PostuumMachteld Versnel-Schmitz

Machteld Versnel-Schmitz (1940-2019): D66’er bij wie de dood zich niet aan de afspraak hield

Ze behoorde tot de pioniers van D66 en was robuust en stand­vastig. Maar toen ze wilsonbekwaam werd, wilde ze niet wat ze had vastgelegd.

Machteld Versnel-Schmitz (1940-2019)
 Beeld
Machteld Versnel-Schmitz (1940-2019)

In 2017 trok Hans Versnel aan de bel. Hij vertelde publiekelijk het verhaal van zijn vrouw Machteld. Het voormalige D66-kamerlid leed aan alzheimer en was in mei 2016 na een hart­infarct in het verpleeghuis op­genomen.

Daar had ze volgens hem nooit terecht willen komen. In 2009 had het echtpaar Hans Versnel en Machteld Versnel-Schmitz een ­euthanasieverklaring opgesteld. ‘Toen was ze wils­bekwaam. Maar op het moment dat ze naar het verpleeghuis moest en haar een bevestiging werd gevraagd, zei ze wilsonbekwaam: ‘Nee hoor, ik wil nog niet dood. Ik heb van die leuke kleinkinderen.’

Aan twee wettelijke vereisten voor euthanasie – een mondelinge bevestiging van de schriftelijke wilsverklaring, en uitzichtloos en ondraaglijk lijden – was niet voldaan. Machteld Versnel-Schmitz verbleef nog drie jaar in het Bar­tholomeus Gasthuis in Utrecht voordat ze 29 juli op 78-jarige leeftijd overleed. ‘De laatste weken ging ze hard achteruit en uiteindelijk at ze niet meer. Daarna werd ze in slaap gehouden’, zegt Versnel. Palliatieve sedatie. Ondanks de ‘liefdevolle, toegewijde en professionele verzorging’ in het verpleeg­huis, noemt Versnel de aftakeling ‘mensonterend’. ‘Ik denk dat ze daar ook flarden van geluk heeft gehad, maar haar blik stond vaak anders.’

Machteld Schmitz werd geboren in Bilthoven, als dochter van een handelaar in textielagen­turen. Ze groeide op in een katholiek gezin met vijf kinderen. Na het gymnasium in Amersfoort werkte ze als au pair in Londen en Parijs om haar talen beter te leren spreken. Daarna ging ze als werkstudent geschiedenis studeren in Utrecht. In 1966 zag ze het manifest van de nieuwe partij D66 en was meteen gegrepen. Samen met Jan Terlouw en Henk Zeevalking stond zij aan de wieg van de Utrechtse afdeling. Zij werd af­delingssecretaris, naast Terlouw die voorzitter werd. Van 1970 tot en met 1974 was zij raadslid en later fractievoorzitter van de eerste, vierkoppige D66-fractie in Utrecht. Ze kreeg daar een aanvaring met Jan de Vries, de machtige baas van bouwconcern Bredero die toen Hoog Catherijne bouwde. Als fietser vroeg ze om fietspaden. ­‘Mevrouw, over tien jaar rijden in het centrum geen fietsen meer’, bromde De Vries.

Ze trouwde in 1968 met Hans Versnel. Hij was protestants, PvdA’er en afkomstig uit een ­Indisch milieu. Maar ze deelden hun nieuwsgierigheid. Samen met hun drie kinderen woonden ze enkele jaren in Indonesië. Na terugkeer in 1982 kwam ze opnieuw in de gemeenteraad van Utrecht en in 1989 werd ze Kamerlid.

Voor D66 voerde ze het woord over volkshuisvesting en ruimtelijke ordening, verkeer en cultuur. Ze was van 1994 tot 1998 voorzitter van de Vaste Kamercommissie voor VRO. Bram Peper, een huisvriend, zei: ‘Met meer Machtelds in politiek en samenleving zou onze samenleving er ontspannener en kleurrijker uitzien. Meer evenwicht tussen verstand en hart.’

Jan Terlouw noemde haar een standvastige en robuuste vrouw. Hij kwam enkele keren met haar in aanvaring over de ondertunneling van de Betuwelijn: ‘Maar dat nam niet weg dat ze in 1987 als ambtenaar van de burgerlijke stand in Utrecht het huwelijk voltrok van mijn dochter Pauline.’

Na twee periodes in de Kamer had ze het gezien. In 1998, zei ze in het Utrechts Nieuwsblad: ‘Ik wil nog iets anders gaan doen en als ik te lang wacht ben ik dood.’ Tot haar pensioen in 2005 werkte ze bij ­Natuurmonumenten. Na haar ­pensioen was ze voorzitter van de vereniging Nederlands Cultuurlandschap, totdat in 2014 alzheimer werd vastgesteld en ‘haar ­leven eigenlijk was voltooid.’

Meer over