Tabaksmagnaat Dobbelmann

Op 1 mei 1854 neemt Johann Peter Dobbelmann, afkomstig uit een geslacht van Duitse bierbrouwers en kooplieden, Het Anker over, een zeepziederij in zijn woonplaats Nijmegen....

ADRIAAN DE BOER

Dat hij een kind heeft verwekt bij het huisnaaistertje van de familie, waarbij Echte Liefde in het spel was, zal bij de emigratie een rol hebben gespeeld, schrijft zijn kleindochter Liesbeth Wezelaar-Dobbelmann in Louis Dobbelmann 1837-1901 - Yankee en Rotterdammer (Van Soeren, Amsterdam; 46,-). Zij heeft haar grootvader niet gekend, maar kwam eind jaren zestig in het bezit van zijn brieven, aan de hand waarvan ze met warmte het verhaal van zijn leven reconstrueert.

Louis belandt bij een getrouwde Duitse neef in Waterloo, Illinois. Deze Ambros Hoener geeft zich graag uit voor baron (Von Höner) en voormalig Pruisisch officier. De toezegging dat hij Louis een vaste betrekking zou bezorgen, komt hij niet na, zodat de jonge Dobbelmann met allerhande los werk in zijn onderhoud moet voorzien. Als de burgeroorlog uitbreekt en president Lincoln vrijwilligers zoekt voor het leger van de Unie, zwicht Louis vanwege de soldij .

Binnen een half jaar maakt hij als sergeant-vaandeldrager vier bloedige veldslagen mee. Hij raakt lichtgewond, blijft gespaard doordat een kogel afketst op zijn portemonnee, wordt bevorderd, valt ten prooi aan ziekten, is tijdelijk doof en kampt een tijd met een verlamde gezichtshelft. Hij legt zijn ervaringen gedetailleerd vast in een zakboekje en houdt per brief zijn familie in Nederland zo goed mogelijk op de hoogte van zijn oorlogservaringen. In december 1864 keert hij het leger de rug toe. Vanuit Nashville reist hij per trein (twee ontsporingen, één keer brand) naar Waterloo, naar de onbetrouwbare neef Hoener, die nu wél een baan voor hem heeft. Dobbelmann wordt gemeentesecretaris, maar is een half jaar later terug in Nederland.

In Nijmegen kan hij niet meer aarden. Luttele weken na zijn aankomst koopt hij een tabakszaak in Rotterdam, die al snel beter draait dan ooit. Hij neemt meer personeel aan, hij koopt betere kwaliteit in, gaat reclame maken, verlaagt de prijzen en breidt het assortiment uit. Zeelieden uit alle windstreken weten dat ze bij hem de gezochte rookwaar kunnen kopen. Aan de Houttuin laat hij een fabriek bouwen voor pruimtabak, pijptabak en sigaren; daarnaast handelt hij in thee en koffie. Vier jaar later trouwt hij, inmiddels een vooraanstaand Rotterdammer, met Maria von Dreveldt-von Weise, die als weduwe met haar drie dochters is teruggekeerd uit Amerika, waar hij haar al vluchtig had leren kennen. Uit het huwelijk worden een zoon en een dochter geboren.

Zakelijk gaat het Louis goed. Hij is alert, heeft als een van de eerste ondernemers in Nederland telefoon, voorvoelt de opmars van de sigaret en begint merken uit Engeland en Rusland te importeren. Schepen die zijn sigaren naar Portugal vervoeren, nemen sigaretten mee terug. Weldra gaat hij ze zelf produceren en laat hij uit Hamburg een vrouw overkomen die twaalf van zijn meisjes leert met de hand sigaretten te rollen.

Het imperium groeit. Hij koopt de gebouwen van suikerraffinaderij Van Oordt om er de hele productie te kunnen concentreren .

Tegen de eeuwisseling openbaren zich bij Louis symptomen van een hartkwaal. Het gezin verhuist naar een villa in de gezonde zeelucht van Noordwijk. In oktober 1900 vertrekt de tabaksmagnaat met een bediende naar San Remo om te overwinteren. Dat bevalt hem en het jaar erop reist hij opnieuw naar Italië.

Daar overlijdt Louis Romuald Hubert Dobbelmann op 10 november 1901. Hij wordt in Rotterdam begraven. Zijn enige zoon zet de zaak niet voort, 'hij mist het heilig vuur'. De Stoom Tabaksfabriek Louis Dobbelmann wordt de N.V. Stoom-Tabaksfabriek voorheen Louis Dobbelmann, die in de jaren dertig naast B.Z.K. (Beste Zware Kauwtabak) met veel succes - reclameslogan: 'Dobbelmann, lekker man' - een nieuw shagmerk op de markt brengt, Ibis. Bij de Duitse luchtaanval op Rotterdam wordt de fabriek aan de Hoogstraat door een bom getroffen. Halverwege de jaren vijftig is duidelijk dat het bedrijf niet kan voortbestaan. De handelsnaam wordt overgedaan aan de British American Tobacco Company en wat over is van de oude tabaksfirma, wordt in 1970 een beleggingsmaatschappij.

Adriaan de Boer

Meer over