ColumnSylvia Witteman

Omdat Satan niets onbeproefd laat, zijn die dozen altijd veel te groot voor de papierbak

null Beeld

Efficiëntie is ons baken in de orkaan des levens. Daarom laat ik bestelde spullen meestal niet aan huis leveren, maar bij een ‘afhaalpunt’ om de hoek: daar staat een papierbak voor de deur waarin ik de kartonnen verpakking meteen kan weggooien.

Omdat Satan niets onbeproefd laat, zijn die dozen altijd veel te groot voor de opening van die papierbak (laatst kreeg ik een paar schoenveters bezorgd in een kartonnen hutkoffer, ik verzin dit niet), dus moet je ze eerst platstampen. Dat is wel leuk, al heb ik er een keer lelijk mijn enkel bij verzwikt.

Op de papierbak zat een sticker, zag ik terwijl ik stond te stampen. ‘Ik geef een nier/ voor geen Mark Rutte 4’ stond erop. Dat lóópt niet. ‘Ik geef geen nier/voor Rutte 4’ was beter geweest. Je hebt dan een klein, perfect jambisch versje. De betekenis is wel iets anders, maar een kniesoor die...

‘Een nier?’, hoorde ik achter me zeggen, gevolgd door een smalend snorkje. Ik draaide me om en zag een man die een kartonnen doos vol NRC’s torste. Hij was een jaar of 65, slank en lang, met een doorleefde, paapse kop. Hans van Mierlo, maar met beter haar.

‘Een nier...’, zei de man nog eens. Hij begon de kranten met kleine stapeltjes tegelijk in de bak te schuiven. ‘Zou jij een nier geven voor geen Rutte vier?’ Voor ik kon antwoorden vervolgde hij: ‘Ik niet. Zó erg is Rutte nou ook weer niet. Hij bedoelt het goed, denk ik, en dat is al heel wat. Nou ja, ze bedoelen het allemáál wel min of meer goed. Tenminste, dat geloven ze dan zelf. Er zit er geen één bij waar ik een nier voor zou geven om ’m weg te krijgen.’

Ik dacht na. Mijn zoon zei van de week dat hij er wel een vinger voor zou geven om te slagen voor zijn eindexamen. Daarna bespraken we welke vinger hij zou afstaan. We kwamen tot de conclusie dat een pink een goeie deal zou zijn.

‘Ik weet eigenlijk niks waarvoor ik een nier zou geven’, ging de man voort. ‘Wereldvrede, misschien? Maar daar zou ik toch echt wel heel diep over nadenken. Wereldvrede is mooi, maar daar moet ik dan met één nier van gaan genieten. Zul je net zien dat ik wat krijg aan die andere nier. We hebben er niet voor niks twee, hè? Als we er nou dríé hadden...’

‘Ja, maar dan hadden we die derde toch ook niet voor niks?’, wierp ik tegen. ‘Precies’, antwoordde de man. ‘En daarom zeg ik: al had ik er víér. Ze zoeken het maar lekker uit in Den Haag.’

Meer over