‘Onderhandelen met Al Qa’ida is mogelijk’

Het Westen moet de eisen van Al Qa’ida serieus nemen. Dat is volgens de Mauritaanse onderzoeker Mohamedou de enige manier om een einde te maken aan het geweld van het terroristennetwerk....

De Amerikaanse vice-president Dick Cheney en Al Qa’ida-ideoloog Ayman al-Zawahiri samen aan de onderhandelingstafel in Genève. Mohammed-Mahomoud Ould Mohamedou roept het bizarre beeld op, glimlacht, en verwerpt het weer. ‘Dat is onrealistisch.’

Toch is Mohamedou de auteur van het opmerkelijke artikel ‘Tijd om met Al Qa’ida te gaan praten?’ in The Boston Globe (september 2005), dat hij schreef naar aanleiding van onderzoek dat hij had gedaan aan de Harvard University.

De 38-jarige Mauritaanse moslim, die sinds 1988 in Zwitserland en de Verenigde Staten heeft gewoond, is mede-directeur van het Harvard-programma voor humanitair beleid en onderzoek naar conflictsituaties. Deze week is hij in Nederland voor een Globaliseringslezing in Amsterdam.

‘Al Qa’ida is afgeschilderd als een groep gestoorde religieuze criminelen in de Amerikaanse media en door de regering-Bush. Inderdaad hebben ze de geur van religie om zich heen, maar hun casus belli is in essentie politiek. Ze hebben drie politieke eisen: de VS moeten hun steun aan autoritaire regimes in het Midden-Oosten en aan Israël intrekken, en hun troepen terugtrekken uit moslimlanden. Dat zijn politieke doelen, waar je dus over kunt onderhandelen.’

Een regering onderhandelt toch niet met terroristen?

‘Dat is heel vaak gebeurd. Denk aan de IRA, de PLO. Natuurlijk is het verschil met Al Qa’ida dat het hier om transnationale terroristen gaat en het territoriale aspect niet speelt, maar je hebt hier ook te maken met politieke eisen.’

Osama bin Laden en Ayman al-Zawahiri, de nummer twee van Al Qa’ida, hebben sinds 11 september 2001 respectievelijk 18 en 15 keer in een audio- of videoboodschap hun drie eisen herhaald als voorwaarden voor een wapenstilstand, heeft Mohamedou geteld. De analyses van terrorisme-experts van deze boodschappen zijn doorgaans dat Al Qa’ ida met de boodschappen tijd probeert te winnen, de Amerikaanse of Europese publieke opinie probeert te beïnvloeden, of het leiderschap van Osama bin Laden van Al Qa’ida wil bevestigen. Niemand in het Westen die de woorden van Bin Laden en zijn rechterhand letterlijk neemt. Mohamedou wel. Naïef?

‘Nee, het is intelligent. Want wat is het alternatief? Dat het geweld nooit zal stoppen.’

Hoe ziet u onderhandelingen dan voor zich, als er geen echte ontmoeting kan zijn?

‘Het gaat om politieke acties, die de casus belli weg kunnen nemen. Daarvoor hoef je niet aan de onderhandelingstafel te zitten.’

Maar de eisen van Al Qa’ida zijn zeer extreem, waar zit dan de ruimte voor onderhandeling?

‘Er is inderdaad momenteel nog niet echt ruimte. Die moet worden gecreëerd. Een concreet voorbeeld is Irak. De oorlog tegen Irak, die niets te maken had met 11 september, heeft ruimte geschapen voor meer geweld. Al Qa’ida heeft Afghanistan verloren, maar Irak gewonnen. De VS zouden kunnen denken aan terugtrekking. Het probleem is dat de situatie daar onoplosbaar is gemaakt.’

Bedoelt u uw stelling dan vooral hypothetisch, als een provocatie misschien?

‘Nee, nee, dat is niet in mijn belang. Ik ben een wetenschapper. Dit zijn nuchtere conclusies. Men heeft de basis van het conflict tussen Al Qa’ida en de VS uit het oog verloren door Osama bin Laden als de duivel af te schilderen.’

Kan het Westen zich niet beter richten op potentiële sympathisanten dan op Al Qa’ida zelf?

‘Al Qa’ida geeft uiting aan de problemen in het Midden-Oosten. Daarom moeten we luisteren, wat niet hetzelfde is als met hen sympathiseren of zomaar te doen wat ze vragen. Maar we moeten iets doen aan het gevoel van onrechtvaardigheid en vernedering in de moslimwereld als gevolg van het Amerikaanse beleid. Dan neem je de steun voor Al Qa’ida weg.’

Kan het Westen eigenlijk wel iets doen aan gevoelens van vernedering in het Midden-Oosten, of hebben die veel meer te maken met interne problemen?

‘Er zijn frustraties over een gevoelde teloorgang van het gouden tijdperk van de islamitische beschaving, maar dat is niet de reden dat Al Qa’ida oorlog voert.’

Is het niet ondoenlijk te onderhandelen met een los netwerk?

Osama bin Laden en al-Zawahiri hebben een grote invloed op hun volgelingen. Als zij een staakt-het-vuren afkondigen, is er een goede kans dat dat wordt gerespecteerd.’

Hoe zijn de reacties in de VS geweest op uw pleidooi?

‘Heel negatief en heel positief. Vooral van hoger opgeleiden heb ik bemoedigende reacties gekregen. De stemming is aan het veranderen. Amerikanen gaan meer open staan voor andere opties. De vraag is of we in twintig jaar van het conflict af willen of in drie.’

Mohamedou haalt een stukje krant uit zijn binnenzak. Het is een ingezonden brief in de International Herald Tribune van ene Adele Welty. Zij schrijft dat de Amerikaanse regering moet onderhandelen met Al Qa’ida. Ze is de moeder van een brandweerman die omkwam op 11 september 2001.

Meer over