Overslaan kan niet

De broers Frank en Maarten Meester, beiden filosoof, gaan vanaf half januari in het Vervolg de actualiteit filosofisch belichten. Deze week over de Kerstdis: ‘Wie nadenkt, viert liever geen Kerst....

Maarten: Filosofisch verantwoord Kerst vieren is mogelijk. Stel dat je schoonouders vragen of je op Eerste Kerstdag komt eten. Dan antwoord je: ‘Ik neem die uitnodiging graag aan op drie voorwaarden. Ten eerste mag u uit het gegeven dat ik deelneem aan het kerstfeest niet concluderen dat ik geloof dat Christus op aarde is gekomen om ons te verlossen van onze zonden, waarbij ik me direct distantieer van alle rudimenten uit de Germaanse cultuur of uit willekeurig welke andere vorm van bijgeloof ook die aan het feest kleven. Ten tweede verlang ik als tegenprestatie dat u op 22 april bij mij thuis de geboortedag komt vieren van Immanuel Kant, de grote Verlichtingsfilosoof die ons heeft geleerd dat we zelf moeten nadenken en moeten afrekenen met bijgeloof en traditie. Ten derde moet u als gastheer/-vrouw mij garanderen dat de tafelgesprekken voldoen aan de regels voor een machtsvrije discussie zoals de filosoof Jürgen Habermas die heeft geformuleerd, met name in de twee delen van zijn Theorie des kommunikativen Handelns.’

Frank: Weet je hoe ze dat werk van Habermas noemen? Het ‘blauwe monster’. Niemand leest dat, zelfs filosofen niet. Het is toch ook idioot. Zou je je eerst door 1.200 bladzijden heen moeten worstelen om te weten hoe je een gesprek moet voeren. Met al je voorwaarden vooraf leg je het hele feest plat, nog voor het begonnen is*

Maarten: Duidelijkheid, Frank! Hoe kun je nu samen aan tafel zitten als je niet van elkaar weet of je aan de kant van bijgeloof en traditie staat of aan de kant van de Verlichting? Als je überhaupt niet weet of de ander wel bereid en in staat is een redelijk gesprek te voeren?

Frank: Dat zie jij als de essentie van Kerst: een redelijk gesprek voeren?

Maarten: Wie nadenkt, viert liever geen Kerst. Maar als het toch moet, doe het dan op een redelijke manier.

Frank: Je spreekt van redelijkheid, maar ik vind jouw eerste voorwaarde al onredelijk: die impliceert namelijk dat je schoonouders wél aannemen dat Jezus op aarde is gekomen om ons te verlossen van onze zonden. Bedenk dat steeds minder Nederlanders op een traditionele manier geloven.

Maarten: Je hebt gelijk, alleen zie ik dat als een reden te meer om duidelijkheid te verlangen. Want wat geloven ze dan wel? Ik zal je wat recente cijfers geven uit het onderzoek God in Nederland.

‘Christus is Gods zoon of is door God gezonden’: 40 procent van de Nederlanders hangt die opvatting aan.

‘Christus was een bijzonder mens met buitengewone gaven’: 29 procent gelooft dit.

‘Christus was een gewoon mens zoals iedereen’: dat denkt 18 procent.

‘Christus heeft niet bestaan en is alleen een legende’: de opvatting van slechts 13 procent.

Frank: Als je aan het optellen slaat, zie je dat 60 procent – de meerderheid – geen traditioneel godsbeeld meer aanhangt. Wat jouw atheïsme dus hopeloos achterhaald maakt. De nieuwe opvattingen over geloof openen ook nieuwe perspectieven, en dat is geweldig nieuws! Iemand die deze mogelijkheden direct zag, is de Italiaanse filosoof Gianni Vattimo. Hij schreef: ‘De gelovigen die geleerd hebben niet te liegen omdat dit Zijn gebod was, hebben uiteindelijk ontdekt dat God een overbodige leugen was. In het licht van onze postmoderne ervaring betekent dit echter: juist omdat God als laatste grondslag, en ook de absolute metafysische structuur van de werkelijkheid niet langer houdbaar zijn, is het weer mogelijk om in God te geloven.’

Maarten: Dat is echt hondsbrutaal! De filosofie heeft aangetoond dat het onredelijk is om het bestaan van God aan te nemen, en daardoor kunnen we weer geloven.

Frank: Misschien is het wel hondsbrutaal, maar je kunt daardoor wel met een gerust hart de kersttijd ingaan, zonder het gevaar te lopen dat iemand je voor hypocriet uitmaakt. Met het geloof in God is ook het geloof in een laatste grond, in een Waarheid, weggevallen. Dat maakt dat er alleen nog maar kleine waarheden zijn; Vattimo spreekt van ‘zwakke’ waarheden.

Hij zegt ook niet dat hij gelooft, nee, hij zegt: ‘Ik geloof dat ik geloof’’. Laten we in zijn lijn zeggen: ‘We geloven dat we geloven dat het kerstdiner de belangrijkste gebeurtenis van het jaar is.’ Dan zet je lekker hoog in.

Maarten: Voor mij is Kerst voor en na Vattimo precies hetzelfde. Ik zie geen verschil.

Frank: Alles ligt nu open. Je kunt weer fris naar het kerstfeest kijken en daar een nieuwe invulling aan geven.

Maarten: Ik kijk ook fris naar het kerstfeest, zo fris dat ik direct inzie dat we het beter niet meer kunnen vieren. Met het geloof in God is daarvoor elke reden verdwenen.

Frank: Jij denkt dat het feest bestaat dankzij het feit dat wij het vieren, maar het omgekeerde is waar: wij bestaan dankzij het feest. ‘De tijdsordening ontstaat door de terugkeer van de feesten’, schreef de Duitse filosoof Hans-Georg Gadamer. Zonder feestdagen zouden we leven in de oneindigheid; bij gebrek aan markeringspunten zouden we niet eens beseffen dat we bestonden.

Maarten: Toch zouden er zonder mensen geen feesten zijn. Daarbij, in de regel komt het neer op vreten en zuipen, slikken en spuiten tot je alle besef van tijd kwijt bent. Feesten markeren de tijd niet, ze helpen de meesten van ons de tijd te vergeten.

Frank: Je vergist je. Zoals de jonge denker Coen Simon laat zien, feesten we niet om te ontsnappen aan het leven. ‘Het eten dat onze maag vult, de alcohol die door het bloed stroomt en de rook die onze longen oppompen, benadrukken ons bestaan in het lichaam. Ze maken onze banale ademhaling en bloedsomloop zichtbaar, die ons vasthouden in de tijdelijkheid van het hier en nu. De roes is er niet om op te stijgen, maar juist om te landen – wat van elke roes natuurlijk sowieso het gevolg is.’

Maarten: Gesteld dat Gadamer, Simon en jij gelijk hebben, dan nog hoeven we geen Kerst te vieren. Laten we feesten bedenken voor de dingen waar we wel in geloven: een vrijheidsfeest, een feest van de democratie, een feest van de Verlichting.

Frank: Prima plan, maar het een sluit het ander niet uit. Waarom zouden we dit geweldige kerstdiner overslaan? We kunnen het niet eens. Kerst bestond al ver voor onze geboorte, het is een van de tradities die ons vormen. Nu God dood is, hebben we veel meer vrijheid om iets met die traditie te doen. Om een parallel met jazz te trekken: zie het als de overgang van swing naar bop. We hebben veel meer vrijheid om te improviseren, maar we doen dat nog altijd over een vast akkoordenschema.

Maarten: Probeer eens concreet te worden.

Frank: Als ik te concreet word, leg ik het feest plat. Het gaat er juist om dat er iets volkomen nieuws gebeurt, iets spontaans. De Duitse filosoof Martin Heidegger had daar een mooie theorie over. Kunstenaars en filosofen openen nieuwe werelden. Denk aan de impressionisten. Hun manier van schilderen heeft onze blik op de natuur gevormd. Dat licht op die bladeren! Of denk aan een goede film. Na het zien van Das Leben der Anderen verwachtte ik achter elke kast afluisterapparatuur. Dat is het werk van kunstenaars, zul je zeggen, dat kunnen wij eenvoudige stervelingen niet. Toch meent Heidegger dat gewone mensen ook iets soortgelijks teweeg kunnen brengen, zij het veel minder diepgaand. Bijvoorbeeld door samen te eten.

Eerst scheppen we de voorwaarden: we dekken de tafel mooi, maken lekker voedsel klaar, nodigen interessante, knappe mensen uit. Vervolgens kunnen we alleen maar hopen dat er door de gesprekken en het eten, door wat er ‘gebeurt’, iets nieuws ontstaat. Als het lukt, vormen de gastheer, de gastvrouw, de gasten en de entourage even een wereld binnen een wereld.

Een wereld die hopelijk blijvend onze kijk op de werkelijkheid daarbuiten verandert.

Maarten: Het blijft vaag. Wees eens op een zwakke manier concreet, puur om een indruk te geven. Ik ben bij mijn schoonouders, we zitten net aan tafel*

Frank: Ik zou traditioneel beginnen: ‘Lieve schoonmoeder, wat ziet de tafel er weer prachtig uit!’ Daarna ga je los. Je laat je kinderen onder de boom een kerstlied zingen waarin je de boodschap hebt verpakt dat je schoonvader zijn vrouw weer al het werk heeft laten doen. Dat hij een verouderd type man is en dat ze snel van hem moet scheiden, wil ze nog iets van haar leven maken.

Maarten: Niet zo feestelijk.

Frank: Je zult hoe dan ook emoties losmaken. Er gebeurt iets. Na de discussie die ongetwijfeld volgt, kun je het altijd nog echt feestelijk maken door te gaan dansen met de knappe jongere zus van je vrouw, je schoonmoeder, schoonvader of zwager. Misschien kun je nog een zoentje stelen. En vergeet het eten en drinken niet. Lekker en veel.

Maarten: Goed dat je over de randvoorwaarden begint. Want ook daarover moet je van tevoren duidelijke afspraken maken. Overleg twee weken voor het kerstdiner een lijst met dertig eisen. Zo mag het vlees niet halal zijn, niet kosjer*

Frank: Daar hoef je met Kerst niet bang voor te zijn. Voorlopig, tenminste.

Meer over