Op de vlucht voor je familie

Ze weigerden te worden uitgehuwelijkt. Of gedroegen zich 'te losbandig'. De meisjes in 's lands eerste 'eerwraakhuis' zijn door hun familie vogelvrij verklaard....

TEKST BOR BEEKMAN. FOTOGRAFIE JUDITH VAN IJKEN

'Misschien dat ik mijn haar nog verf of knip, maar verder vluchten heeft geen zin. Ik blijf nu hier. En als ze me vinden, dan is het maar zo.' Narges is nieuw, nog minderjarig en zit in de tuin van het kantoor van de vrouwenopvang Fier Fryslân. Ze heeft lange wimpers, kijkt somber en rookt zware shag. Ze inhaleert diep, blaast uit en kijkt verbaasd: 'Ik proef steeds niks, gek is dat.'

Anderhalve week geleden kwam ze hier binnen, met weinig meer dan wat kleren. Narges is op de vlucht voor haar vader, die haar wil uithuwelijken en haar zeer ernstig bedreigt en mishandelt, omdat ze tegensputtert. Ze vluchtte al eens naar Scandinavië, maar werd daar al snel ontdekt, dankzij de hechte gemeenschap van migranten, die via oproepjes op internet en in supermarkten mee hielp zoeken. Ook heeft ze een tijd in een Nederlandse jeugdgevangenis gezeten; niet omdat ze straf verdiende, maar omdat ze nergens anders terecht kon - voor de vrouwenopvang was ze nog te jong. In de gevangenis is Narges agressief geworden, denkt ze. 'Ik was steeds aan het vechten met andere meiden.'

Met de medebewoonsters en lotgenoten in het Friese blijf-van-mijn-lijfhuis kan ze het beter vinden, maar ontspannen doet ze ook hier niet. Een paar dagen geleden werd ze vlak bij de geheime woonlocatie aangesproken door een haar onbekende vrouw die, speurend naar een ander ondergedoken meisje, ook Narges meende te herkennen van een foto. Nu mag ze niet meer zonder begeleiding naar buiten. Dat andere meisje naar wie gezocht werd, Diwa, mag al bijna twee maanden niet naar buiten.

Binnen word ik ziek en moe', zegt Diwa. 'En helemaal gek.' Ze steekt een sigaret op en ploft neer naast Narges, aan het plastic tafeltje in de tuin. Diwa's broer, die haar al eens het ziekenhuis in sloeg omdat hij vond dat ze zich te losbandig gedroeg, heeft ontdekt waar zijn zus ondergedoken zit, vermoedelijk via de pininformatie op haar bankschriften, die nog naar huis werden gestuurd. Nu posten er soms familieleden bij de dichtstbijzijnde pinautomaat en rijden er geregeld auto's door de buurt, op zoek naar Diwa.

Alhoewel alle zes van de nu in Friesland ondergedoken meisjes de meest verontrustende uitslag (rood) scoorden op de door de politie afgenomen risico-screening voor 'eergerelateerd geweld', is de dreiging bij Diwa misschien wel het meest reëel. Haar oom heeft haar tante omgebracht om de familieeer te herstellen, en zit daarvoor een straf uit in een Nederlandse gevangenis. Diwa's vader zit ook vast, wegens betrokkenheid bij diezelfde moord. Alhoewel Diwa bang voor hem is, mist ze hem ook. Ze weigert te geloven dat haar vader iets met de moord te maken heeft. Ook haar broer zat vast, maar die is nu vrij. De politie is alweer naar hem op zoek, en omdat hij geen verblijfsvergunning heeft, kan hij uitgezet worden. Diwa: 'Maar dan is hij binnen een paar dagen weer terug in Nederland.'

Boksbal

Na de rookpauze in de tuin volgen vier van de zes ondergedoken meisjes het nieuwe en speciaal voor hen bedachte dagprogramma van de Friese opvang, dat bestaat uit e-learning via de computer, creatieve therapie en lessen sociale vaardigheden.

Vandaag probeert docente Marijke uit te leggen hoe je wordt wie je bent. 'Het hondje van Pavlov, kennen jullie die?'

Huh?', doen Naima, Diwa en Narges.

'Praat Nederlands, Marijke', corrigeert Aisha.

'Ik probeer duidelijk te maken hoe je gedrag over kunt nemen van je ouders.'

'Helaas', zegt Diwa, staartje boven op haar hoofd, kleine tatoeage op haar buik, 'ik heb alleen hun slechte eigenschappen overgenomen.'

De meisjes komen oorspronkelijk uit landen in Noord-Afrika en het Midden-Oosten, en variëren in leeftijd van 17 tot 19 jaar. Ze delen Dove-chocola en drop rond, het ontbijt hebben ze vanochtend overgeslagen. 'Ik hou niet meer van zachte dingen', zegt Aisha. Ze heeft grote ogen en lang krullend haar, haar knokkels zijn ontveld, van het slaan op de boksbal in de sportruimte. 'Ook met stoeien en zo, dan wil ik echt hard slaan.'

'En dat kun je niet afleren', zegt Diwa. Op kerstavond, toen ze voor het eerst een avondje uit waren, zijn een paar van de meisjes gearresteerd. Ze hadden op straat een groepje autochtone Friese meisjes laten schrikken en na wat over en weer schelden was er een gevecht ontstaan. Van beide kanten was het er hard aan toe gegaan; de meisjes uit het opvanghuis hadden wat tikken met een kettingslot geïncasseerd.

Marijke: 'Met creatieve therapie kun je jezelf onder controle krijgen. Doe je dat niet, dan hoeft er maar dit te gebeuren en je ontploft.'

Aisha: 'Op dat soort momenten denk ik niet aan de consequenties. Boeie.'

Marijke: 'Ik zou toch proberen na te denken over wat slim is voor jezelf.'

De meisjes, nu allemaal door elkaar: 'Ja maar jij hebt alles, Marijke. Wij hebben niks, snap je? Geen familie, niks. Wij zijn alles toch al kwijt.'

Marijke: 'Daar kun je in blijven zitten, maar je kunt ook rekening houden met je toekomst.'

'Wie weet hoe lang ik nog leef?', antwoordt Aisha. Naima klopt direct af op de houten tafel. De andere meiden ook.

Het dagprogramma van de meisjes is een week eerder begonnen, als eerste onderdeel van de nieuwe opvang voor de 'eerwraakmeiden', zoals de hulpverleners ze noemen. Aan het eind van deze maand worden de naar Friesland gevluchte meiden ondergebracht in het eerste Nederlandse 'eerwraakhuis', dat dan geopend wordt, ergens op een geheime locatie in Friesland. Het is de bedoeling dat er nog meer speciale eerwraakhuizen worden opgezet, onder meer in het zuiden van Nederland. Nu delen de Friese eerwraakmeiden nog een blijf-van-mijn-lijfhuis met ongeveer dertig volwassen vrouwen, veelal moeders met kinderen, die op de vlucht zijn voor hun mishandelende (ex-)partners.

'In 'Blijf' loopt het uit de hand', zeggen de meiden, tijdens de volgende rookpauze. Ze zijn blij dat ze een eigen plek krijgen. Behalve aan de krijsende kinderen, storen ze zich ook aan het regime. 'We moeten veel te vroeg opstaan.' Hakima hoopt alleen wel dat het nieuwe opvanghuis niet al te afgelegen ligt. 'Anders worden we kluizenaars.' Ze kan maar moeilijk wennen aan Friesland. 'Mensen kijken je hier raar aan. Ze zijn niet gewend aan buitenlanders.'

Ze heeft zich, net als veel andere meiden, meerdere malen geprobeerd te verzoenen met haar familie, maar elke keer liep dat mis. 'Mijn broer heeft mijn achillespees doorgesneden, omdat er over me geroddeld werd. In het ziekenhuis moest ik zeggen dat ik het zelf gedaan had.' Ze begint te huilen. 'Die klootzak, ik kan nog steeds niet normaal lopen.'

Op haar veertiende raakte Hakima zwanger. Haar moeder kwam erachter, liet haar stiekem bevallen en dwong haar het kind af te staan. Vanaf dat moment mocht ze het huis niet meer uit: 'Ik leefde als een soort slaaf.' Aisha komt erbij staan en vertelt hoe ze op haar tiende naar Nederland afreisde om te gaan wonen bij haar vader, die ze verder niet kende; hij vluchtte kort na haar geboorte het land uit en kreeg hier asiel. 'Het klikte niet tussen ons. Als hij van iemand hoorde dat ik geen hoofddoek droeg kreeg ik al klappen, of het nou klopte of niet.'

Ze werd teruggestuurd naar een oom, in de bergen. 'Dat was de hel', zegt ze, naar beneden kijkend. Op verzoek van de hulpverleners heeft ze haar ervaringen - seksueel misbruik en geweld - op papier gezet, maar ze wil er met niemand over praten. Terug in Nederland liep Aisha weg. Ze sliep, als minderjarige, soms tussen de junkies in de crisisopvang, tot ze in een blijf-van-mijn-lijfhuis terecht kon.

Verdachte auto

Later in de middag is er creatieve therapie. Vier meiden en een begeleidster gooien een bal rond, in een kringetje. Als je de bal naar een ander wilt werpen moet je eerst 'vang' zeggen. Zegt de ander 'ja' dan mag je gooien, anders niet. Diwa zegt dertig keer achter elkaar 'nee', tot het einde van de oefening. Ze houdt niet van spelletjes, legt ze even later uit, en ook niet van emoties. 'Ik huil nooit. Ik heb al genoeg gehuild.'

Na afloop van de laatste les wacht een vervelende boodschap: in de buurt van het opvanghuis is een verdachte auto gesignaleerd. De plaatselijke politie, die intensief contact onderhoudt met Fier Fryslân, heeft inmiddels het kenteken nagetrokken en vermoedt dat de inzittenden op zoek zijn naar een van de ondergedoken meiden. Een beveiliger en een hulpverleenster loodsen Aisha, Narges, Diwa en Naima via de achteruitgang naar een personenauto. Liggend op de achterbank worden ze naar de geheime locatie gereden. Diwa is de enige zonder tranen in haar ogen.

'Dit is vrij normaal', zegt Jannie Oenema, projectleider van het nieuwe eerwraakhuis. 'Wij raken hier niet van in paniek, we weten dat families en mensen uit de gemeenschap van de meiden intensief zoeken. En ook de nieuwe locatie zal na verloop van tijd ontdekt worden. Daar kun je niks aan doen.'

Enkele maanden geleden werden twee bij Fier Fryslân ondergedoken lesbische meisjes, die een relatie met elkaar hebben, klemgereden voor het opvanghuis en gescheiden in twee auto's afgevoerd door familieleden. Een van de meisjes werd tijdelijk in Turkije ondergebracht, het andere kreeg te horen dat ze 'dood' zou worden gemaakt als ze ooit nog contact zocht met het eerste meisje. Zij ondernam een zelfmoordpoging en lag enige tijd in het ziekenhuis. Inmiddels leven beide meisjes weer ondergedoken op een andere geheime opvangplek, maar nu buiten Friesland.

Chiel Alserda, de eerwraakspecialist van de Friese politie, zegt dat hij moeilijk kan optreden tegen zoekende mensen. 'Ik kan een auto checken. En iemand aanspreken en vragen met welke bedoeling die persoon met foto's van de meisjes rondloopt. Maar verder niks. Het zijn geen strafbare handelingen.'

De eerwraakmeisjes vallen ook op in de regio, legt Alserda uit. 'Ze gaan hier in Friesland contacten aan, soms met jongeren uit hun eigen gemeenschap. Ze gaan uit en een aantal heeft ook foute vriendjes.' Hij werkt nauw samen met de Friese vrouwenopvang en binnenkort gaat hij op bezoek bij de eerwraakmeiden, om ze erop te wijzen dat hun gedrag van invloed is op de veiligheid. 'Als ze losbandig zijn, brengen ze daarmee ook de andere meisjes en de hulpverleners in gevaar.'

Op verzoek van de opvang 'screent' Alserda nu de nieuwe vriendjes van de meiden. Zonder specifiek in te gaan op hun eventuele criminele verleden, brengt hij advies uit: wel of niet doen. 'Je krijgt moeilijk vat op deze meiden. Dat begrijp ik ook van hun begeleiders. Ze vertellen veel halve waarheden. Maar als ze echt een nieuw leven willen, moeten ze zich houden aan een aantal spelregels. Ik ga ze daarover streng toespreken.'

De meiden zijn vatbaar voor de aandacht van de verkeerde jongens, beaamt maatschappelijk werkster Femke Deinum, de vaste begeleidster van de Friese eerwraakmeiden. 'Er zijn een paar plekken waar veel allochtone jongeren hangen en dat trekt deze meiden aan. Wij waarschuwen wel: kom daar niet. Ze zeggen dan dat ze heus wel zien of iemand een loverboy is of niet.'

Kaasboerderij

Een paar weken later, op zondagmiddag, zitten de meiden in joggingbroek en op slippers in een kringetje. Van de week zijn ze naar een kaasboerderij geweest, op excursie. 'Wat vonden jullie daarvan?', vraagt begeleidster Femke Deinum.

Narges: 'Kaas stinkt.'

Aisha: 'Ik heb een kalfje gevoerd. Heel lief.'

Diwa: 'Ik ga alleen nooit meer naar dat dorp. Ik vind het rare mensen daar.'

Narges: 'Ik ben uit een winkel gezet. We vroegen nog aan wat jongens of ze daar allemaal racisten waren, maar die jongens zeiden van niet.'

'Maar jullie vonden het toch wel leuk?', vraagt Deinum.

De groep knikt van ja. 'We weten nu wel hoe je kaas maakt.'

Agent Chiel Alserda is inmiddels bij ze op bezoek geweest om te spreken over veiligheid en foute vriendjes. 'Hij was niet te streng of zo', zegt Aisha. 'Ik heb respect voor Chiel.' Diwa: 'Loverboys durven mij niet eens aan te spreken. Die zien met grote letters 'gevaar' op mijn voorhoofd staan. Loverboys kiezen juist Nederlandse meisjes, want dan krijgen ze hooguit de vader en moeder achter zich aan. Bij mij komt de hele familie mee. Mijn broer zou zo'n loverboy meteen afmaken.' 'En jou dan ook', zegt Aisha. Diwa, fel: 'Niet als hij weet dat ik gedwongen werd te werken.'

Vrolijk

Binnenkort wordt Diwa uitgerust met een opsporingskastje, zodat ze voortaan altijd te traceren is. Dat is nodig, want Diwa moet weg uit de Friese opvang. Omdat haar familie weet waar ze zit, kan haar veiligheid niet gegarandeerd worden en brengt haar aanwezigheid ook andere meisjes in gevaar. Nu gaat ze ergens op zichzelf wonen, want weer onderduiken in weer een ander opvanghuis weigert ze.

Femke Deinum, die ook mentor van Diwa is, maakt zich toch wat zorgen. 'Ik verwacht eerlijk gezegd dat ze vroeg of laat onder dwang wordt meegenomen door haar familie. Maar ze is meerderjarig, ze bepaalt uiteindelijk zelf waar ze gaat wonen.'

Diwa zelf, die vanwege de dreiging al maanden niet meer zonder begeleiding buiten is geweest, is voor het eerst weer vrolijk. 'Helemaal blij. Morgen teken ik het huurcontract en dan ben ik zelfstandig.'

Er zijn meer veranderingen in de groep. Aisha woont sinds een week in een leerhuis van Fier Fryslân, waar ze niet meer continu begeleid hoeft te worden, en na de zomer gaat ze weer naar school. En Hakima, het meisje met de doorgesneden achillespees, heeft op verzoek van de leiding het blijf-van-mijnlijfhuis verlaten. 'Ze was niet gemotiveerd', verklaart Deinum, 'en het is hier geen hotel.' Kwam bij dat de verhalen die Hakima vertelde nogal uiteenliepen. 'Dat van die doorgesneden achillespees klopte wel, maar over andere zaken hebben we onze twijfels.'

Rachida, een ander meisje uit de groep, miste haar ouders vorige week zo erg dat ze per telefoon contact met ze zocht. Op het politiebureau heeft agent Alserda een geïmproviseerd verzoeningsgesprek gehouden, waarna Rachida met haar ouders mee naar huis ging. Twee dagen later was ze alweer terug; ze zei dat haar vader van plan was haar mee te nemen naar zijn geboorteland. Agent Alserda betwijfelt of dat echt het geval is. Rachida heeft de relatie met haar nieuwe vriend, die nogal slecht uit de politiescreening van Alserda kwam, inmiddels wel beëindigd.

Paniek

Ondanks het verloop maakt niemand zich zorgen of er straks wel voldoende bewoners zijn voor het nu echt bijna te openen eerwraakhuis. En er is ook alweer een nieuw meisje binnengekomen. Minderjarig, en in de problemen geraakt omdat haar vader haar vriendje niet accepteert. 'Hij heeft haar geslagen en bedreigd met een mes', zegt Deinum.

Narges, op de vlucht voor haar gewelddadige vader die haar wil uithuwelijken, voelt zich na twee weken opvang al veel beter. 'Ik kijk niet meer steeds achter me.' Alleen gisteren, toen ze het bevrijdingsfestival bezocht, raakte ze even in paniek toen een fotograaf de sfeer onder het publiek probeerde vast te leggen. 'Ik heb zijn camera afgepakt en alle foto's waarop ik stond gewist.'

Om herkenning te voorkomen, heeft ze inmiddels haar kapsel aangepast en een piercing tussen haar kin en haar onderlip laten zetten. Aisha, zelf ook drager van een piercing: 'Dat mocht je zeker nooit van je vader?'

'Dat mocht ik wel van mijn vader', antwoordt Narges zonder spoor van twijfel En dat vinden de andere eerwraakmeiden toch wat moeilijk om te geloven.

Meer over