Overwerk

We hebben alleen gegeten, de kinderen en ik. Ik had heerlijk gekookt en we konden ons tegoed doen, want we hoefden niets voor hem te bewaren....

Om zeven uur 's avonds gaat de telefoon. Mijn man, uit de fabriek. 'Het wordt wat later, het draait hier nog voor geen meter, om een uur of tien ben ik er wel weer.'

Om acht uur breng ik de kinderen naar bed. Mijn zoontje mag in ons bed in slaap vallen, omdat hij niet zo lekker is. Hij verkneukelt zich en als ik na een half uurtje even bij hem ga kijken slaapt hij als een roos.

Om tien uur trek ik mijn nieuwe rode negligé met de Chinese peignoir aan en doe mijn favoriete parfum op om mijn man in stijl te ontvangen.

Ik schenk maar vast twee glaasjes rode wijn in en steek de kaarsen aan.

Half elf, de telefoon. 'Reken voorlopig nog maar niet op mij schat, het wil hier helemaal nog niet lukken.'

'Maar hoe laat wordt het dán', wil ik weten.

'Ik heb geen idee, maar ik denk toch wel voor middernacht thuis te zijn.'

Mooi zo, geen probleem, dan kook ik toch vast nog even de bieten, dan hoeft dat morgen ook niet meer. Een doordringende bietenlucht vult het huis, en doet enigszins afbreuk aan de sfeer die ik had willen creëren met mijn sexy kledij.

Om twaalf uur drink ik beide glaasjes wijn achter elkaar leeg en besluit toch maar te gaan slapen. Mijn zoontje laat ik liggen, alleen krijg ik hem niet in het bovenste stapelbed, dat moet mijn man maar doen als hij thuiskomt.

De volgende ochtend, zeven uur, de wekker gaat af. Ik word wakker naast mijn zoontje, die me verbaasd aankijkt. 'Hé, ik lig nog bij jou in bed, wist je dat wel, mam?'

Nee, dat had ik ook niet verwacht. 'Misschien is papa op zolder gaan liggen, toen hij zag dat ik op zijn plek lag', oppert Auke. 'Ik ga even kijken.' Onverrichterzake komt hij weer naar beneden.

'Hij is er nog niet, hoe kán dat nou', vraagt hij mij.

'Weet je wat, ik bel de fabriek zo even', antwoord ik.

Ik krijg geen gehoor en wacht maar af tot hij zich meldt.

Auke kondigt aan dat hij niet naar school gaat voordat hij z'n vader heeft gezien.

Om half acht gaat de telefoon. 'Ik kom er nú aan.'

'En, draait alles nu goed', vraag ik hoopvol, dan is zijn doorwaakte nacht tenminste érgens goed voor geweest, maar zelfs dat is nog niet eens het geval.

We ontbijten 'gezellig' met z'n drieën. Mijn man heeft ogen waar je een paar luciferstokjes tussen zou moeten zetten om ze open te houden. Daarna duikt hij zijn bed in en begint voor ons de dag.

Nellian Verweij, Groningen

In NL schrijven lezers over hun huiselijk leven. Dit is aflevering 232. Bijdragen aan de reeks, tussen de 450 en 500 woorden lang, zijn welkom. Ze kunnen, mits voorzien van naam en woonplaats, worden gestuurd naar: Redactie de Voorkant, de Volkskrant, Postbus 1002, 1000 BA Amsterdam.

Meer over