Volkslied zonder woorden kost Spaanse overheid een lieve cent

Spanje heeft eindelijk een echt volkslied. Bij officiële gelegenheden werd tot nu toe de Spaanse Koninklijke Mars gespeeld, maar dat was niet meer dan een goede gewoonte, die op geen enkele wijze wettelijk was voorgeschreven....

Van onze correspondent

Cees Zoon

MADRID

De Himno Nacional zal verplicht gespeeld moeten worden bij elke plechtigheid waar de Spaanse koning of de premier acte de présence geven.

Bijna een eeuw lang heeft Spanje een beetje aangemodderd. De Spaanse Koninklijke Mars, of ook wel de Mars der Grenadiers, had geen enkele status. De mars is in 1908 gecomponeerd door Bartolomé Pérez Casas, die zich baseerde op een oude militaire mars uit 1770.

Het nieuwe statussymbool heeft een lieve cent gekost. De Spaanse overheid wilde graag eigenaar worden van de auteursrechten van de mars en moest daarvoor een bedrag van 130 miljoen peseta (een kleine twee miljoen gulden) betalen aan de erfgenamen van de componist. Maar tot dusver moest Madrid de familie royalties betalen voor elke keer dat de mars ten gehore werd gebracht.

Volkslied is niet de meest geëigende benaming voor de kersverse nationale hymne: je kunt hem niet zingen. Het is een van de weinige nationale hymnen in de wereld die het zonder woorden moeten stellen. Dictator Francisco Franco liet kort nadat hij aan de macht kwam een tekst schrijven voor de mars. Die werd echter in 1970 voorgoed geschrapt omdat de woorden een te nadrukkelijk fascistisch karakter hadden.

De mars stond tijdens de bijna veertig jaar lange dictatuur van Franco overigens op het tweede plan. De generaal en zijn getrouwen gaven altijd de voorkeur aan het lied van de Movimiento, de fascistische eenheidspartij van Spanje. Het Cara al sol (Gezicht naar de zon) had wel een tekst, en die liet geen twijfel bestaan over de heersende ideologie: wie hem zong, strekte zijn hand in de Hitlergroet.

Vorig jaar spanden nostalgische Franco-aanhangers een proces aan tegen een filmregisseur die Cara al sol in een speelfilm gebruikte. Hij deed dit zonder toestemming van de erfgenamen van de Movimiento, die het auteursrecht op het lied opeisten. De rechter stelde hun in het ongelijk en bepaalde dat het lied vrij van rechten is omdat het deel uitmaakt van het 'nationaal erfgoed'.

Het decreet van de regering maakt twee versies van de nationale hymne officieel. De lange, van exact 57 seconden, moet gespeeld worden wanneer de koning of de koningin een plechtigheid bijwonen of bij ceremonies waar 'eer bewezen wordt aan de vlag'. Voor alle andere gelegenheden, zoals voetbalwedstrijden, kan worden volstaan met de korte versie van 27 seconden.

Premier Aznar en zijn rechtse Partido Popular hebben zich grote moeite getroost om een eind te maken aan Spanje als volksliedloos land. Het decreet legt tot in de finesses vast waar en hoe de hymne moet worden gespeeld en hoe de luisteraars zich dienen te gedragen. Zo wordt bij wet bepaald dat de toehoorders dienen op te staan en 'een respectvolle houding' aan te nemen.

Het decreet kan tot fricties leiden in kringen van de nationalisten in bijvoorbeeld Baskenland en Catalonië. Het bepaalt dat wanneer de Spaanse koning of de premier aanwezig zijn bij plechtigheden in de deelstaten, eerst de nationale hymne moet worden gespeeld en pas daarna het lokale volkslied ten gehore mag worden gebracht. De nationalisten, immer uiterst gevoelig voor symboliek, zullen premier Aznar de voorschriften van de nationale hymne niet in dank afnemen.

Meer over