Medicijnen sterven uit

Ginseng en ginkgo zijn twee uitheemse planten waaraan veel medisch moois wordt toegeschreven. Niet alleen de schappen van de reformwinkel staan er vol mee, ook drogisterijketens en supermarkten hebben deze winstmakers ontdekt....

BROER SCHOLTENS

De handel in de twee 'kruiden' floreert de laatste jaren; beide producten zijn met moeite aan te slepen. Het gevolg van dit succes is dat de twee populaire plantensoorten met uitsterven worden bedreigd, gelijk zestien andere die aan hun succes ten onder dreigen te gaan. Dit blijkt uit een rapport van het Londense onderzoeksbureau McAlpine, Thorpe en Warrier (Nature van 13 februari en New Scientist van 15 februari). Het rapport is opgesteld in opdracht van enkele Engelse importeurs van medicinale kruiden.

Duitsland is met een omzet van ruim vier miljard gulden veruit de grootste consument van geneeskrachtige kruiden, aldus het bureau. Frankrijk is, ver daarachter, tweede met een jaarlijkse omzet van 400 miljoen gulden, gevolgd door Engeland. De omzet van deze kruiden, die over algemeen nog 'in het wild' worden geoogst, groeit jaarlijks met 10 tot 20 procent.

Bij ginseng gaat het voornamelijk om de wortel van de plant, waaraan men een geneeskrachtige werking toedicht. Ginseng is het meest verkochte product, dat in de 'wilde' variant voornamelijk uit China wordt gehaald.

Het kruid wordt verkocht als een allesdoener; het zou het cholesterolgehalte in het bloed verlagen, het centraal zenuwstelsel activeren, de bloeddruk verlagen en wat al niet meer. Er wordt volgens het Engelse adviesbureau wereldwijd jaarlijks achtduizend ton ginseng verhandeld. De verkoop daarvan neemt jaarlijks met 18 procent toe.

Van de werkzame bestanddelen van de ginkgo of Japanse notenboom wordt zo'n tweeduizend ton per jaar verhandeld; eenderde daarvan gaat naar grootafnemer Duitsland. McAlpine schat de omzetgroei ervan op 25 procent per jaar. Ook ginkgo zou alles doen. Het zou bijvoorbeeld werkzaam zijn tegen hartkwalen, dementie en andere ouderdomsziekten. De boom komt van oorsprong uit het oosten van China, maar daar is hij bijna uitgestorven. Importeurs in westerse landen betrekken ginkgo uit andere delen van China en uit Indonesië.

In het rapport van McAlpine wordt aangedrongen op bescherming van dergelijke planten. Internationale verdragen op het gebied van de biodiversiteit zijn in voorbereiding. Ze hebben tot doel zeldzame planten te beschermen. Handhaving van regels zal echter niet eenvoudig zijn, omdat westerse bedrijven bereid zijn veel geld voor wilde kruiden te betalen.

De onstuimige vraag naar deze natuurkruiden kan ook worden ingedamd door de - veelal overdreven - medische claims te ontkrachten aan de hand van gedegen onderzoek, stelt de Amerikaanse botanist Jim Duke in New Scientist.

Importeurs en verwerkers van natuurproducten zouden de bescherming van deze wilde planten ook zelf ter hand moeten nemen, meent McAlpine. Allereerst door ter plaatse beheersmaatregelen te treffen en daarnaast door de planten te telen op plantages, bijvoorbeeld in het Westen. Technieken daarvoor moeten worden ontwikkeld. Dat is niet eenvoudig omdat weersomstandigheden en grondsoort vaak flink verschillen.

In Duitsland en de VS wordt ginkgo reeds op grote schaal geteeld. Een probleem is dat niet alle afnemers genoegen nemen met de geteelde variant. De wortels van geteelde ginseng bijvoorbeeld zijn te glad en te recht. Die uit de natuur zijn ruw, en knobbelig, en dus geneeskrachtiger, is het idee.

Het zijn niet alleen westerse landen die op grote schaal medicinale planten gebruiken. In landen zoals India en China is 80 procent van de geneesmiddelen die artsen voorschrijven, op dergelijke planten gebaseerd. Een aantal daarvan wordt bedreigd, en ook tegen die aantasting worden maatregelen aanbevolen.

Broer Scholtens

Meer over