Boeken

Louis Lehmann (1920-2012) was een zeldzaam origineel mens, aldus nieuwe biografie

Louis Lehmann en Alida Beekhuis (rechts) in de schiettent. Beeld
Louis Lehmann en Alida Beekhuis (rechts) in de schiettent.

Dichten, dansen, archeologie, essayeren, vertalen, componeren – Louis Lehmann deed het allemaal met verve, en meer. Een nieuwe biografie en bloemlezing vertellen zijn verhaal, en zijn weduwe Alida Beekhuis (88) voegt daar nog het een en ander aan toe.

John Schoorl

Toen Alida Beekhuis al een tijd met Louis Lehmann (1920-2012) optrok, kwam ze erachter dat hij zijn schoenveters anders vastmaakte dan feitelijk elk ander menselijk wezen. Hoe hij het precies deed, dat doet er even niet toe. Hou het er maar op dat het leek alsof hij van buiten naar binnen strikte.

Het verbaasde haar geenszins, want de man met wie ze meer dan vijftig jaar verkeerde, kende in oorspronkelijkheid een verregaande staat van zijn. Het van een andere kant bekijken, regeerde als zijn vaste invalshoek. Hij was nooit wat je denkt dat hij was en als hij het wel was, dan wilde hij er niet op aangesproken worden. Zo was hij een groot dichter, terwijl hij geen dichter wilde zijn, want dichten was geen vak en verdienste. Ook had hij een baan die hij een non-baan noemde. Hij werd door de literaire wereld dus maar als een homo universalis betiteld, omdat men zo alles in hem kon gieten, van danser, (scheeps)archeoloog en beeldend kunstenaar tot essayist, vertaler en componist. Maar zag hij zichzelf ook zo, als de totale, universele Lehmann?

Derde zoon van een koning
Dat lijkt ook wel fijn
Om zomaar om niets
Belangrijk
te zijn.

Om de graad van verwarring op te schroeven bediende hij zich van talloze pseudoniemen, zoals Mies Maan, Kemal Isamïli, Urenkel Bählamm, Urenkel Klecksel, Georges Ferre en M. Schoriës. Als hij toch ergens duidelijk over was, dan was het over zijn voorkeur voor het nu. Plannen maken, dingen plannen, daar koos hij niet voor. De toekomst bestaat niet, meende Lehmann.

Alida Beekhuis (88), de weduwe van Lehmann. Beeld Eva Roefs
Alida Beekhuis (88), de weduwe van Lehmann.Beeld Eva Roefs

En nu hij hier, in het huis van Alida Beekhuis (88), ons grijnzend vanaf een foto aankijkt, weet je dat hij dat nog steeds vindt, ook al is hij negen jaar dood. De eeuwige geest van Louis Lehmann is in dit appartement in Amsterdam in goede handen. Zijn eigenzinnigheid wordt hier post mortem gevierd, zoals in een zijkamer waar uitgeverij De Gouden Reaal huist, gespecialiseerd in het publiceren van werken van L.Th. Lehmann. Voor je het weet, loop je met een scheepsjournaal of de verzamelde recepten van Lehmann naar buiten.

Ook goed te weten, is dat hij tal van liefhebberijen had, of zaken waarin hij zich geruime tijd verdiepte. Hij kon zomaar worden gegrepen door het bestaan van zwarte tuinkabouters in Nigeria of de toestand van kleine trommelaars tijdens de Amerikaanse burgeroorlog. En daar kon je een goesting voor surrealisme, de tango, jazz en niet-bestaande woorden bij optellen.

Op de vloer van het appartement heeft Beekhuis het bladpapier van diverse muziekcomposities van Lehmann uitgestald, zoals de Unilever Suite, minimal music en een blues over psychoanalyse. Want, jawel, Lehmann is tien jaar in psychoanalyse geweest, vertelt Beekhuis. Hij dacht daardoor een normaal functionerend mens te worden, geaccepteerd bovendien, maar het heeft niet geholpen.

De blikjes
Onder de lekken
Zeggen: pak, pek, peung.

In de zojuist verschenen biografie De dichter die het niet wilde zijn, doet Jaap van der Bent verslag van het leven van ‘een zeer complex figuur’. Iemand die als jeugdig dichter een wonderkind werd genoemd door vooraanstaande literatoren als Simon Vestdijk, een winnaar van literaire prijzen bovendien, maar die in de jaren zestig besloot om niet meer te publiceren. Zelfs Gerrit Komrij stond hij niet toe dat er in diens bloemlezingen gedichten van hem werden opgenomen. ‘Gij zult niet bloemlezen’, meende Lehmann – tevens de titel van de ook zojuist verschenen bloemlezing uit zijn werk, samengesteld door Erik Bindervoet. Pas op zijn 75ste, de dag nadat hij was gepromoveerd als scheepsarcheoloog, klopte hij na dertig jaar weer eens aan bij een uitgeverij. Nu kon het weer, zegt Beekhuis. Hij voelde zich verlicht door zijn promotie.

Louis Lehmann Beeld Eddy Posthuma De Boer
Louis LehmannBeeld Eddy Posthuma De Boer

Met de biografie en de bloemlezing heeft ze zich zo min mogelijk bemoeid, huiverig als ze is om als lastige weduwe te worden beschouwd. Bovendien kent de werkelijkheid vele facetten, en dan vooral de werkelijkheid van Louis. De facetten die haar bekoorden, kunnen voor een biograaf nutteloos zijn. Want Louis was zo origineel, zegt Beekhuis, dat hij er zelf last van had.

Als mannen op een verjaardag zich zaten te beklagen over de verkeersdrukte, legde hij hun uit dat het een eer is om in de file te staan, want dat betekende dat je een baan had. Lehmann wilde dolgraag een normaal bestaan – hij droeg niet voor niets altijd een stropdas – maar hij wist dat hij niet geschikt was voor reguliere burgermansgedoe. Trouwens, met een echte baan had hij niet kunnen balletdansen, zoals hij minimaal tweemaal per week met volle overtuiging deed, of kunnen tekenen of componeren. Want in de kern ging zijn leven om vrijheid en ruimte. Een uitspraak die hij veelvuldig aanhaalde, was: ‘Kijk moeder, een koe!’ Waarmee hij maar wilde zeggen, dat alles begint met wat je ziet.

Van mij kan men zeggen
Dat ik mij verlies
In kleinigheden
Maar ook
Dat ik mij erin vind.

Als ze zo op haar hoge stoel zit, kan Alida Beekhuis kostelijk, met deftige tongval en gevoel voor absurdistische details, over Lehmann debiteren. Met full swing haalt ze het moment terug dat ze voor het eerst een afspraakje met hem had. Het moet ergens in 1960 zijn geweest. Ze luisterden op zijn kamer in Amsterdam naar Griekse muziek, dronken retsina en aten een Grieks-Turks gerecht met gehakt en aubergines. Opeens pakte hij zijn gitaar en begon Zweedse liedjes te zingen. Vervolgens zette hij zelfverzekerd een solodans op Griekse muziek in. Alida was verkocht. Ze zou het nog vaak meemaken, op hun reizen naar Griekenland, dat Lehmann in overladen danstenten een solodans maakte, vrij improviserend, zich totaal verliezend in zijn bewegingen.

Het was flink aan na dat etentje, maar haar ouders waren mordicus tegen. Hun Alida die aan een dertien jaar oudere dichter bleef hangen, een kunstenaar dus, dat paste niet in het plaatje van een hooggeplaatst juristengeslacht. In het begin ging het ook een keer uit, want ze vroeg zich af wat ze met een man moest die niet in de toekomst geloofde. Maar ja, toen merkte ze hoe diep hij in haar zat, geestelijk gezien, dat ze zijn nieuwsgierigheid miste, zijn verwondering. Vond je het ook zo raar, zei Louis bij de hereniging, dat we niet bij elkaar waren?

Nooit gingen ze samenwonen, ieder apart was beter. Ze moest aan het werk als aardrijkskundelerares, had haar eigen kennissenkring en was een fanatiek bridger. Beiden wilden geen kinderen. Dat had te maken met hun jeugd. Lehmann had een bezitterige moeder en een zeevarende, uithuizige vader die veel ruzie maakten. En Alida’s moeder wilde graag een meisje, als een soort pop, terwijl ze zeer jongensachtig was. Toen ze 12 jaar was, werd ze in Bloemendaal bij een gezin ondergebracht, omdat het thuis niet meer ging. Ze zegt dat ze daar is dichtgeklapt, voor jaren. Louis heeft haar als het ware geopend, en daar is ze hem nog steeds dankbaar voor.

Alida Beekhuis Beeld Eva Roefs
Alida BeekhuisBeeld Eva Roefs

Met Louis ging ze naar de boekhandel om naar erotische plaatjes te kijken, om haar het gevoel te geven dat seks normaal is, niets om zenuwachtig over te zijn. Hij was altijd nieuwsgierig naar andere vrouwen, zegt Alida erbij, maar ook zij was niet altijd monogaam. Het deed er niet toe, ze wisten van elkaar wat ze in huis hadden, zoiets moois had niemand. Hij kwam toch wel terug naar haar, en zij had geen verweer tegen zijn eigenzinnigheid. Dat ze van elkaar hielden, dat werd niet ongedwongen uitgesproken. Ja, eerlijk gezegd vond ze dat wel moeilijk, dat wilde ze toch graag horen. Het dichtst bij een openbare liefdesverklaring was de opdracht in zijn proefschrift: ‘For chaos-defying Alida’. In een onderonsje erkende Lehmann wel dat als hij haar niet had gehad, hij gek was geworden. En wat zij niet verwachtte, gebeurde in 2010 dan toch, tot haar blijdschap, vier dichtregels over haar van haar 90-jarige echtgenoot:

Mijn ik raakt in de schaduw
Maar wil mij niet vergeten
Voor Alida wil ’k heten
Met elke naam die zij mij geeft

In 1938 fietste Lehmann van zijn huis in Rotterdam naar Amsterdam, om daar een tentoonstelling te zien over surrealisme, iets wat hem onmiddellijk greep: het fantasierijke, vrije, associatieve liet hem nooit meer los. In de laatste jaren van zijn leven leek het wel alsof het surrealisme zelfs zijn bestaan had overgenomen. Hij kwam in een verpleeghuis terecht, waar een vrouw een pop in zijn bed legde en een andere vrouw hagelslag over hem heen strooide. Er vloog een bloempot door de ruimte. Bizar, zei Lehmann dan, amper verbaasd, en veegde de aarde van zijn overhemd.

Als ik voor het laatst
In slaap zal vallen
Hoop ik dat ik net
Zal denken aan iets anders.

Alida Beekhuis scharrelt in het zijkamertje, hoofdkwartier van uitgeverij De Gouden Reaal, waar de nodige bibliofiele uitgaven van Lehmann worden klaargemaakt. Zo krijgt ze geen tijd om hem te missen, zegt ze, want ze is nog steeds bezig om zijn werk te verspreiden. Als zij niks doet, vreest ze dat alles zal verdwijnen. Hij wilde bij leven vooral niet bekend worden. Het ging hem niet om wat hij deed, zei hij altijd, maar om wie hij was. Van zo’n exceptioneel mens als Louis, zo wil Alida Beekhuis nog gezegd hebben, zal nooit een tweede opstaan.

Cover van de Louis Lehmann-biografie door Jaap van der Bent. Beeld
Cover van de Louis Lehmann-biografie door Jaap van der Bent.

Jaap van der Bent. De dichter die het niet wilde zijn. Leven en werk van Louis Lehmann. Uitgeverij AFDH; € 45.

Erik Bindervoet. Gij zult niet bloemlezen. Bloemlezing uit de poëzie van Louis Lehmann. Uitgeverij AFDH; € 25.

Spinvis doet Lehman(n)

In 2006 maakte Spinvis (pseudoniem van Erik de Jong) samen met dichter Simon Vinkenoog de cd Ja! Ook op deze schijf het nummer de Louis Lehman Suite – de naam van Lehman gespeld met maar één n. Op dit nummer is de kenmerkende stem van Lehmann te horen, begeleid door het Spinvis Combo. Al luisterend naar dit eerbetoon lijkt Lehmann hier geen bestaande woorden uit te spreken.

Meer over