PostuumGuus van Waveren 1933-2021

Tv-regisseur met omvangrijk oeuvre haalde zijn inspiratie in de Dapperstraat

Guus van Waveren bleef als regisseur altijd een straatjochie uit de Dapperstraat, een verhalenverteller wars van pretentie, die bovenal goed kon luisteren.

Guus van Waveren. Beeld .
Guus van Waveren.Beeld .

Zelf dacht Guus van Waveren dat hij 52 zou worden. Het straatjochie van een jong gescheiden moeder uit de Amsterdamse Dapperbuurt schopte het tot tv-regisseur met een omvangrijk oeuvre. Op 11 juli overleed hij in Hilversum, 88 jaar oud.

Van Waveren begon zijn loopbaan als bankbediende. Dat beviel niet, waarna hij avondonderwijs volgde op de Kunstnijverheidsschool en reclametekenaar werd. In 1962 kwam hij als kabelsjouwer bij de televisie. Hij werkte zich snel op tot cameraman en, later, opnameleider en regisseur.

Omdat het televisievak nog moest worden uitgevonden, ontwikkelde hij zijn eigen methode, beschrijft collega en vriend Cees van Ede in tijdschrift Argus. Die werkwijze kende twee pijlers: Van Waverens gevoel voor compositie en zijn intuïtie, waarmee hij zijn onderwerpen benaderde. De Dapperstraat bleek een goede leerschool. Wars van kapsones wist hij met vrijwel iedereen snel contact te krijgen.

Van april 1967 tot de VUT in 1994 maakte hij honderden producties voor de NTS en later NOS. Met name op het terrein van kunst en cultuur: rubrieken als Cinevisie, Nederland C en Openbaar Kunstbezit en documentaires over onder meer Marte Röling, jazz en amusement tijdens de Tweede Wereldoorlog. Na zijn pensioen maakte hij portretten voor Avro’s Close Up, onder andere van Willy Alberti en Willem Duys.

‘Het waren niet allemaal meesterwerken en ook heeft hij er geen Gouden Kalveren mee gewonnen. Wel waren het programma’s waar de liefde en de betrokkenheid voor het onderwerp vanaf straalden’, aldus Van Ede.

‘Boven alles was Guus een verhalenverteller’, zegt Martin de Vries, die hem veertig jaar geleden ontmoette en als editor tientallen producties met hem draaide. Pas op late leeftijd debuteerde Van Waveren als auteur met Weerzien, een autobiografisch boek over zijn jeugd in de Dapperbuurt.

De Vries roemt Van Waverens oog voor detail, maar bovenal een bijzonder ontwikkeld gehoor. ‘Hij kon heel goed luisteren, wat hem een goede interviewer maakte.’ Dat ging zonder voorgesprekken of vragenlijstjes, altijd spontaan. ‘Soms riep ik: ‘Wacht even, Guus!’ Maar dan draaide hij al. En dat leverde vaak de beste beelden op.’ Hoewel wars van pretentie zocht Van Waveren wel naar erkenning – die hij niet altijd kreeg. Bij de regisseurskaste van de artistieke ‘coltruien’ zou hij nooit horen.

Zijn vrouw Lucie zag Van Waveren voor het eerst in 1955 tijdens een jazz-avond in het Concertgebouw. Ze trouwden in 1961 en kregen samen drie kinderen. In 1975 verhuisde het gezin vanwege de tv naar Hilversum.

Eveneens in het Concertgebouw, zo beschreef Van Waveren later, raakte hij Lucie ruim vijftig jaar later kwijt. In de garderobe, letterlijk, maar vooral figuurlijk. Het bleek het eerste voorteken van de dementie die haar laatste jaren zou overschaduwen. Hij zocht haar frequent op in het verpleeghuis in Weesp, waar ze tot haar overlijden in 2014 verbleef. Haar aftakeling legde hij liefdevol vast.

Zelf bleef hij aanvankelijk levenslustig: had zijn krant, ging op pad met vrienden en naar de film. Maar als man alleen was hij onthand. Hoewel hij in zijn werkzame leven in progressieve kringen verkeerde, was de rolverdeling thuis traditioneel, zegt oudste dochter Marit. ‘Mijn moeder was mijn vaders basis. Hij kon nog geen ei bakken.’

In 2016 werd Van Waveren afhankelijk van nierdialyse. Humor was zijn wapen tegen narigheid. Toen hij 80 werd, ging hij nog op z’n kop staan om voor zichzelf Lang zal hij leven te zingen. Een filmpje ervan zette hij op Facebook, waar hij vaker publiekelijk herinneringen ophaalde.

Corona bleek een grote beperking voor zijn sociale leven, voorzichtig als hij was. De laatste maanden kon hij zijn fysieke verval niet meer ontkennen. Dochter Marit: ‘Als hij had gekund, was hij doorgegaan. Maar het was op. Hij is gekomen en gegaan tijdens een crisis. Daartussen was het een rijk leven.’

Meer over