werd haar passie. Met de oprichting van de Taallijn viel ze met haar neus in de boter. Juist in de jaren tachtig kwam er meer aandacht voor goed taalgebruik. In NRC stelde Halink in 1990 dat de sterk toegenomen belangstelling voor taal wellicht ‘in het verlengde ligt van de hang naar kwaliteit die je ziet in het bedrijfsleven’. Niet alleen herschreef ze talloze teksten, ze trad ook op als arbiter als er weer een taalruzie was uitgebroken over wel of geen punt achter titulatuurafkortingen.

Halink was oorspronkelijk en eigenzinnig, stond nergens van te kijken, kon goed relativeren (met de bijbehorende humor) en had een talent om van mensen te houden. De laatste zeven jaar bracht zij weer veel tijd door in Parijs, waar ze volgens haar vriend Ger-Jan te Dorsthorst een leven leidde ‘vol vriendschap, sport, muziek, oesters en liefde’.