De hospitaaflevering 1

Woningnood in Nederland: de terugkeer van de hospita en de kostganger

Ytzen Lont en huurder Foday Marnoh Sesay in Houten. Beeld Erik Smits
Ytzen Lont en huurder Foday Marnoh Sesay in Houten.Beeld Erik Smits

De woningnood is groot. Op kamers bij een hospita (of hospes) kan uitkomst bieden. In een serie portretteert V vijf verhuurders en hun kostgangers. Om te beginnen in Houten, waar hospes Ytzen Lont een kamer verhuurt aan Foday Marnoh Sesay uit Sierra Leone.

‘Bouwen, bouwen bouwen’, hoor je meestal als het gaat over de woningnood in Nederland. En weinigen betwisten dat er meer huizen nodig zijn. Maar, zoals econoom Mathijs Bouman zegt: ‘We moeten veel origineler nadenken én bereid zijn iets in te leveren op woonkwaliteit. Want een miljoen huizen bouwen, zoals je steeds hoort, dat gaat niet lukken en sowieso is het de komende jaren geen oplossing. Laat de wal het schip maar een beetje keren.’

Een idee dat hij, maar niet alleen hij, daarom voorstaat: ‘We hoeven flink minder te bouwen als we in de huizen die er zijn met wat meer mensen gaan wonen.’

Bouman schreef er onlangs een column over, waarin hij mijmert over allerlei fantasievolle plannen als subsidies voor first dates, geld voor gezelligheidsverenigingen en een Dag van de Voordeurdelende Vrienden. Maar ook een wat prozaïscher suggestie: terug naar de ouderwetse hospita.

Cliché klopt niet

Daar bestaat een weinig aanlokkelijk beeld van: een oude, zure bemoeial die bezoek verbiedt en een geheel van pandemieën losstaande eigen avondklok oplegt. Huisvesting dus die zich slecht met het leven van de gemiddelde jongvolwassene zou verhouden.

Maar dat cliché klopte vroeger vaak al niet en gaat nu al helemaal niet op, zien we in een korte serie portretten die V maakt van huurders en verhuurders en waarvan dit de eerste aflevering is. Het is wel een bijzondere leefvorm, die – afhankelijk van de beschikbare ruimte én wensen van partijen – intiem kan zijn. Het is zoeken naar de juiste verhoudingen, maar vaak verrijkend werken voor de jongere én oudere generatie.

Voorlopig bewegen we nog volop de andere kant op. Bouman wijst op de explosieve stijging van het aantal eenpersoonshuishoudens: van 17 procent begin jaren zeventig naar 39 procent nu en een verwachte 43 procent in 2040. ‘Het komt deels doordat we minder kinderen krijgen, door een toename van het aantal scheidingen en doordat weduwen langer leven en thuis wonen. Maar ik denk dat individualisering en hogere wooneisen ook een rol spelen.’ Want we nemen heel wat ruimte in. De gemiddelde Nederlander heeft volgens het CBS 65 vierkante meter ter beschikking, de alleenwonende zelfs 88.

Financieel aantrekkelijk

Bouman vindt dat de overheid verhuur financieel aantrekkelijk moet maken. ‘Ik geloof altijd erg dat, als je Nederlanders financiële stimulans geeft, ze het gewenste gedrag gaan vertonen. Later gaan ze het dan ook normaal en leuk vinden. Dan worden onze normen en waarden eraan aangepast’

Inkomen uit kamerverhuur is nu tot 5.668 euro vrijgesteld. In de praktijk komt dat neer op één verhuurde kamer. Dat zou hoger kunnen. Verder kunnen hypotheekverstrekkers moeilijk doen over verhuur. Dat is opgelost als de overheid regelt dat kamerverhuur automatisch stopt bij verkoop.

De jij-bak ook nog even voorgelegd: is Bouman zelf van plan om een kamer te verhuren? ‘Ja hoor, zodra de kinderen uit huis zijn.’

Hospes Ytzen Lont en huurder Foday Marnoh Sesay in Houten-Zuid

‘We hebben nooit ruzie’, zegt Foday Marnoh Sesay (30). ‘Ja, een keer een misverstand.’

‘Bedoel je met de doos?’, vraagt Ytzen Lont (65).

Marnoh Sesay: ‘Ik koop soms palmolievet.’

Lont: ‘Oh, zat dat erin?’

Marnoh Sesay: ‘Hij had de prullenbak op die doos gezet.’

Lont: ‘Er stonden allerlei spullen langs de verwarming. Ik kon de doekjes er niet op hangen. Ik dacht: ik zet die doos even opzij.’

Marnoh Sesay: ‘Dat is eten van mij, een prullenbak erop, dat vind ik een vies idee.’

Lont: ‘Toen hij uitlegde wat hem dwars zat, snapte ik het wel.’

Marnoh Sesay, elektrotechnicus van beroep, groeit inmiddels eigenlijk ook wel uit zijn kamer, zegt Lont. Hij woont al zeven jaar bij Lont boven. Marnoh Sesay: ‘Ik zoek een eigen huis, maar je komt er niet tussen. Soms wordt er een ton overboden, ik doe daar niet aan mee.’

Zijn kamer staat, met een bankstel aan zijn voeteneind, propvol. Lont: ‘Vaak is het natuurlijk de rijkere oudere en een arme jongen. Maar Foday leeft op veel grotere voet dan ik. Ik zit in de leenbijstand, hij heeft een goede baan.’ De huur wordt van de leenbijstand afgetrokken en zo bouwt Lont minder schuld op.

Ytzen Lont, verhuurder in Houten. Beeld Erik Smits
Ytzen Lont, verhuurder in Houten.Beeld Erik Smits

Lont: ‘Gister zag ik een vriezer naar boven gesjouwd worden. Terwijl ik vorig jaar al een nieuwe koelkast heb gekocht met een vriezer erbij van 111 liter, speciaal voor Foday.’

Van de vijf huurders die Lont in twintig jaar heeft gehad, kwamen de laatste vier uit Sierra Leone. De eerste keer was dat toevallig, via een bemiddelingsbureau, daarna ging het via via.

‘Toen ik besloot om te verhuren met gebruik van keuken, had ik ook niet met de Afrikaanse keuken rekening gehouden. Zelf ben ik in vijf minuten klaar met een magnetronmaaltijd. Ik kook alleen als er bezoek komt. Maar er heeft hier regelmatig iemand de hele dag staan koken vanaf 9 uur ’s ochtends.’

Lont: ‘Ik heb dit huis in 1997 gekocht. Ik claim de eerste inwoner van Houten-Zuid te zijn, de eerste dag van de oplevering trok ik erin. Na een paar jaar ging ik erop achteruit in inkomen. Ik was zelfstandige, deed secretariaat en tekstredactie voor gemeenten en instellingen. Er kwam een financiële crisis en ik heb een psychische achtergrond waardoor ik niet de energie had om er een schepje bovenop te doen. Sinds 2014 zit ik in de bijstand. Maar dat inkomen mag de aanleiding zijn geweest, het was voor mij ook een principieel punt: al die lege ruimte overal in Nederland.’

‘De beslissing om te gaan verhuren heeft een enorme impact gehad op mijn leven. Met de eerste huurder ben ik drie weken naar Sierra Leone geweest. Het is een van de armste landen ter wereld. Maar ik zei tegen mezelf: Ytzen, je komt hier niet om te helpen, misschien niet eens om het te begrijpen, alleen om mensen te ontmoeten. Ik heb daar enorm veel mensen leren kennen.’

Foday Marnoh Sesay in Houten Beeld Erik Smits
Foday Marnoh Sesay in HoutenBeeld Erik Smits

‘Met twee jongens heb ik nog contact. Ik was bevriend geraakt met hun moeder en die is overleden bij een operatie. Uncle Jazen, zo spreken zij mijn naam uit. De oudste probeert aan werk te komen, de jongste zit voor zijn examen. Je probeert ze er soms mentaal een beetje door te slepen.’ Tegen Foday: ‘Twee weken geleden zat ik te janken, hè, bij jou op de kamer?’

Marnoh Sesay zelf is twee jaar terug nog één keer teruggeweest in Sierra Leone. Kort, toen zijn vader plots overleed, voor de begrafenis. ‘Ik was juist van plan om een jaar daarop te gaan om hem te zien.’

Lont: ‘We praten veel over Sierra Leone.

Marnoh Sesay: ‘Als ik aan het koken ben.’

Lont: ‘We zijn geen huishouden. Vanwege corona hebben we ook een jaar afstand gehouden. Maar als we praten, als hij thuiskomt of voor het slapengaan wanneer hij nog even afwast, dan komen we niet meer van elkaar af. Ook over geloof, politiek, familie.’

Marnoh Sesay: ‘Ik ga elke zondag naar de kerk in Amsterdam-Zuidoost.’

Lont: ‘Over politiek heeft Foday vaak een heel uitgesproken mening, waar ik het helemaal niet mee eens ben. Er waren momenten dat ik dacht: die is gewoon helemaal Trumpiaans.’

Marnoh Sesay: ‘China steelt ideeën van Europeanen en die treden daar niet tegenop. Trump maakte ook fouten in zijn internationale beleid, maar dát deed hij wel.’

Lont: ‘Ik ben geen hulpverlener. Misschien een sociale huurbaas, maar gewoon een huurbaas. Toch denk ik dat je wel een positieve invloed kunt hebben op jongeren die van je huren. Doordat er iemand verantwoordelijk is voor die vier muren om ze heen. Ik heb er zelf ook iets aan. Niet zo zeer het gezelschap, hoe prettig dat ook is. Het is meer dat ik door mijn gezondheid lang niet alles in mijn leven heb kunnen bereiken wat ik wilde. Dat er door iemand anders volop wordt geleefd in dit huis, doet mij goed. Foday is het aan het maken. En dat vind ik mooi.’

Marnoh Sesay: ‘Ytzen is iemand die veel rust nodig heeft en dat heeft mij gedwongen om ook rustiger te worden. In het begin vond ik het lastig om me daaraan aan te passen. Ik houd van muziek, hiphop en r&b. Maar uiteindelijk vond ik het win-win.’

Hij zoekt nu een huis in de buurt en niet in de regio Amsterdam waar zijn moeder en zijn vrienden wonen. ‘Daar is het altijd druk, druk. Als ik bij mijn moeder ben, ben ik bijna nooit thuis. Dan komt steeds weer een vriend aanbellen en je kan niet weigeren. Dat is de Sierra Leoonse cultuur. Ik vind het eigenlijk wel fijn als mensen eerst een afspraak maken. Ze zeggen dat ik een beetje verkaasd ben.’

Hospitakamer verhuren?

De regels voor hospitaverhuur verschillen per gemeente. Sommige hebben bijvoorbeeld een maximum aan het aantal verhuurde kamers gesteld in bepaalde buurten. Als je in een koophuis met een hypotheek woont, moet je nagaan of het wel past in je overeenkomst met de verstrekker. Huur je zelf, dan zou het kunnen dat jouw huisbaas onderhuur verbiedt. Daarnaast zijn er allerlei algemene regels. Zo kun je na een proeftijd van 9 maanden als verhuurder niet meer zonder dwingende reden de huur opzeggen. Het is dus verstandig om van tevoren een termijn af te spreken.

Meer over