mijn coronajaarZhang Hai

Waar andere nabestaanden in Wuhan opgeven, gaat Zhang door: zijn vader zal gewroken worden

- Beeld Ruben Lundgren
-Beeld Ruben Lundgren

Zijn vader stierf onnodig in een ziekenhuis in Wuhan. Nu gaat Zhang Hai de strijd aan met de Chinese zwijgcultuur.

‘Mijn vader was lid van de Communistische Partij en hij was een veteraan van het Chinese Volksbevrijdingsleger. Maar ik denk dat hij me zou steunen in wat ik doe. Hij was een integer man, hij hield niet van mensen die uitvluchten verzinnen. Hij heeft zijn hele leven bijgedragen aan dit land, maar is door toedoen van de overheid van Wuhan op een ellendige wijze aan zijn einde gekomen. Hij zou hebben gewild dat daarvoor verantwoording wordt afgelegd.’

Zhang Hai vertelt het ingetogen, op de bank in een hotelkamer, de enige plek waar hij zich veilig genoeg voelt om met buitenlandse media te praten. Zijn huis wordt in de gaten gehouden door de lokale politie en hij wordt geregeld op het matje geroepen. Zijn auto en telefoon staan op politielijsten, zodat de overheid weet wanneer hij in Wuhan komt. Het is de prijs die je betaalt als je in China ten strijde trekt tegen de overheid.

Mijn coronajaar

Hoe greep corona in op onze levens? Het jaar gevat in twaalf interviews, van de gevallen minister die voor één keer zijn verhaal doet tot de virusjager die het virus net niet ontdekte en van de verhuurder van privéjets (die zijn beste omzet ooit draaide) tot de bestrijder van nepnieuws in Zuid-Soedan.

‘Ik weet dat wat ik doe waarschijnlijk niets zal uithalen, maar het is de enige manier waarop ik mijn leven kan voortzetten. Telkens ik aan mijn vader denk, voel ik spijt. Spijt en woede, alles door elkaar. Ik had mijn vader niet naar Wuhan moeten brengen. Ik heb het gevoel dat ik hem de dood heb ingejaagd. Ik weet dat het mijn schuld niet is, maar zolang er niemand verantwoordelijk is gesteld, kan ik dit niet laten rusten. Ik zal nooit opgeven, hoeveel bedreigingen ik ook krijg.’

Een jaar geleden was Zhang Hai (50), geboren in Wuhan en woonachtig in Shenzhen, zo’n duizend kilometer zuidelijker, nog een doodgewone vastgoedmakelaar die niets te maken had met politie of overheid. Zijn vader Zhang Lifa (76), een veteraan die ooit meewerkte aan atoomproeven, was uit Wuhan verhuisd en bij hem ingetrokken. De oude Zhang leed aan alzheimer, maar vader en zoon hadden het goed. Tot Zhang senior op 16 januari zijn dijbeen brak en de zorgverzekering alleen een operatie in thuisstad Wuhan wilde vergoeden.

Op 17 januari bracht Zhang zijn vader naar Wuhan. Achteraf zou dit een fatale beslissing blijken.

‘Bij aankomst in Wuhan was alles normaal’, zegt Zhang. ‘Niets deed vermoeden dat er iets aan de hand was. De vakantie kwam eraan, mensen deden boodschappen en maakten zich op om Oudjaar te vieren. De sfeer was aangenaam. Ook in het ziekenhuis leek er niets aan de hand. De operatie ging goed, en mijn vader leek prima te herstellen. Maar drie dagen na de operatie kreeg hij koorts. Hij werd kortademig en kreeg een zuurstofmasker. Het was pijnlijk om hem zo naar adem te zien snakken. Het leek alsof hij aan het verdrinken was.

‘Ik had toen nog niet door dat hij covid-19 had. Op 20 januari, de dag van mijn vaders operatie, had Zhong Nanshan (de Chinese Jaap van Dissel, red.) voor het eerst erkend dat er mens-op-mensoverdracht was. Ik zag het nieuws terwijl ik in de wachtzaal zat. Iedereen ging in allerijl mondkapjes kopen, de sfeer sloeg om. Ik overwoog mijn vader uit het ziekenhuis te halen, maar hij was net geopereerd, hij kon niet bewegen. En ik had mondkapjes gevonden, voor mezelf en voor hem. Ik dacht hij daarmee beschermd was. Er was nog zo veel dat we niet wisten.

‘Op 29 januari werd mijn vader getest, een dag later kreeg ik het resultaat: positief. Hij moest meteen naar een isolatieafdeling waar alle artsen en verpleegkundigen beschermingspakken droegen. Mijn vader was nog amper bij bewustzijn, hij heeft het zelf nooit geweten. Een dag later raakte hij in coma en kort daarna is hij overleden, op 1 februari om 17.28 uur. Het laatste wat hij tegen me zei, was: ‘Ik wil niet sterven. Vraag de dokter alsjeblieft om me te redden.’

‘Ik mocht de isolatieafdeling niet betreden, maar ik heb het toch gedaan. Ik heb mijn vader zijn grafkleren aangetrokken en bij hem gewacht tot de begrafenisondernemer kwam. Ik moest verschillende keren bellen, ze hadden niet genoeg auto’s om alle lichamen op te halen. Toen de lijkwagen uiteindelijk kwam, lag er al een lichaam in. Het toont aan dat er veel meer doden zijn gevallen dan het officiële aantal, misschien wel twee keer zo veel. Maar ik moet opletten wat ik zeg, want ik heb geen bewijzen. Ik mag geen uitspraken doen waarop ze me kunnen pakken.

- Beeld Ruben Lundgren
-Beeld Ruben Lundgren

‘Na de dood van mijn vader voelde ik me ellendig. Wuhan was in lockdown; ik was alleen in zijn huis. Ik begon op internet informatie te zoeken en ontdekte dat de overheid in Wuhan al veel langer van het virus wist. Ik las over de waarschuwingen van dokter Li Wenliang, die door de lokale overheid als geruchten waren bestempeld. Ik was zo kwaad: als ze die informatie niet hadden verzwegen, had ik mijn vader niet naar Wuhan gebracht en was hij niet gestorven.

‘Achteraf bekeken is mijn vader waarschijnlijk bij aankomst in het ziekenhuis besmet. Dan moet je je registreren en sta je tussen de andere patiënten. Niemand had een mondkapje op. Veel ziekenhuizen wisten toen al van het virus, maar mochten die informatie niet verspreiden van de lokale instanties. Ik heb bewijs dat in één ziekenhuis eind december al 52 medewerkers waren besmet. In sommige ziekenhuizen wilde het personeel maskers dragen, maar zeiden hun bazen: maskers zorgen voor een gespannen sfeer, wil je dat ik mijn baan verlies?

‘In China zijn bestuurders altijd erg gericht op hoe ze overkomen. Ze zijn bang dat negatief nieuws hun carrière in gevaar kan brengen. Toen het virus opdook, was hun eerste reactie dan ook om het te verbergen. Ze hoopten het in stilte op te lossen en durfden niet toe te geven dat ze het niet meer onder controle hadden. Toen de ernst van het probleem van hogerhand werd erkend, stortte het gezondheidssysteem in Wuhan meteen in, wat aantoont hoe wijdverspreid het virus toen al was.

‘Ik begon me eerst uit te spreken op Weibo (de Chinese Twitter, red.), en ik kwam in contact met andere nabestaanden. Mijn berichten werden miljoenen keren gelezen, maar toen werd mijn account afgesloten. In juni heb ik besloten de overheid aan te klagen: het stadsbestuur van Wuhan, het provinciebestuur van Hubei en de directie van het ziekenhuis. Het is doordat zij informatie achterhielden dat zo veel mensenlevens verloren zijn gegaan. Dat is crimineel en moorddadig gedrag.

‘Sindsdien moet ik af en toe op de thee bij de politie. Ze willen niet dat ik met buitenlandse media praat. Dan zeg ik: prima, als je een interview in binnenlandse media voor me regelt, stop ik ermee. Onlangs moest ik op gesprek omdat ik een open brief aan president Xi online had gezet. Die werd natuurlijk meteen verwijderd. Ze zeiden dat ik een brief mocht schrijven, maar die op legale wijze moest versturen. Ik zei: nou, geef me zijn adres maar. Dat is er natuurlijk niet.

‘Ze kunnen me niet veel maken. Ik heb geen familie, ben gestopt met werken; ik ben een arme maar brandschone man. Maar veel nabestaanden staan onder enorme druk. Een van de advocaten die mij helpt, woont in de VS, maar de politie valt zijn familie die nog hier woont lastig. Ze hebben ervoor gezorgd dat zijn vader is ontslagen en dreigen zich te bemoeien met de eindexamens van de jongeren in de familie. Dat is verachtelijk. Veel nabestaanden in Wuhan durven geen interviews meer te geven.

‘Bij mij werkt dat niet. Hoe meer je me bedreigt, hoe harder ik me verzet. Dat heb ik van mijn vader. Hij was een harde man. Hij sloeg me als kind, zo ging dat toen. Achteraf ben ik hem daar dankbaar voor, want het heeft me weerbaar gemaakt. Het is dankzij hem dat ik dit aankan.’

Zhangs verhaal is niet onafhankelijk te verifiëren, in een land waar overheidsinstanties niet op vragen reageren en artsen een spreekverbod hebben gekregen. Maar Zhang heeft zelf zo veel mogelijk bewijzen verzameld. Hij houdt ze bij in een grote map: zijn vaders overlijdensakte, de brieven aan Xi, de verzoekschriften aan de rechtbanken en ontvangstbevestigingen. Hij toont video’s van politieagenten die hem naar het bureau sommeren. Zijn verhaal wordt ook onderbouwd door dat van andere nabestaanden. Met dit verschil: waar zij opgeven, gaat Zhang door.

null Beeld

‘Ik weet dat mijn aanklacht geen kans maakt. De lokale en provinciale rechtbank hebben mijn zaak geweigerd, ik ben nu naar het hooggerechtshof gestapt. De boodschap van de rechters is: zolang het covid-19-gerelateerd is, willen we het niet. Ze weten dat als ze mijn zaak aannemen, duizenden nabestaanden zullen volgen. Ze willen ook niet dat mensen dit te weten komen. Dus probeer ik zo veel mogelijk aandacht te genereren. Als ze mijn klacht niet behandelen, dan geef ik interviews en breng ik hen in verlegenheid.’

‘De overheid zegt dat het anti-Chinees is wat ik doe, maar daar ben ik het niet mee eens. Ik hou van dit land, en juist daarom dring ik aan op verantwoording. Alleen als de schuldigen worden veroordeeld en gestraft, kan dit land beter worden.

‘Na de lockdown kreeg ik bericht dat ik mijn vaders as mocht ophalen, maar alleen onder begeleiding van iemand van de overheid. Het is duidelijk dat die ‘begeleiding’ eigenlijk een vorm van controle is. Ze willen niet dat nabestaanden met elkaar in gesprek raken, want dan zouden die misschien hun krachten bundelen. De overheid is van niets banger dan van mensen die zich verenigen om hun belangen te verdedigen.

‘Veel families wilden die begeleiding niet, maar zijn uiteindelijk akkoord gegaan. Ze werden onder druk gezet, en ze kregen korting op een graf. Als nabestaande wil je je familielid geen graf ontzeggen. Maar ik weiger akkoord te gaan. In de Chinese traditie is het begraven van de as een privézaak. Ik wil in vrede afscheid kunnen nemen van mijn vader, en hem vertellen dat het me spijt dat ik hem naar Wuhan heb gebracht. Ik wil daar zeker geen buitenstaander bij.

‘Toen ik onlangs naar Wuhan terugging, merkte ik dat ik gevolgd werd. Ik werd eerst door mijn wijkcomité gebeld, en toen ik bij een vriend ging logeren, kwam de politie daar de camerabeelden controleren. Ik denk dat mijn telefoon en mijn auto gesignaleerd staan. Als ik mijn vaders as alleen wil begraven, zal ik me goed moeten voorbereiden. Ik zal mijn telefoon moeten thuislaten, een auto van iemand anders moeten lenen en ongemerkt naar Wuhan rijden, zodat ik onverwacht in het crematorium kan opduiken. Anders zal de overheid klaarstaan.

‘Ik heb thuis een foto van mijn vader. Af en toe steek ik drie sigaretten aan, zet ze in een kommetje rijst en laat ze dan langzaam voor zijn foto opbranden. Dat is nu mijn enige manier om hem te herdenken. Maar ik hoop dat ik hem ooit in alle rust kan begraven en dat ik hem tegen die tijd kan vertellen dat de schuldigen gestraft zijn. Anders zal ik me de rest van mijn leven schuldig blijven voelen.’

Zhang Hai (50) was vastgoedmakelaar in de Chinese miljoenenstad Shenzhen. Hij is gestopt met werken en richt zich nu volledig op zijn juridische gevecht met de Chinese overheid. 

Een reconstructie van het jaar waarin alles veranderde

Een nieuw normaal, wankelend beleid en dat ene hamstergebaar: scroll langs de belangrijkste momenten van het afgelopen coronajaar.

Meer over