Het Eeuwige levenMark Wessels

Mark Wessels (1937-2020), man van negen kinderen bij zeven vrouwen

Hij was pleitbezorger van de vrije liefde. Eind jaren zestig was hij artistiek leider van de toen net nieuwe Amsterdamse poptempel Paradiso.

Hij kan worden gezien als een symbool van de seksuele revolutie. Provo, kunstenaar en ontwikkelingswerker Mark Wessels was aanhanger van de vrije liefde. Hij verwekte negen kinderen bij zeven vrouwen, totdat hij zich in de jaren tachtig eindelijk settelde met Patricia Weiss.

In zijn periode als artistiek leider bij het Amsterdamse Paradiso, stond naast het poppodium nog een gevangenis en aan de overkant de vrije kerk. ‘Zelf sprak hij van de vrije gemeente aan de overkant, de onvrije gemeente naast hem en de vrijende gemeente waarmee hij Paradiso zelf bedoelde’, zegt Patricia Wessels, een van zijn dochters.

Als beeldend kunstenaar baarde hij opzien met het werk ’Sunny Implo’ dat hij samen met filmer Louis van Gasteren maakte: een grote hangende holle bol die een therapeutisch effect zou hebben als je je hoofd er enige tijd in zou houden. Als ontwikkelingswerker richtte hij zelf een ziekenhuis op.

De laatste twintig jaar verbleef Wessels afwisselend in Amsterdam en op Bali. Hij overleed op 12 januari in het ziekenhuis op het Indonesisische eiland aan de gevolgen van suikerziekte. Hij wordt begraven bij zijn vader in het Twentse Wierden.

Patricia Wessels noemt hem ‘een onstuimige man’. ‘Enorm gepassioneerd en gedreven. Kenmerkend voor hem was dat hij nogal eens van naam wisselde. Als iemand hem riep, wist hij uit welke periode die kwam.’

Hij werd als Fred Wessels (in de jaren zestig noemde hij zich Albert-Jan, in de jaren zeventig Ibrahim en uiteindelijk Mark) geboren in Hilversum, waar zijn vader tekendocent was. Tijdens de oorlog ging de familie naar Wierden, waar zijn vader in 1944 overleed. Het gezin werd ondergebracht bij opa en oma in Hengelo. De rebelse Fred kon daar niet aarden. Een oom liet hem tekenen voor de Koninklijke Marine, waarvoor hij zes jaar zou dienen. Tijdens het conflict in Nieuw-Guinea deserteerde hij en trok in bij een Spaans liefje. Uiteindelijk werd hij opgepakt en belandde in de militaire strafinrichting Nieuwersluis.

In 1961 vestigde hij zich als kunstenaar. Hij sloot zich aan bij een van de voorlopers van de provo-beweging die in 1962 Amsterdam tot ’Magies Sentrum’ uitriep (met Simon Vinkenoog, Johnny van Doorn en Robert Jasper Grootveld) en die zich in zogenoemde happenings afkeerde van de gevestigde orde. Samen met Robert Jasper Grootveld opende hij in 1963 de ’Afrikaanse Drukstoor’, die de acceptatie van bewustzijnsverruimende middelen propageerde en daarmee de eerste koffieshop van Amsterdam werd.

Opzien baarde ook zijn ‘witte huwelijk’ – man en vrouw allebei in het wit – in 1966. Als artistiek leider van Paradiso gaf hij vorm aan de beroemde geschilderde gevel en organiseerde hij een ‘kosmische’ happening tijdens de eerste maanlanding met een wand vol tv-toestellen.

In 1972 vertrok hij naar Java om de Indonesische beeldende kunst te bestuderen. Hier raakte hij betrokken bij de hulpverlening aan de allerarmsten. Later werkte hij twee jaar in Gambia.

Zijn atelier had hij in de Jordaan. Eind jaren tachtig verkocht hij zijn woning om met zijn vrouw Patricia en jongste dochter per zeilboot op wereldreis te gaan. In de zomer van 2018 is nog aandacht besteed aan zijn kunst met een tentoonstelling in het Stedelijk Museum in Amsterdam.

Patricia Wessels zegt dat haar vader in zijn leven alles heeft geprobeerd. ‘Hij had heeft niet alleen vele vrouwen en namen gehad. Hij heeft ook alle drugs wel een keer geprobeerd en alle godsdiensten aangehangen: van de islam tot het katholicisme.’

Meer over