'Professionele verliefdheid, zo moet je het zien'

Wie of wat zette je leven op het juiste spoor? In een serie interviews vraagt Sacha Bronwasser mensen naar hun inspiratiebron. Familietherapeut Else-Marie van den Eerenbeemt werd 'professioneel verliefd' bij een workshop van een Hongaarse psychiater.

Sacha Bronwasser
Else-Marie van den Eerenbeemt. Beeld Marijn Scheeres
Else-Marie van den Eerenbeemt.Beeld Marijn Scheeres

'Het is prettig om een gedachte in een slogan te vatten. Eén zin, een oneliner, waarbij iedereen zich meteen iets kan voorstellen. 'Ex-ouders bestaan niet'; 'Hotel Mama is altijd open'; 'Kinderen kiezen niet, kinderen scheiden niet' - die laatste werd onderdeel van een Sire-campagne.

'Het is een creatief proces, zo'n slogan, in één ontwerp moet het allemaal zitten. En het werkt. Een wildvreemde hield me pas aan op straat en vroeg of hij me iets belangrijks mocht laten zien. Hij haalde een briefje uit zijn portemonnee met: 'Laat de deur altijd openstaan voor je kind, al is het op een kier.' Hij had me dat horen zeggen in Koffietijd, waar ik jarenlang elke woensdag vragen over familiekwesties behandelde. Het televisiewerk heeft me veel lof van het publiek opgeleverd, maar ook kritiek van vakgenoten - o, het is zo vluchtig, en je oorbellen zaten niet goed. Maar als je boodschap goed is, is zoiets nooit vluchtig. Publieksvoorlichting is belangrijk geworden in mijn werk.

'Mijn hele denken als therapeut is gevormd door een ontmoeting in 1974. Ik was 28 jaar, studeerde systeemtherapie en uit interesse in ongehuwde moeders was ik gaan werken bij 'Hubertus'. Dat werd later het wereldberoemde Moederhuis van architect Aldo van Eyck in Amsterdam. Vrouwen, soms meisjes nog, kwamen daar om te bevallen. Sommigen moesten hun kind afstaan, anderen stuurden het naar familie.

'Ik was ontroerd door wat ik daar zag en wat ik noemde: de paradox van de liefde. Zo vernoemde een zwanger meisje dat door haar moeder het huis uit was gezet haar pasgeboren kind toch meteen naar haar moeder. En een aanstaande moeder die door haar vader misbruikt was, hing 's avonds uit het raam om hem, als hij stiekem langs zou komen, sigaretten toe te werpen. Dat fascineerde mij - hoe ongelooflijk sterk die banden waren en hoe dat destijds genegeerd werd. 'Het kind redden van de ouders', was toen het credo.

'Mijn docent Ammy van Heusden had mij aangemeld voor een lezing van de Hongaarse psychiater Iván Böszörményi-Nagy. Hij was destijds al een grootheid op zijn vakgebied, de grondlegger van de familietherapie en iemand die heel anders dacht dan wat toen gangbaar was. Hij werd begeleid door drie mensen en een tolk en van huis uit was hij ook nog grootvorst - echt iemand waar je niet bij in de buurt kon komen. Geen charismatische man om te zien hoor, eerst dacht ik dat hij de boekhouder van het stel was.

Media-optredens

Else-Marie van den Eerenbeemt (1946, 's-Hertogenbosch) is familietherapeut en specialist intergenerationele familiedynamiek. Ze was dertig jaar hoofddocent van de post hbo-opleiding jeugd, gezin en context (Hogeschool van Amsterdam) en was lid van het expertpanel van de Nederlandse Gezinsraad. Vanaf eind jaren tachtig treedt Van den Eerenbeemt op in de media. Zij adviseert bij familiekwesties: ouder-kindverhoudingen, familierelaties bij conflicten, erfkwesties en zorgproblematiek. Ze was betrokken bij de spraakmakende Sire-campagne Kinderen in een Echtscheiding, waarbij uitspraken van ouders virtueel op kinderen werden getatoeëerd. Van haar boeken is De liefdesladder het bekendste. Van den Eerenbeemt geeft colleges, masterclasses, consulten en lezingen. Ik spreek haar thuis in Amsterdam.

'Maar toen hij begon te spreken gebeurde er iets met me dat ik bijna niet kan beschrijven. Een doorbraak, ik noem het een 'epifanisch moment'. En het kwam mede door deze uitspraak: 'Hoe slechter de ouders, hoe trouwer het kind.' Ik zag ineens, op dat moment, al die moeders van het moederhuis voor me. Die meisjes. Al die cliënten. En die afstandsbaby's. Ik wist: wat hij zegt, is existentieel. Dít is de waarheid.

'Ik kon me niet beheersen. Ik stak mijn hand op in de zaal en ik begon, op het onbeschofte af, te ratelen. Ik zei: dit is helemaal waar, want ik heb dít meegemaakt, en dat gezien, en dát... Nagy kreeg hele grote ogen en hij zei: interessant, zij beschrijft wat er gebeurt.

'Daarna mochten wij, achter een onewayscreen, een therapeutische sessie van Nagy met een heel problematisch gezin bijwonen. Dat deed hij zo anders dan wij kenden, zo veel respectvoller... wat wij zagen was het benoemen van loyaliteit, het zoeken naar rechtvaardigheid binnen die relaties - ik raakte er helemaal high van. Na afloop ben ik op hem afgestapt en heb ik de twee enige Hongaarse woorden gezegd die ik kende: 'köszönöm szépen' en 'szeretlek'. Die woorden herinnerde ik me van toen ik 10 jaar was. Wij hadden namelijk in 1956 Hongaarse vluchtelingen in huis genomen, een broer en een zus, die schermles gaven op onze grote zolder. Aan de broer, een woest knappe Hongaar, moest ik van mijn zus briefjes bezorgen. Die woorden van hem betekenden 'hartelijk dank' en 'ik hou van je'.

'Nagy nodigde mij uit. 's Avonds in de Wintertuin van hotel Krasnapolsky. God ja, als ik het zo zeg... ik heb al die casussen uit het moederhuis aan hem voorgelegd en hij zei: je geeft me geschenk na geschenk.

'Ik ben bij hem gaan studeren in Philadelphia, heb uiteindelijk zijn gedachtengoed verspreid in Nederland en daarbuiten. Boeken geschreven, hem naar Nederland gehaald voor een televisie-interview in 1986 en masterclasses in de jaren negentig. Was ik verliefd... nee. Een professionele verliefdheid, zo moet je het zien. Het was voor het eerst dat iemand in zijn denken en zijn behandeling meerdere generaties betrok. Dat het begrip 'loyaliteit' ingebracht werd en aan de lange termijn werd gedacht. Destijds isoleerde men het individu, werden bijvoorbeeld kinderen uit huis geplaatst en op kamers gezet, losgesneden van hun familie, terwijl die banden niet door te snijden zijn. Nagy toonde het belang van context aan, dat ieder mens in wezen een knooppunt van relaties is.

Bron: Iván Böszörményi-Nagy

Psychiater Iván Böszörményi-Nagy ('Nagy'), ( 1920 2007) een Hongaarse grootvorst uit een familie van juristen, vluchtte na de machtsovername van de communisten in 1950 naar de VS en werd daar directeur gezinspsychiatrie aan het Eastern Pennsylvania Psychiatric Institute. De gezamenlijke zittingen van staf, schizofrene patiënten en hun familieleden legden de grondslag voor zijn contextuele theorie en therapie. In 1973 verscheen Invisible Loyalties, dat een standaardwerk werd. Vanaf 1974 was Nagy associate professor in de psychiatrie aan de universiteit van Pennsylvania. Hij trad vaak in Nederland op. Van 1990-1997 gaf hij met Else-Marie van den Eerenbeemt masterclasses in Nederland en Vlaanderen.

'Hij is in 2007 overleden. Zijn gedachtengoed blijft actueel bij nieuwe, hedendaagse kwesties. Ik had overleg met een collega, wiens cliënt 'een eitje ging halen in Barcelona'. Wat betekent dat voor het kind dat daarvan komt? Die existentiële leegte, een leven zonder wortels? Wat is ons antwoord daarop?

'Aan stoppen met werken denk ik niet. Een kwestie die me momenteel erg bezighoudt, is dat obsessieve 'werken aan jezelf', dat iedereen nu doet. Mindfullness, zenmeditatie, o de mensen werken er zo hard aan, terwijl een vader of moeder alleen op het sterfbed ligt. Ik vind het een gevaarlijke, naar binnen gekeerde trend. De oneliner heb ik al: 'Individueel sterk maar relationeel zwak.'

Meer over