'Meer hoogbejaarden zullen kiezen voor de dood'

Meer Nederlandse hoogbejaarden zullen hun eigen dood gaan regisseren, met of zonder hulp van artsen. Als die hen niet willen helpen, zullen bejaarden die vinden dat zij 'klaar zijn met leven', zelf een weg vinden om dodelijke middelen te kopen, aldus psychiater B.E....

'DE VERSPREIDING van de informatie gaat hard', zegt psychiater B. Chabot. 'Het is nu al mogelijk via Internet middelen te bestellen. Als je weet wat je moet hebben, kun je het halen bij apotheken in Oost-Europa en in de meeste ontwikkelingslanden.'

Wie zelf niet meer in staat is tot zo'n reis, neemt zijn toevlucht tot anderen, voorspelt Chabot: 'De handel in roesmiddelen ligt als een sociaal sjabloon gereed. Op dezelfde manier kan een handel in dodelijke middelen ontstaan. Omdat hoogbejaarden zich niet aangetrokken voelen tot de wereld waarin de huidige drugshandel zich afspeelt, zullen ze betrouwbare tussenpersonen zoeken.'

Waarschijnlijk zullen 'jongere ouderen' de hoogbejaarden helpen. 'Morpheus' koeriers' noemt Chabot hen (Morpheus is de Griekse god van de slaap). Burgerlijke ongehoorzaamheid zal voor hen eerder de drijfveer zijn dan winstbejag. Zo zullen zich de komende tien jaar al de lijnen aftekenen van het autonome gedrag dat een deel van de naoorlogse geboortegolf ook als hoogbejaarden zal behouden, meent Chabot.

In Levensbeëindigend handelen door een arts: tussen norm en praktijk (uitg. Bohn, Stafleu, Van Loghum) schreven vijftien auteurs ieder een hoofdstuk over medische en juridische aspecten van de euthanasiediscussie. De KNMG gaf het uit omdat 25 jaar geleden de openbare discussie over euthanasie in Nederland begon.

Chabot: 'Toen de KNMG mij uitnodigde mijn gedachten te laten gaan over de toekomstscenario's voor het zelfgekozen levenseinde, ben ik uiteraard begonnen met de cijfers op een rij te zetten. De conclusie die ik daaruit moest trekken, heeft mij bij het schrijven als een steen op de maag gelegen. Voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis zullen relatief veel ouderen er zelf voor kiezen hun leven te beëindigen.'

Na 2010, als de geboortegolf-generatie van na 1945 oud wordt, leven er meer ouderen in Nederland dan ooit. Door de uitstekende medische zorg zullen zij lange tijd leven met ziekten en gebreken waaraan ze niet sterven. Naar verwachting gaan ouderen in Nederland gemiddeld zeventien jaar met ziekten leven. 'Voor het eerst zal er een generatie zijn die met ziekten en gebreken hoogbejaard wordt en tegelijkertijd weet dat je kunt kiezen voor de dood.'

Kiezen kan. In vier van de tien sterfgevallen kiezen artsen nu voor bespoediging van het levenseinde, blijkt uit onderzoek . En omdat de ontkerkelijking in de naoorlogse generatie een grote vlucht heeft genomen, is de mogelijkheid voor meer mensen binnen de morele horizon gekomen.

Chabot: 'Als de arts mag kiezen, zullen mondige mensen liever de keus aan zichzelf houden. Ook als het om hun eigen dood gaat. Als kiezen kan en mag, bestaat een cultureel klimaat waarin te verwachten is dat sommige ouderen die keuze maken.' De overgang van 'bevelshuishouding' naar 'onderhandelingshuishouding' in Nederland vond zijn neerslag in de Wet op de Geneeskundige Behandelovereenkomst, waarin de relatie van arts en patiënt in termen van contract wordt gesteld. 'Naarmate meer patiënten met een eisende opstelling de dokter onder druk zetten, zullen vaker artsen blij zijn dat ze kunnen zeggen: ''Het mag niet van de wet''.'

Tot nu toe beheert de arts de sleutel van de medicijnkast. Maar waarom zou de dokter er nog aan te pas komen in het scenario waarin patiënten zelf die sleutel hebben? Chabot: 'Als er een betrouwbaar netwerk is van mensen die elkaar helpen, is een arts niet nodig. Het is wél belangrijk dat er een externe persoon bij betrokken blijft, om te voorkomen dat het besluit tot zelfdoding beïnvloed wordt door familie die er belang bij heeft. Die externe vertrouwenspersoon kan ook een geestelijk leidsman zijn.'

Artsen zijn opgeleid om te pleiten voor het leven. Daarom hoopt Chabot dat ze, hoe conflictueus het ook is, betrokken zullen blijven bij de keuze voor of tegen de dood. Als de ontwikkeling zich voortzet dat eisende patiënten de artsen aanzetten tot zich verschuilen achter de strafwet, dan is er ruim baan voor het scenario waarin de arts niet meer voorkomt. 'Daar zitten gevaren aan', zegt Chabot. 'Als de arts door afhoudend gedrag het vertrouwen verliest, krijgt hij op een gegeven moment ook niet meer de kans om te pleiten voor het leven.'

Hij heeft het in dit verhaal bewust niet over jongeren die lijden onder depressie, maar uitsluitend over hoogbejaarden. En niet over de bejaarden met een dodelijke ziekte, maar over degenen die het stadium van dementie waarin ze hun kinderen niet meer herkennen, niet willen meemaken. Of de verhuizing naar het verpleeghuis.

Chabot werkt sinds twee jaar als specialist in de ouderenpsychatrie. Hij pleit ervoor in bijzondere gevallen hulp te bieden aan mensen in wat hij noemt een 'klaar-met-leven-situatie': wanneer de arts geen alternatieven meer te bieden heeft om het leven leefbaar te houden. Artsen zijn, door hun positie en kennis, degenen die het meest met hoogbejaarden praten over het verloop van een voorzienbaar aftakelingsproces.

Chabot: 'Ik hoop dat artsen afwijzend blijven staan tegenover euthanasie bij dementen. Nu is het vaak onmogelijk mensen te beloven hen te doden als ze in een voor hen ondraaglijk stadium van dementie komen. Op het moment dat de arts kan zeggen: dit is ondraaglijk, is hij niet meer gerechtigd tot de keuze omdat de patiënt er niet meer weloverwogen om kan vragen.'

De ontwikkeling van de vroege diagnostiek van dementie geeft volgens hem uitzicht op de kans tot zelfdoding op een moment dat de patiënt daar zelf nog over kan beslissen. Maar ook nu zijn er al situaties waarin dat gebeurt.

'Ik weet een indrukwekkend voorbeeld', zegt Chabot. In het Twents psychiatrisch ziekenhuis heeft een man van 76 zijn behandelaars overtuigd dat het leven voor hem niet meer leefbaar was door de driftbuien die hij na een beroerte ontwikkelde. Hij was vaak zo ontremd dat hij niet meer thuis kon blijven en in een instelling moest worden opgenomen. Hij besefte wat hij deed, maar kon door zijn hersenbeschadiging niet meer voorkomen dat hij bij kleine aanleidingen explodeerde en daardoor een echtgenoot werd met wie niet meer te leven viel, zodat hij alleen nog in een instelling kon verblijven. De arts-geriater die hem het drankje gaf, heeft aangifte gedaan en is niet vervolgd. 'Het feit dat de vergadering van procureurs-generaal deze zaak in Twente seponeerde, betekent dat zij hulp bij zelfdoding in een klaar-met-leven-situatie accepteerde.'

Ineke Jungschleger

Meer over