op mijn plek

Lelijk van buiten, bruisend van binnen

Geertje en Roos Eek, de tweeling achter sieradenmerk Tweek Eek, voelen zich thuis tussen de designers en machines in het Eindhovense Sectie C.

Roos Volkers
Geertje en Roos Eek Beeld Jordi Huisman
Geertje en Roos EekBeeld Jordi Huisman

Wie? Tweeling Geertje en Roos Eek (23).

Waar? Sectie C, een voormalige fabrieksterrein van Philips met studio’s en werkplaatsen van ontwerpers en creatieve ondernemers in Eindhoven.

Wat doen zij? Ze hebben hun eigen sieradenmerk, Tweek Eek.

Waar zijn we?

G: ‘Sectie C, een oud industrieterrein waar designers een atelier kunnen huren. Het is een half uur fietsen van het centrum van Eindhoven, eigenlijk niet te doen, maar we komen er vaak. Vroeger produceerden ze hier verkeersborden, nu werken er toffe mensen als Nacho Carbonell, een ontwerper die van een lamp of kast high-art-objecten maakt. Of een Paul Koenen, die aan het opkomen is en wiens mooie dingen de wereld nog moet zien. Maar als je naar de buitenkant kijkt, denk je alleen: wat een lelijk gebouw.’

R: ‘Ja, hier binnenlopen geeft echt een andere beleving. Overal heb je kleine werkplaatsen, alsof in elk stukje van het pand een nieuwe wereld is. Tijdens Dutch Design Week is het ook één grote tentoonstelling. Wij zijn opgegroeid tussen de creatievelingen, daardoor voelen we ons denk ik zo thuis op Sectie C, omringd door alle designers en hun machines. Zij vormen nu ook inspiratie voor onze sieraden.’

Hoe zie je dit dan terug?

G: ‘Tweek Eek-sieraden worden gemaakt in Nederlandse fabrieken die normaal gesproken meubels of hightech-onderdelen voor vliegtuigen en auto’s leveren. We werken dus met machines die designers ook veel gebruiken. Je ziet het terug in ons ontwerpproces, dat begint altijd bij de machine: met wat voor technieken werkt die? En met welke materialen? Je mogelijkheden zijn dan beperkt, maar zo kom je wel weer tot nieuwe oplossingen en bijzondere vormen. Daardoor hebben onze sieraden een robuustere uitstraling dan die van de meeste modemerken. Ze zijn ruig, en tegelijkertijd elegant. Ik draag bijvoorbeeld de Olong-armband, die heeft een moderne, vierkante vorm waar met een doek patronen in zijn gedrukt, zodat hij toch iets klassieks krijgt.’

R: ‘We staan met ons merk ook vaker op designbeurzen als de Dutch Design Week en Object Rotterdam dan op sieradenbeurzen. En zelfs daar passen we niet helemaal tussen.’

Is jullie eigen stijl met de tijd veranderd?

R: ‘Vroeger waren we echt het tegenovergestelde, Geertje chic en ik stoer. Qua uiterlijk leken we natuurlijk wel op elkaar, maar sinds we samen een bedrijf zijn begonnen, zijn we ons ook meer hetzelfde gaan kleden.’

G: ‘Eerst droeg ik pareloorbelletjes, jurkjes, kleine witte hakjes. Dan kwam Roosje weer aan met een wijde broek en sneakers waarvan de punten waren opengeknipt.’

R: ‘Sikes! Sandaal-Nikes, ik denk dat het nog steeds wat kan worden. In die tijd had ik een ontstoken teennagel, dus ik kon geen dichte schoenen dragen. Toen heb ik van al mijn sneakers de voorkant afgeknipt. Daar heb ik nog maanden op rondgelopen, zelfs in de winter, maar dan met sokken aan.’

Schoenen

G: ‘Mijn schoenen zijn van het Nederlandse merk Skua. Ze hebben een ongebruikelijk ontwerp: ze zijn zo groot, het stoere knalt ervan af, maar door het leer en de pasvorm worden ze toch elegant. Die tegenstellingen komen ook terug in onze sieraden. We zijn ook bevriend met de ontwerpers van Skua, twee meiden net als wij, dus we wisselen vaak ideeën uit.’

null Beeld Jordi Huisman
Beeld Jordi Huisman

Koptelefoon

R: ‘Ik heb me jaren geleden voorgenomen om niks nieuws te kopen, tenzij er iets kapot gaat. Het is een beetje een principekwestie. Maar daardoor loop ik wel al zeven jaar rond met een koptelefoon van 20 euro.’

null Beeld Jordi Huisman
Beeld Jordi Huisman

Armband

G: ‘We proberen sieraden altijd zo te ontwerpen dat ze uit één plaat materiaal kunnen worden gemaakt, en dat echt 100 procent van de plaat wordt gebruikt. Daarmee voorkomen we restafval. Voor onze Poppop-armband bijvoorbeeld snijden we uit één plaat messing kleine ovalen, die we in elkaar haken met klinknagels. Van het skelet dat dan overblijft maken we weer een heel nieuw sieraad, de Sk-armband. ’

null Beeld Jordi Huisman
Beeld Jordi Huisman

Mannenjas

R: ‘Toen ik een keer mijn fiets op slot aan het zetten was, raakte ik aan de praat met een vrouw. Na drie kwartier ouwehoeren zei ze: ‘Ik heb nog hele mooie kledingstukken thuis liggen. Wil je komen kijken?’ Zo kwam ik aan een kast vol mooie vintage kleren. Daar zaten ook deze twee mannenjassen van Giorgio Armani bij. Nu in de winter draag ik ze over elkaar.’

Tas

G: ‘Mijn vader heeft deze tas voor me gekocht in Parijs. Het is een beetje een lomp ding, maar dan wel heel mooi gelakt en afgewerkt – dat vind ik leuk. En ik houd van dat heftige oranje.’

Durzaamheid

G: ‘Wij zijn van een generatie, die niet meer de hele tijd over duurzaamheid hoeft te praten, omdat het vanzelfsprekend een prioriteit is. Voor ons is het normaal dat we zoeken naar een nieuwe manier om met grondstoffen om te gaan, met Tweek Eek én in onze kleding.’

Meer over