O Dennenklooon

Toon mij uw kerstboom en ik zeg u wie u bent. Bert Teunissen portretteert sinds enkele jaren Europeanen bij hun aller-individueelste kerstsculpturen....

Zou er een circuit voor tweedehands kerstboomdecoraties zijn? Of gaat dat allemaal hup, op de vuilnisberg? Iemand anders z'n piek op je boom, 't lijkt me een vreemd idee, maar als ik eerlijk ben lijkt het kopen van een tweedehands jas me dat inmiddels ook, terwijl ik twintig jaar geleden kind aan huis was in 'de negen straatjes', zoals het tweedehands-kledingwinkelrijkste stukje Amsterdam zich tegenwoordig noemt.

Ik geef toe, het is nogal betrekkelijk. Wie zijn eigen voorouders in olieverf aan de muur heeft hangen, kan zich moeilijk voorstellen dat er mensen zijn die hun woning opsieren met de afgedankte familieportretten van anderen, omdat die nu eenmaal het goedkoopst zijn op de vlooienmarkt, maar die mensen bestaan, en ze zijn beter af dan met kale muren.

Er is een glazen vogeltje, groen, zilver en een roodgelakt snaveltje, dat ik nu een keer of vijfendertig uit de doos heb zien komen, ergens half december. Het bestaat langer, want zolang ik me herinner is er een stukje af, bij de staart, en zit er een knik in de veer die buik en klemmetje verbindt. Wij hebben dat vogeltje geadopteerd. Dat viert nu al veertig jaar bij ons Kerstmis.

Samen met Het Oog. Vroeger had je kerstballen, daar zat aan de voorkant een holte in. Alsof iemand er een sneeuwbal in had gegooid die, na te zijn gesmolten, dit glinsterende gat had achtergelaten. Michelan gelo gaf zo de pupil in een oog weer, en zo noemde ik hem dus, Het Oog. Waar dat type bal vandaan kwam, weet ik niet, in de winkels zie je ze niet meer. Wie beschreef ook al weer het tafereel van de weduwnaar die de boomversieringen van zijn overleden vrouw bleef gebruiken, en zijn nieuwe vrouw die ze stilletjes verhing ten gunste van de hare? Het zal wel zo'n Noorse trilogieënschrijver geweest zijn uit de jaren dertig.

Ook onze kerstboomdoos verenigt twee werelden. Een deel komt van mij thuis, Het Vogeltje, Het Oog, een deel kocht ik zelf voor ik mijn vrouw leerde kennen, eind jaren zeventig, bij de hema, die toen net de plastic kerstbal introduceerde (kun je mee voetballen) en het overige is wat mijn vrouw inbracht, deels ook weer overerfd uit haar familie. Die familiecollecties verschillen nogal van elkaar.

Bij hen, gezin begin jaren zestig gesticht, Nederlands Hervormd, veel figuurtjes: engeltjes, herdertjes, rendiertjes, van hout, of riet, en zelfs vilt. Decoraties die proberen de U-bocht van het christendom terug naar de oorspronkelijke betekenis van het feest te maken. Niet direct in de voorstelling misschien, maar in het rustieke Viking-achtige materiaalgebruik. Dominee met coltrui en haar over z'n boord.

Bij ons uitsluitend versieringen die je nu 'klassiek' zou noemen, geblazen glas, rood, groen en zilver, ik vermoed in Engeland aangeschaft. Niks van 'eigenlijk gaat dit feest ergens anders over'. Gewoon: kerst, Jezus, kalkoen, vrede, en geen gelul. Engelenhaar mocht niet. Zo'n zwaar opgetuigde boom, en dan de hele zaak omwikkeld, als een flonkerende suikerspin, dat was 'ordinair'. Ik geloof niet dat dit gewoon purisme was. Purisme had je ook, maar dat gold meer de spuitbussneeuw en de elektrische lichtjes. In mijn schoonfamilie is het elektrische kerstboomlampje nog steeds omstreden. Altijd is er wel iemand die er een opmerking over maakt

- 'Geen k rsjes?' - waarop de gastheer of -vrouw dient te verklaren dat het overmacht is, want vorig jaar brandde zowat het hele huis af en de verzekering dreigde de premie te verdrievoudigen.

Het bezwaar tegen elektrische lampjes is het bezwaar dat mensen altijd hebben ingebracht tegen de vooruitgang: het wordt te gemakkelijk. Alsof het genot van een stralende kerstboom wordt vergroot door de knagende kans op een inferno. Een verwarring van doel en middel. En in werkelijkheid waarschijnlijk een vorm van verhulde afgunst. Ik heb er al die moeite voor moeten doen, dus jij zult er ook voor zwoegen. Vrede op aarde en in de mensen een welbehagen, mede dankzij kema-keur.

Het bezwaar tegen kunstsneeuw uit een spuitbus was meer ethisch van aard: zo'n wuft Hollywoodproduct, deed dat geen afbreuk aan het speciale, verheven karakter van het kerstritueel? Bij gebrek aan beter (geen planning, alles uitverkocht) trans formeerde ik twee jaar geleden mijn dochters plastic Sesamstraat-boerderij tot kerststalletje, omringd door Lego-dieren, Play mobil-herders en de hond van Barbie, maar die aanpak stuitte toch op een aantal opgetrokken wenkbrauwen, en niet alleen bij ouderen.

'It is the season to be jolly', zingen de Amerikanen, maar hier in de oude wereld ligt dat toch weer anders. Het ware criterium was geloof ik: een kerstboom is geen sier- (laat st n pronk-) object, een kerstboom is een symbool. Een symbool mag je verfraaien en stileren, maar het mag niet veranderen in een sierobject poserend ls symbool. Steeds minder kerstbomen voldoen aan dit criterium en zijn modeartikel geworden. Dit jaar vooral wit en blauw, als ik het goed zie vanuit de tram. Miljoenen sterren, ballen en pieken per jaar. Waar blíjven ze?

Meer over