Magiër bezweert heilige oorlog BRIAN MOORE VERBINDT KATHOLICISME MET KOLONIALISME

IN DE ROMANS van Brian Moore, een van de grote Britse schrijvers van deze tijd, tref je steeds opnieuw dezelfde onderliggende thema's aan....

Daarbij laat Moore niet af telkens weer de pernicieuze invloed van het katholicisme, of liever gezegd de katholieke kerk als instituut, te belichten. Als je zijn hele oeuvre op dit thema zou onderzoeken, zou je er een systematische en altijd direct met de praktijk samenhangende studie van de macht en de moraal van de katholieke kerk uit kunnen distilleren. Moore's scherpe oog voor en zijn afkeer van de kerk zullen wellicht deels terug te voeren zijn op zijn Noord-Iers-katholieke afkomst, maar erg belangrijk is dat niet, want de feiten spreken voor zichzelf.

Het totalitaire karakter immers van een instituut dat het monopolie op de waarheid en de moraal opeist en zijn invloed wil uitoefenen op alle aspecten van menselijk gedrag en samenleven, overtreft alle andere bekende totalitaire systemen, zoals het fascisme of het communisme. Het overtreft deze ook in duurzaamheid, want fascisme en communisme zijn gekomen en gegaan, maar het katholicisme is gekomen en gebleven. De geschiedenis wijst uit dat wanneer het er in moreel en menselijk opzicht op aangekomen is, de kerk het dikwijls grondig heeft laten afweten.

Al in de roman waarmee hij in 1955 debuteerde, The Lonely Passion of Judith Hearne, die op weergaloze wijze de ondergang van een vereenzaamde, ouder wordende vrouw beschrijft, laat Moore zien hoe Judith, die haar verstand en ook haar enige troost - haar geloof - dreigt te verliezen, overal bot vangt. Niet alleen bij de mensen in haar omgeving die de christelijke naastenliefde hoog in het vaandel hebben staan, maar ook bij de kerk. De kerk kent weliswaar een menslievende kant, de zorg voor armen en behoeftigen, maar die wordt slechts verleend tegen een prijs: je moet wel gelovig zijn.

In zijn twee voorlaatste romans, No Other Life - over het leven van een missionaris op het door armoede en politiek geweld geteisterde eiland Haïti - en The Statement - het goeddeels feitelijke verhaal van een voortvluchtige Franse oorlogsmisdadiger die tot diep in de jaren tachtig protectie genoten heeft van katholieke kloosters in Frankrijk - ligt de nadruk meer op het opportunisme, dat het handelen van de kerk zo exclusief heeft bepaald. De houding van de kerk tijdens en na de Tweede Wereldoorlog vormt daarvan misschien wel het krachtigste voorbeeld. Moore's ontleding van die schaamtevolle periode in de recente geschiedenis van de kerk, die ook een hoofdrol gespeeld heeft in de bevordering van het Europese antisemitisme, heeft The Statement tot zijn meest controversiële boek gemaakt.

Ook in zijn pas verschenen roman The Magician's Wife, gesitueerd in het Frankrijk en Algerije van halverwege de negentiende eeuw, analyseert Moore het katholicisme. Ditmaal in verband met kolonisatie en een andere machtige religie: de islam.

Je kunt Moore's romans dus lezen als een doorgevoerd onderzoek naar moraal en religie, maar dat hoeft helemaal niet. Zijn romans zijn namelijk stuk voor stuk spannende boeken, geschreven in een mooie, bedrieglijk eenvoudige stijl. Het zijn verhalen die de aandacht van de lezer vasthouden als een thriller. Volgens zijn zeggen is dat ook altijd de opzet: het schrijven van een simpel, rechtstreeks verhaal, dat in korte tijd te lezen is. Dat die onderhoudende kwaliteit steeds gepaard gaat met een grote diepgang en dat die verhalen belangrijke vragen oproepen, wordt de lezer niet opgedrongen.

Het verhaal van The Magician's Wife is eveneens gedeeltelijk op feiten gebaseerd. Het speelt zich af in het jaar 1856. De gebeurtenissen worden gezien door de ogen van Emmeline, de vrouw van Henry Lambert, de beroemdste magiër en goochelaar van Europa. Lambert wordt door keizer Napoleon III naar het nog maar half gekoloniseerde Algerije gestuurd om het uitbreken van een heilige oorlog te bezweren. Dat gevaar moet afgewend worden tot het moment dat het Franse leger voldoende uitgerust is van zijn inspanningen in de Krimoorlog om naar Algerije te trekken en het land volledig te veroveren.

Lambert moet de macht van de Marabout, de moslimleider Bou-Aziz, breken door de tribale bevolking met allerhande goocheltrucs te tonen dat zijn magische vermogens groter zijn dan die van enige moslim heilige. Dit zal hen overtuigen van de superieure, goddelijke macht van Frankrijk en doen afzien van het volgen van de oproep van de inheemse leider.

Het verhaal werkt gestaag toe naar de ramp waarop het natuurlijk moet uitlopen, maar het wordt een andere dan de gevreesde en hij voltrekt zich sluipend, op het allerlaatst, als er op het politieke toneel al niets meer mis kan gaan. Het boek eindigt met een strakke constatering van de feiten: 'In de zomer van 1857 werd de tribale bevolking van Kabylia onderworpen, daarmee was de Franse verovering van Algerije voltooid. In de zomer van 1962 verklaarde Algerije de onafhankelijkheid, waarmee de Franse aanwezigheid in het land werd beëindigd.' Met hoeveel geweld kolonisatie en dekolonisatie gepaard zijn gegaan, wordt bekend verondersteld.

The Magician's Wife is een bijzonder boek, een sterk verhaal, waarin prachtige vergelijkingen te vinden zijn tussen de karakters en de culturen die er een rol in spelen. Zo worden Emmeline's dromen over bedrog vergeleken met de zinsbegoochelende trucs opgevoerd door Lambert, pion van het Franse imperialisme. Dat wordt weer vergeleken met de huichelachtigheid van de Fransen die voorgaven het lot van het Algerijnse volk te willen verbeteren waar eigen gewin en onderdrukking uiteraard de ware motieven voor kolonisatie vormden.

Emmeline en Lambert wonen twee keer een mis bij, een in Compiègne, in de kapel van de keizer, en een in Algiers, in een omgebouwde moskee. De korte schetsen van die religieuze bijeenkomsten zijn even huiveringwekkend als hard in hun oordeel. In de kapel vergelijkt Emmeline onwillekeurig de transsubstantiatie met het slotritueel van de jacht dat ze de vorige avond aan het hof heeft meegemaakt, een soort satanische viering van het doden bij het schijnsel van fakkels.

'Ze dacht niet aan het lichaam en bloed van Christus maar aan het bloedige tafereel in het donker met de grommende honden, de kaken besmeurd met bloed, en het kraken van de botten tussen hun tanden.' Ondertussen kan de lezer het niet laten bij de verandering van brood en wijn te denken aan de zo uitvoerig beschreven goocheltrucs van Lambert. De mis in de moskee ontaardt gaandeweg in een luidruchtig, militant nationalistische vertoning die al heel weinig te maken heeft met devotie, nederigheid of naastenliefde.

Het allermooiste blijft de heldere kijk die Moore heeft op de werking van de geest van zijn personages. Het kille egocentrisme, het onechte en tegelijkertijd meewarige van een figuur als Henry Lambert, die naast zijn schoenen staat van trots dat hij deze opdracht voor het vaderland mag vervullen, dringt tot in de kleinste details van zijn optreden door. Hoewel je met Emmeline de meeste affiniteit hebt, haar twijfel aan de onderneming deelt en haar verheugd volgt bij haar laatste daad, die getuigt van meer morele moed, zelfstandigheid en politiek inzicht dan je haar aanvankelijk had toegedicht, zou Moore Moore niet zijn als hij niet even aanstipte dat Emmeline's moed deels ook ingegeven is door drijfveren van een aanzienlijk lager kaliber. Zelfs gewetensvol en menslievend handelen kan tevens een vorm van wraak zijn.

Leonoor Broeder

Brian Moore: The Magician's Wife.

Bloomsbury, import Nilsson & Lamm; 215 pagina's; ¿ 65,65.

ISBN 0 7475 3718 6.

Meer over