Menigte drong stadion binnen - en zat in de val

Juntaleider Camara beloofde vrije verkiezingen, totdat bleek hoe zoet de macht ook hem persoonlijk smaakt. Het ongenoegen wordt steeds groter....

Nairobi Hij kwam, zo wil de hardnekkige legende, aan de macht door strootjes te trekken met zijn militaire kameraden. Kapitein Moussa Dadis Camara; geen hoge officier, maar goed genoeg om de leider te zijn van een junta die in Guinee eind vorig jaar de macht greep na de dood van president-dictator Lansana Conté.

De bevolking van het West-Afrikaanse land zag in Camara de juiste man voor het juiste moment. Hij zou de enorme corruptie in het straatarme Guinee stevig aanpakken en vrije verkiezingen voorbereiden waaraan hij zelf in geen geval zou deelnemen. Totdat, natuurlijk, bleek hoe zoet de macht ook hem persoonlijk smaakte.

En dus liet kapitein Camara doorschemeren dat hij januari volgend jaar toch weleens een van de kandidaten zou kunnen zijn. Daarmee wist de bevolking genoeg. Juntaleiders die verkiezingen voorbereiden waaraan zij zelf deelnemen, zijn in dit deel van Afrika, zoals in Mauritanië, doorgaans ook de ‘nieuwe’ gekozen leiders.

Het ongenoegen hierover nam steeds openlijker vormen aan. Hoe gevaarlijk dat kon zijn, wist de oppositie in Guinee al uit protesten die zij begin 2007 in de hoofdstad Conakry organiseerde. Het leger opende toen het vuur op overwegend vreedzame demonstranten en meer dan honderd mensen kwamen om het leven.

Het protest van afgelopen maandag, dat volgens artsen in ziekenhuizen bijna 160 mensen het leven kostte, was door de militaire leiders van Guinee verboden. Toch trokken enkele tienduizenden demonstranten op naar een stadion in de hoofdstad. De politie liet de menigte zich een weg naar binnen forceren, en vervolgens zat iedereen in de val.

Een ooggetuige vertelde de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch (HRW) over het vervolg. ‘Rond het middaguur kwamen onze politieke leiders, en kort daarop begonnen militairen te schieten. Onze leiders konden niet eens het woord nemen. Ik zag gewapende mannen rechtstreeks in de menigte vuren.’

Volgens HRW hebben de zogeheten Rode Baretten, een elite-eenheid binnen de Guineese strijdkrachten, zich ook schuldig gemaakt aan plundering en verkrachting. ‘Het doden van tientallen ongewapende mensen is schokkend’, aldus Corinne Dufka van HRW, ‘zelfs afgezet tegen het grove niveau waarop de junta van Guinee opereert.’

Regionale organisaties, zoals het West-Afrikaanse Ecowas, en de regering van de vroegere koloniale machthebber Frankrijk hebben ‘de slachting’ veroordeeld. Ook zij weten echter dat in Guinee de krijgsmacht zowel de wapens als de politieke macht bezit. Bij nieuwe protesten is nieuw bloedvergieten geenszins uitgesloten. Over de aangekondigde verkiezingen maken weinigen zich illusies.

Meer over