Week uitWalter van den Berg

Van vreselijke online vergaderingen naar een mooi livegesprek: de week van Walter van den Berg

null Beeld Erik Smits
Beeld Erik Smits

De week is weer voorbij. Met schrijver Walter van den Berg (50) nemen we de hoogte- en dieptepunten door.

Walter van den Berg, schrijver van de romans West, Schuld en Ruimte, heeft naast het schrijven ook nog een baan als freelancecopywriter. Dat zou je een dieptepunt kunnen noemen, maar zo is het niet, of beter gezegd, zo is het nu eenmaal, gezegend zijn zij die van hun boeken kunnen bestaan. En dus wordt zijn dagelijks brood op dit moment verzorgd door een bekende bank. En dan komen we meteen bij het dieptepunt, want die banken organiseren, hoe zeg je dat aardig, ‘heel veel vergaderingen.’ Die zijn momenteel allemaal online, en dan loop je al snel tegen een batterij sociale onhandigheden aan. Walter: ‘Normaal zie je elkaars lichaamstaal. Als iemand dan een lang verhaal ophangt en je wil diegene duidelijk maken dat dat niet nodig is, dan zeg je gewoon iets als: ‘O, maar ik dacht...’ En dan wordt de aandacht vanzelf verlegd. Maar nu zíé je die poging iemand te onderbreken niet, ook omdat de software ervoor zorgt dat er zo weinig mogelijk ruis door zo’n monoloog heen komt. En dan hoor ik mezelf dus de hele tijd hikken van: ja maar... ja maar...’

Ja, en dan voelt hij zich dus meteen onbeleefd, want om iemands aandacht te trekken moet je dan eigenlijk iets roepen als: hállo, mag ik even’, en dat moet je net liggen. Als er niet wordt vergaderd wordt er trouwens wel gescrumd, een kantoording waarbij het hele team ’s ochtends samenkomt om elkaar te vertellen wat ze die dag gaan doen, waarmee de stelling dat introverte mensen in tijden van Teams aan de laatste speen liggen definitief bewezen is.

Zo verschrikkelijk als online meetings zijn, zo intens plezierig zijn dan ineens de gesprekken die live plaatsvinden, tussen gelijkgestemden, in dit geval in de beschutting van de Amsterdamse Desmet Studio’s waar Walter deze week te gast was bij het radioprogramma Nooit Meer Slapen. Een uur lang sprak hij daar over schrijven, over boeken, over het vak en over het proces, zonder dat iemand hem wilde onderbreken of vice versa, omdat er werkelijke interesse bestond voor datgene dat werd uitgewisseld. En toen hij ’s avonds terugreed naar zijn Betuwse dorpje Heesselt, door het donker, nog nagloeiend, met zijn vrouw en zijn hond en een goeie Netflixserie in het vooruitzicht, toen dacht hij ineens: tóch goed, dat ik schrijver ben geworden.

Meer over