Wiedoetwat

Wie wast af, wie zet de vuilniszak buiten en wie stofzuigt? Bij de schoonmaak is actrice Rifka Lodeizen het knechtje, haar partner Caspar Weijers is de chef....

Toen ze nog alleen woonde, actrice Rifka Lodei zen, kende het huishouden zo zijn eigen dynamiek. Als het stof na een paar weken vanzelf onder de bank en de stoelen vandaan kwam, bij reële vlokvorming zeg maar, kwam ze in actie. Dan pakte ze de stofzuiger.

Behendig laverend om de stapels boeken en papieren die zich her en der door het huis gevormd hadden. Maar sinds een klein jaar geleden televisie-redacteur Caspar Wijers bij haar introk, is de knusse bovenwoning in Amster dam-West behoorlijk opgeknapt. Caspar is van de regelmaat; iemand die stofdoeken in huis haalt en eens per week overgaat tot operatie Clean-Sweep.

'Hij is de chef, ik ben het knechtje', zegt ze. Hoe wel ze met plezier de spullen aan de kant zet en even een stoel optilt als hij met de stofzuiger voorbijkomt.

'Hier, de televisie', zegt Wijers, 'je ziet het stof gewoon liggen.'

'Ja, dat komt omdat de zon er nu op schijnt', luidt het verweer. 'Dat is killing, dat weet jij ook.' Het probleem is niet dat ze niet wil. 'Ik zíe het gewoon niet', zegt ze. 'Of in ieder geval minstens een week later dan jij. En ik ben slecht in hoekjes.'

Even leek het voor onrust te zorgen in huize Lodeizen-Wijers. 'Ik moet ook alles doen' ze hoorde het hem wel zeggen toen hij met emmer en mop voorbijkwam, maar echt tot haar doordringen deed het niet.

Later is er een soort van taakverdeling ontstaan.

'Ik was af', zegt zij.

'Dat is waar', zegt hij.

'Ik maak nog steeds overal stapels', zegt ze. 'Vooral met papieren.'

'En die ruim ik dan weer op', zegt hij.

Boodschappen doen ze samen. Op de markt, bij Albert Heijn, bij de groene winkel om de lege fles afwasmiddel onder een tapje bij te vullen.

'Duurt een uur', zegt Wij ers, maar ik vind het wel een mooie insteek: Ecover alles wat leeft, blijft leven. Ook de bacteriën. Maar als je er daarna nog even met chloor, ammoniak of spiritus overheen gaat, is er niks aan de hand.'

De planten hebben ze onderverdeeld. Zij de amaryllis, hij de dracaena, zij de potpalm En de hangplant voor het raam?

Caspar knikt.

'Oh, dan doen we die dubbel', zegt ze. Wat aan het slappe, gele blad ook wel enigszins valt af te lezen.

'Wassen doe ík', zegt Wijers. 'Wassen vind ik mooi. Dat zachte gerommel van de machine op de achtergrond. We hebben een waslijn op het balkon, maar om zo'n rek zo efficiënt, zo vol mogelijk te hangen, dat vind ik geweldig.'

'Ik stop de was er weleens in', zegt zij. 'Maar Caspar hangt het altijd op. Caspar heeft talent.'

'Zij doet het in knoedels. Ze schudt het niet uit.'

Er gaat een blik over en weer van wederzijds begrip een milde blik. Ze hebben talent voor samenwonen, dat is ontegenzeggelijk waar. Alleen die troepjes van haar, daar kan hij slecht tegen. 'Het huis ís al zo vol', zegt hij, 'en zij zet overal nog dingetjes neer. Ik haal ze weleens stiekem weg.'

'Valt mij toch niet op', moet ze toegeven.

'Dit bijvoorbeeld', zegt Caspar en hij wijst naar een blikken trommeltje dat midden op tafel staat. 'Heb je op de rommelmarkt gekocht, toch? Leuk ding, maar wat móet je ermee?!'

'Daar hebben kerstlampjes in gezeten', klinkt het verongelijkt. 'Maar er kan ook suiker in. Of koekjes. Of snoep.'

En wat zít erin?

Wijers tilt het deksel op. 'Stof', zegt hij. En hij doet het deksel er weer op.

Meer over