Ramadan in Rabat

Ook de Marokkanen die in de zomer geen praktiserende moslims waren, houden zich aan de ramadan. Niet meedoen, leidt tot vervreemding van hun gemeenschap....

Ik ben nog nooit zo blij geweest dat de maand ramadan voorbijis - maar ik was tijdens de ramadan ook nooit eerder in eenislamitisch land. In Nederland is het voor de grote meerderheidgemakkelijk weinig of niets van de ramadan te merken, het istenslotte iets voor moslims. Op school merkte ik het altijd wel,mijn leerlingen aten en dronken niet, sommigen werden daarvanlusteloos en maakten een vermoeide indruk, misschien ook omdatze 's ochtends vroeg waren opgestaan om nog wat te eten, waardoorze te kort hadden geslapen. Vaak rook je het aan hun adem dat zeal urenlang niks hadden gegeten en vooral gedronken. En de meesteleerlingen bleven bij het ait al-fitr, het suikerfeest aan heteinde van de ramadan, weg van school, of de school daar nutoestemming voor gaf of niet. Inmiddels is die dag op de meestezwarte scholen voor leerlingen wel een officiële vrije daggeworden. Ik vond het altijd onzin, dat niet-eten en niet-drinkende hele dag, soms maakte ik grapjes erover, soms zei ik dat hettoch niet gezond was zolang geen water te drinken, meestal stakik de leerlingen een hart onder de riem, vroeg ik of het ze welvolhielden en of ze het moeilijk vonden, want het leek me al metal toch niet gemakkelijk.

Nu pas, in Marokko, besef ik hoe belangrijk de ramadaneigenlijk voor ze was, en is.

Ik heb nu gezien hoezeer de ramadan een stempel op hetopenbare leven drukt. Marokkanen, de mannen althans, zittenoverdag graag in cafés en op terrassen, thee of koffie drinkend,met elkaar kletsend, nu zit niemand in al die cafés en op al dieterrassen, ja de meeste ervan zijn zelfs gesloten of opgedoekt.

Soms zit er nog wel eens iemand buiten aan een cafétafeltje,maar dan is dat tafeltje leeg, dan zit hij daar gewoon, wat testaren. Marokkanen zelf zeggen dat iedereen tijdens de ramadanoverdag chagrijnig is, maar daarvan heb ik weinig gemerkt.

In Marokko ging de zon de afgelopen maand tegen zessen onder,dit moment van het verbreken van de vasten werd vanaf deminaretten luid en duidelijk verkondigd, nu mocht men gaan eten,een feestelijke maaltijd die in het Arabisch iftar wordt genoemd,in het Marokkaanse dialect klinkt het als ftoor of foetoer, ikhou het op ftoor.

Rabat was op dat moment een lege stad, en vooral ook eenstille stad. Iedereen, of bijna iedereen, zat binnen, iedereenat. Voor zessen deed men nog merkbaar zijn best op tijd te zijnvoor de ftoor, mensen die gehaast lopen, auto's die over straatscheuren, en dan, plotseling, de stilte, het enige wat je noghoort het gekwetter van vogels.

De drukste en gevaarlijkste wegen, verkeersaders die altijdhalf verstopt zijn, waar het getoeter niet van de lucht is en dieje niet kan oversteken zonder je leven te wagen: verlaten. Alsofhet even, een uur lang, autoloze zondag was. Op straat alleen nogdie enkele toerist, die bevreemd om zich heen keek, die niet goedleek te weten wat hij met dit tijdstip aanmoest.

Om acht uur is alles dan weer bij het oude, hele families diede belangrijkste boulevard Mohammed V op stromen om er teflaneren, nu zijn de cafés en terrassen wel vol, voller zelfsdan in gewone maanden want ook het de-straat-op-gaan-na-de-ftoorhoort erbij. Alleen de bars en de nachtclubs, waar alcohol wordtgeschonken, houden tijdens de ramadan hun deuren gesloten,tenminste, de meeste. Er zijn eenvoudigweg te weinig klanten.

Tijdens de ramadan zijn moslims echte moslims en drinken zeniet, ook niet na de ftoor. Ik geloof zelfs dat alcohol die maandverboden is en ik schat dat 90 procent van de moslims, enmisschien is het aantal nog wel groter, zich ook aan dat verbodhoudt.

Ik denk dat omdat ik in de zomer ook in Rabat was en toenMarokkanen heb leren kennen die een leven leiden even liederlijkals, zeg, de doorsnee Amsterdammer die zich aan god of gebodniets gelegen laat liggen. Die wijn of bier of whisky drinkt enmisschien ook hoereert, die in ieder geval niet van zins is zichde soort kortstondige geneugte die je niet onmiddellijk met deislam zou associëren te ontzeggen. Wel, deze 'vrije' Marokkanen,om ze zo maar te noemen, die ik in zomer niet voor praktiserendemoslims had gehouden, zie ik tijdens de ramadan 's avonds op hetterras achter een glas thee zitten, schudden beslist het hoofdals ik ze vraag of ze werkelijk de hele maand niks drinken. Zelachen en halen hun schouders op en kijken me aan alsof hetallemaal de gewoonste zaak van de wereld is, natúúrlijk drinkje niet tijdens de ramadan, wat vraag ik toch naar de bekendeweg, je weet toch, de ramadan is voor ons heilig, een heiligemaand.

Heilig. Ik heb eigenlijk nooit zo stilgestaan bij de ramadanmaar nu ik die in dit land meemaak, ik zou bijna zeggen onderga,is mij vooral duidelijk geworden dat er voor moslims alleen aante ontkomen valt op straffe van buitengesloten te worden. Nietmeedoen is min of meer onmogelijk, omdat iedereen meedoet.

Ik begrijp nu beter waarom het voor mijn leerlingen altijd zovanzelfsprekend was zich ook in Nederland aan de voorschriftenvan de ramadan te houden, natuurlijk meester, dat moet, u moethet ook doen! Ze zouden zich van hun eigen gemeenschapvervreemden.

Meer over