Week uit

Siemon de Jong voelt zich gezegend in zijn levensechte kerstverhaal

Op de belachelijk grote boerderij van banketbakker Siemon de Jong (Taarten van Abel) is het een komen en gaan van nieuw leven.

Roos Volkers
Siemon de Jong (rechts) en Tjakko. Beeld Ivo van der Bent
Siemon de Jong (rechts) en Tjakko.Beeld Ivo van der Bent

De kerststal is eigenlijk net een tiny house: krap maar met precies genoeg ruimte voor de kribbe, de nieuwe ouders en een handvol heiligen en dieren. Nee, dan de veredelde kinderboerderij van Siemon de Jong (59) en zijn lieverds Tjakko en Jan in het Groningse Midwolda. ‘Die is levensgroot, belachelijk groot, méga, met 100 duizend dakpannen en zo’n honderd dieren.’ Denk het kapsoneslandgoed uit Hollands Hoop, met in plaats van wietplanten kippen, parelhoenders, ganzen, kalkoenen, Hongaarse wolvarkens, een fjordenpaard, een shetlandpony, een fellpony, koeien, ezels, dwergschapen, geiten, poezen en honden. En uitgerekend op 24 december kwam er nog een kleintje bij. Alsof het kerstverhaal heel even herleefde, daar in het hoge noorden. Alleen in deze versie is de stal dus wel een stukkie groter, en o ja: Jezus is een stierkalf. ‘Nou ben ik effe kwijt welke. Jan? Jan?! Hij is een beetje doof. Wat is Mannie ook alweer?’ Mannie blijkt een jersey gekruist met een volle melkkoe. De bevalling verliep uitermate soepel, bijna spontaan. Daardoor was vriend Tjakko ook de enige die het kalfje om half 6 ’s ochtends eruit zag floepen. Hij was wakker geworden om te plassen en ging maar meteen kijken bij drachtige koe Molly. Zo gebeurt er altijd wat op de boerderij. Ja, je bent hier constant bezig. Toch is het de plek waar Siemon het meest kan ontspannen. Honderd dieren zijn qua verantwoordelijkheid andere – relaxtere – koek dan de tien man personeel die hij voor De taart van m’n tante in dienst had. De konditorei sloot in 2019 de deuren. Sindsdien verdeelt Siemon zijn tijd tussen het tv-programmaTaarten van Abel en eigen bakkerswerk in Amsterdam en de boerenrust van Midwolda. Heerlijk schipperen is het.

Maar zelfs in Groningen wordt de rust soms verstoord, ditmaal door een klein legenestsyndroom. Want voor Mannie waren er zes jack russell-puppy’s, geboren op 30 oktober. Drie zijn er al gevlogen en dat was nodig ook. ‘In het begin liggen ze vooral in de werpkist te slapen. Alleen die laatste maand, dan ontploft het. Ze maken alles stuk en poepen alles onder. Ze jagen op de kippen, soms vallen ze met z’n allen een kat aan. Het zijn schatjes, maar ook kleine monsters.’ Toch voelt het voor Siemon een beetje alsof zijn kinderen de deur uitgaan. Maar hij blijft positief: moeder van de pups Pien is jong, dus ze kan vast nog een keer werpen. Wat zijn ze weer gezegend.

Meer over