PostuumHummie van der Tonnekreek (1945-2022)

Roddelkoningin Hummie van der Tonnekreek wilde weten ‘wat mensen níét willen vertellen’

Hummie van der Tonnekreek in 2004. Beeld ANP / Pim Ras
Hummie van der Tonnekreek in 2004.Beeld ANP / Pim Ras

Hoofdredacteur van roddelbladen en van de reality-soap Big Brother Hummie van der Tonnekreek kon het belang van de roddeljournalistiek uitstekend verwoorden. ‘Wij proberen de wereld kleiner te maken.’ 19 januari overleed ze op 76-jarige leeftijd.

Paul Onkenhout

Met een vooruitziende blik en lang voordat het aantal BN’ers explodeerde, schreef de Amsterdamse meester in de rechten en beroepsroddelaar Hummie van der Tonnekreek (1945-2022) een boek waarin ze haar métier nauwgezet onder de loep nam, Iedereen kan BEROEMD worden!. Het klopte, de titel was goed gekozen.

Dat was in 1998. De hoofdletters en het uitroepteken stonden er niet voor niks. Beroemd worden werd als een ideaal voorgesteld en twijfel kende de auteur niet. Een jaar later werd Alida Helena van der Tonnekreek, Hummie, hoofdredacteur van een programma dat het tv-aanbod wezenlijk zou veranderen: realityshow Big Brother.

Het eerste exemplaar van Iedereen kan BEROEMD worden! werd destijds in Planet Hollywood in Amsterdam logischerwijs uitgereikt aan Henk van der Meijden, de roddelkoning van De Telegraaf en bedenker van de rubriek Privé. Van der Tonnekreek was een leerling van hem. Ze hadden elkaar leren kennen bij De Telegraaf waar zij een bijbaantje had bij archief van de krant. Hij kwam erachter dat ze een operaliefhebber was en gaf haar platen van Maria Callas.

De boekpresentatie begon, geheel in stijl, met een smakelijke onthulling. Van der Meijden rakelde op dat hij 26 jaar was en zij 18 toen ze elkaar voor de eerste keer hadden ontmoet, in het Amsterdamse hotel Americain.

Pottenbakster

‘We zagen elkaar en dronken samen een glaasje. Wat er verder gebeurde zeg ik niet, maar het was héél Privé’. Het Algemeen Dagblad noteerde dat Van der Tonnekreek tot tranen toe geroerd was door de woorden van Van der Meijden en ‘haar Henk’ om zijn hals vloog. Zij: ‘Het is belangrijk te weten wie je echte vrienden zijn’.

De twee waren ook concurrenten. Dat lag aanvankelijk niet in de lijn der verwachtingen. Haar studie Nederlands mislukte. In haar aanloop naar de roddeljournalistiek was ze pr-manager bij een verzekeringsfirma, vertaalde ze boeken en probeerde ze de kost te verdienen als pottenbakster.

Nadat haar waardeloze huwelijk na twaalf jaar op de klippen was gelopen en ze baarmoederhalskanker en een periode van grote armoede had doorstaan, kreeg Van der Tonnekreek van de toenmalige hoofdredacteur Wim Schaap een aanbieding om bij Story te komen werken. Op weg naar haar sollicitatiegesprek kocht ze nog even snel een exemplaar van het voor haar totaal onbekende tijdschrift.

Haar journalistieke loopbaan was Van der Tonnekreek begonnen als junior-redacteur bij het keurige huisvrouwenblad Margriet, maar haar roeping vond ze bij Story. Na een kortstondige periode bij Privé werd ze hoofdredacteur van concurrent Weekend en ‘glossip’ Avant Garde. Tussendoor, in 1995, studeerde de dochter van een Amsterdamse bloemenhandelaar af als meester in de rechten.

Martelgang naar kennis

Die studie was een inhaalslag, zei ze in 1997 tegen Hein Janssen van de Volkskrant. ‘Ik heb wel eens het idee dat mijn leven zich in omgekeerde volgorde aan het voltrekken is. Ik doe nu dingen die ik op mijn 20ste had moeten doen. Maar ik voel nog iets van een ideaal in me en alles wijst erop dat de wereld nog veel van Hummie zal horen.’

Kettingrokend (‘Op haar bureau liggen drie lege pakjes en gedurende het gesprek zal er nog een pakje bij komen’) en zoals altijd flamboyant gekleed sprak ze ook over haar faalangst. ‘Te vaak in mijn leven ben ik geconfronteerd met mensen die zeiden dat ik daar en daar geen verstand van heb. Daarom ben ik een pelgrimage, een martelgang naar kennis gaan maken – om niet meer met mijn mond vol tanden te staan. Dat proces is nog niet voltooid.’

Wat ze deed, was niet nieuw. De roddelbladen waren in de jaren zeventig tot bloei gekomen en een decennium later stortte ook de (commerciële) tv zich op het genre, in de De 5 Uur Show onder meer. Waarin Van der Tonnekreek zich onderscheidde van haar collega’s, was dat ze haarfijn kon uitleggen waarom ze deed wat ze deed – en waarom haar werk tot het journalistieke domein behoorde.

De gossipkoningin bedreef een vorm van oerjournalistiek, zei ze. ‘Want wij willen weten wat mensen níet willen vertellen.’ Ze muntte de termen ‘verzoeningsvakantie’ en ‘liefdesbaby’ en kwam fanatiek in het geweer als dedain, of erger, op haar vak neerdaalde, wat in de vorige eeuw vaak gebeurde. ‘We worden vaak behandeld alsof we melaats zijn.’

Balancerend op het koord tussen roddel en laster rechtvaardigde ze zichzelf door nobele gedachten te formuleren. In 1995 in De Groene Amsterdammer: ‘We proberen de wereld kleiner te maken. Jouw verhaal wordt verteld door een bekende Nederlander. In de herkenning wordt er iets van je eigen eenzaamheid weggenomen’.

Iedereen kon beroemd worden

Meedogenloos was ze ook. In Vrij Nederland: ‘Je geweten, dat is iets voor ’s nachts in bed.’ In de Volkskrant bekende ze dat ze spijt had van zeker tien stukken over BN’ers. ‘Geen wroeging, nee, ik kan me niet permitteren om wroeging te hebben over de zieke zanger of het dode kind, want wroeging betekent in zo’n geval einde hoofdredacteurschap.’

Ook met haar afscheid van de branche trok ze aandacht. Een geschil met Wim Schaap en uitgever Audax leidde tot een vertrek bij Weekend. De afkoopsom was 7,5 ton. Niet veel later bezorgde een volgende stap haar een plaats in de vuurlinie van talloze critici. Maar die stap wekte ook de nieuwsgierigheid van een miljoenenpubliek. In 1999 werd ze door John de Mol aangesteld als hoofdredacteur van Big Brother.

Op tv-zender Veronica werd de stelling van haar boek bewezen: iedereen kon beroemd worden, van het ene moment op het andere, ook de gewone man/vrouw. Haar nieuwe baan was een droom die uitkwam, zei ze in Het Parool. ‘Ik ben gelovig en het voelde echt als een beloning van boven. We koesteren onze bewoners, en ik koester mijn nieuwe collega’s. Ik had afgeleerd om van mensen te houden, zij hebben me de liefde voor de medemens weer een beetje teruggegeven.’

Woensdag werd ze in besloten kring begraven. Een paar jaar geleden had ze geconcludeerd dat dankzij de sociale media ‘iedereen zijn eigen Big Brother-bewoner is geworden’. De roddelbladen keek Hummie van der Tonnekreek toen allang niet meer in. BN’ers waren haar steeds minder gaan interesseren.