Oud-wethouder Nijmegen legt schuld milieuschandalen bij staf gemeentebestuur; 'Ambtenaren sjoemelden achter mijn rug'

De Nijmeegse ex-wethouder Jan Wijnia van milieu is lange tijd door justitie als hoofdverdachte gezien in een milieuschandaal in de Gelderse stad....

Van onze verslaggever

Mac van Dinther

NIJMEGEN

Niet het college van burgemeester en wethouders is de baas als het gaat om het milieubeleid van de gemeente Nijmegen, maar een groepje topambtenaren. 'Het is een staat in de staat', zegt Jan Wijnia (43), wethouder voor milieu van 1990 tot 1994 en een van de hoofdrolspelers in het milieuschandaal van de gemeente Nijmegen. 'Nog steeds.'

Wijnia (43) is naar eigen zeggen jarenlang bedrogen door zijn eigen ambtenaren. Door dezelfde ambtenaren die nu verklaren dat hij als wethouder alles wist van het illegale gesleep met vuile grond en clandestiene opslagplaatsen. Zozeer dat justitie hem lange tijd zag als belangrijkste verdachte.

Absurd, aldus Wijnia. 'Ik ben gewoon belazerd. Een voorbeeld. Ooit hebben ambtenaren mij gevraagd of ze op het Draaiom-terrein tijdelijk vervuilde grond konden opslaan. Ik zei nee, omdat ik die plek wilde reserveren voor bedrijven. Nu blijkt dat toen ze het mij vroegen er al verontreinigde grond lag. Na mijn verbod zijn ze gewoon doorgegaan met storten. '

Nog een voorbeeld. In het dossier dat de politie heeft opgesteld, zeggen milieuambtenaren dat Wijnia persoonlijk opdracht heeft gegeven vervuilde locaties niet meer te melden omdat de gemeente geen geld had voor sanering. Het omgekeerde is het geval, aldus Wijnia.

'De directeuren van de dienst volkshuisvesting en van het grondbedrijf hebben mij gevraagd of we vervuilingen maar beter niet meer konden melden. Toen heb ik gezegd: je moet het gewoon melden bij de provincie.' Maar het beleid werd niets te melden en dat wordt Wijnia nu aangewreven. 'Uitgerekend door mensen die er zelf verantwoordelijk voor zijn.'

Dat juist Wijnia zich door zijn ambtenaren om de tuin zou hebben laten leiden, is opmerkelijk. Voor hij de politiek in ging, was hij anti-militaristisch actievoerder. Na een paar jaar in de gemeenteraad werd hij de eerste wethouder voor GroenLinks in Nijmegen. Nu werkt hij bij het ministerie van Verkeer en Waterstaat.

Van iemand met Wijnia's achtergrond zou je een kritischer houding verwachten. Maar hij voelde nooit de behoefte om na te gaan of zijn beslissingen werden uitgevoerd. 'Ik ga toch niet mijn eigen ambtenaren controleren. Of dat niet naïef was? Ik ben uitgegaan van vertrouwen. Te veel misschien.'

Toen Wijnia in 1990 aantrad, had Nijmegen op milieugebied volgens hem een achterstand. 'Milieu had geen enkele status.' De kleine milieuafdeling stond voortdurend onder druk van het machtige grondbedrijf en de dienst volkshuisvesting om 'creatieve' oplossingen te vinden voor vervuilde grond.

Een van zijn eerste prioriteiten was het aanpakken van het gedoogbeleid. Daarnaast stak hij veel tijd in overleg met andere steden en de provincie om de richtlijnen voor het omgaan met vervuilde grond bij te stellen. Want de geldende regels waren onwerkbaar, beaamt Wijnia. 'Maar terwijl ik daarmee bezig was, werd er achter mijn rug door mijn eigen ambtenaren gesjoemeld.'

Wijnia houdt vol dat hij dat pas ontdekte toen de politie hem ermee confronteerde. Maar verschillende ambtenaren hebben verklaard dat de wethouder van alles op de hoogte was. Ze verwijzen daarvoor onder andere naar memo's waarin misstanden worden gemeld.

Wijnia ontkent die ooit te hebben gezien. 'Er zullen vast wel eens meldingen zijn geweest. Maar nooit van: er is hier verontreinigde grond en dat gaan we illegaal oplossen. Achteraf gezien kun je zeggen dat ik me te veel heb beziggehouden met beleid en te weinig met uitvoering. Maar dat is ook niet de taak van een wethouder.'

De ex-wethouder blijft erbij dat het 'milieuschandaal' is opgeklopt. Ernstige zaken zijn er volgens hem niet gebeurd. Het werkelijke probleem is de machtsverdeling binnen het stadhuis. 'De belangrijke beslissingen wat betreft de vervuilde grond zijn niet genomen door het college, maar door ambtenaren van de ''harde sector'': volkshuisvesting, ruimtelijke ordening, economische zaken, het grondbedrijf.

'Dat was zo toen ik wethouder was en dat is nog steeds zo. Een cultuurverandering is bikkelhard nodig om te zorgen dat de politiek de beslissingen neemt en niet de ambtenaren.' Vooral het grondbedrijf is 'volstrekt oncontroleerbaar', zegt Wijnia. Hij vertrouwt erop dat collega-wethouder W. Hompe onder wie deze dienst viel, ook van niets wist. 'Dat kan ik niet bewijzen, daar ga ik van uit.'

Bij de afwikkeling van de affaire is kritiek geleverd op burgemeester D'Hondt. Deze weigerde inzage te geven in de dossiers. Hij voelt ook niets voor een eigen onderzoek door de gemeente, waar de oppositie in de raad om heeft gevraagd. Wijnia vindt een onderzoek een goed idee.

'Het kan duidelijk maken waar het is misgegaan. De gemeente zegt: justitie vervolgt niet, dus er is niks aan de hand. Maar daarmee los je de problemen niet op. Het is toch gek dat geen enkele ambtenaar heeft moeten opstappen. Niet dat er van mij koppen moeten rollen. Maar het blijft gek.'

Een onderzoek zou ook duidelijk maken of er nog meer lijken in de kast liggen. Wijnia: 'Ambtenaren zeggen dat er alleen met licht verontreinigde grond is gesleept. Maar na wat er is gebeurd, heb ik daar weinig vertrouwen in.'

Meer over