'Tussen oudjes van 1900 en jonkies nu is veel langzaam veranderd'

Van alle Nederlandse vrouwen die nu veertig jaar zijn, leven er meer samen met een partner dan in de generatie van hun grootmoeders het geval was....

'De Nederlanders zijn veel traditioneler dan je uit de berichten in de media zou denken'. zegt demografe dr. Pearl Dykstra. Dat blijkt uit de gisteren verschenen studie Levenslopen in verandering.

In opdracht van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid onderzocht Dykstra samen met dr. A. Liefboer de levenslopen van Nederlanders geboren tussen 1900 en 1970.

Internationaal lopen Dykstra en Liefboer voorop met hun omvangrijke onderzoek naar de veranderde levensloop in de twintigste eeuw.

- U heeft van grote groepen mensen bekeken of zij op hetzelfde tijdstip vergelijkbare levens hebben. Bestaat er een standaardlevensloop?

'De levensloop van de oudste groep, de mensen die nu boven de zeventig zijn, is zeer divers. Dat zie je bij de jongsten, de twintigers en dertigers, ook weer. Eigenlijk hebben alleen de mensen die tussen 1930 en 1940 geboren werden een echte standaardlevensloop. Ze trouwden jong en kregen vroeg kinderen. Bijna allemaal, onafhankelijk van hun afkomst of opleiding.

'Ook de hoog opgeleide vrouwen gingen in de jaren vijftig braaf mee in het standaardpatroon. Terwijl hun voorgangsters, geboren in de eerste decennia van de eeuw, meestal ongetrouwd bleven of geen kinderen kregen om te blijven werken, bleven zij thuis.

'Mogelijk speelde de ideologie van de wederopbouw die na de Tweede Wereldoorlog in verzuild Nederland hoogtij vierde, een gelijkschakelende rol. Iedereen diende zijn of haar steentje bij te dragen om Nederland weer op te bouwen.

'De man in de productie, de vrouw in de reproductie. Deze ideologie werd door alle zuilen gedragen en was waarschijnlijk zo overheersend dat ook hoog opgeleide vrouwen hun handelen erdoor lieten bepalen. Onder invloed van de veranderingen in de jaren zeventig waren zij de eersten die als herintreedsters terugkwamen.'

- Aan het begin van de twintigste eeuw trouwden de mensen laat en een deel bleef ongetrouwd omdat niet alle mannen genoeg konden verdienen om een gezin te onderhouden. Nu blijven jongeren ongebonden om alle mogelijkheden open te houden en van het leven te genieten. Wat wordt de nieuwe standaard?

'Eerst samenwonen, trouwen als er kinderen komen, een veel grotere kans op echtscheiding: dat wordt waarschijnlijk de standaardlevensloop .'

- En niet één man of vrouw tot de dood, maar verschillende monogame relaties achter elkaar?

'Met die voorspelling moet je voorzichtig zijn. De meeste mensen blijven bij dezelfde partner. Eenderde van de huwelijken eindigt in een scheiding, maar de concentratie van scheidingen ligt bij een betrekkelijk kleine groep. Mensen die eenmaal een keer een relatie hebben afgebroken, doen dat vaak meerdere keren achter elkaar.

'De prognose van het CBS dat de jongvolwassenen van nu vaker zullen scheiden, is onder meer gebaseerd op het gegeven dat kinderen van gescheiden ouders zelf ook vaker scheiden.

'Voor de mensen die geboren werden vóór 1940, lag de kans om binnen twintig jaar na het huwelijk te scheiden tussen 7 en 10 procent. Bij de kinderen van tussen 1940 en 1950, werd dat 18 procent.

'Die sprong, in de jaren zeventig, is eigenlijk de enige snelle verschuiving die uit ons onderzoek zichtbaar wordt. We hadden van de Tweede Wereldoorlog sterkere effecten op de levensloop verwacht en ook van de economische achteruitgang in de jaren tachtig. Maar die zijn niet te zien.

'Er is veel veranderd, tussen de oudjes van het begin van de twintigste eeuw en de jonkies nu, maar behalve die versnelling in de jaren zeventig, ging het heel geleidelijk. Door de huidige welvaart zijn de keuzemogelijkheden groter dan ooit. Bij de jongsten zien we dan ook al een uitstel van het samenwonen.'

Meer over