Laura (28) weet niet dat wij aan haar denken

Wat zou Laura hebben gevoeld voordat ze haar ogen sloot? Wat zou ze die ochtend van 11 maart 2004 hebben gedacht toen ze wachtte op de trein die nooit zou aankomen? Is ze op het perron van station Atocha geschrokken van de enorme explosie? Was ze bang in dieijzingwekkende seconden van absolute stilte die voorafgingen aan de totale chaos?

Iñaki Oñorbe Genovesi

Ik zou het Laura graag willen vragen. Al weet ik dat ze mij nooit zal kunnen antwoorden. Niet dat ze dood is. Laura staat niet op de hatelijke lijst waarop de namen prijken van 191 onschuldige Spanjaarden en buitenlanders die uit ons midden zijn gerukt door het bloedbad in Madrid.

Officieel behoort Laura tot die andere lijst, die van de 1824 lichtgewonden en zwaar getroffenen die de terroristische aanslagen overleefden. De mannen en vrouwen die de geestelijke en lichamelijke sporen van de moordpartij dagelijks met zich meedragen. En wanhopig proberen 11/3 een plek te geven ergens tussen gebroken verwachtingen en verstoorde dromen.

Maar Laura is anders. In 2004 had ze een bijbaan voor halve dagen op een kantoor. Hiermee kon de 25-jarige mooie vrouw met de donkere haren haar studie betalen. En een onbezorgd leven leiden met haar ouders en broer in de Madrileense voorstad Parla.

Op 11 maart 2004 nam Laura zoals elke ochtend de trein naar haar werk. Ze stapte zoals elke ochtend tussen 07.30 en 07.40 uit op station Atocha. En wachtte zoals elke ochtend op het perron op haar overstap.

Toen vlak achter elkaar drie bommen aan boord van trein 21431 ontploften.

Laura werd vol getroffen door de explosies. Ze raakte buiten bewustzijn. Met ernstig hoofdletsel en inwendige bloedingen werd ze naar het ziekenhuis Doce de Octubre gebracht. Daar voerden artsen een spoedoperatie op Laura uit en redden haar uit de klauwen van de dood.

Zesendertig maanden later ligt Laura in een toestand die haar artsen omschrijven als een ‘onomkeerbare coma’. Een pijnlijke patstelling waarin haar familie geen afscheid kan nemen, maar ook geen hoop op herstel mag koesteren.

Laura ligt in een medisch instituut vlak buiten Madrid. Speciaal bedoeld voor patiënten die onherstelbare hersenbeschadigingen hebben opgelopen. Denk aan slachtoffers van ernstige auto-ongelukken en bedrijfsongevallen. Die het noodlot gretig binnenbrengt, maar nooit meer wenst uit te zwaaien.

Laura ligt op een bed waar aan het voeteneinde een oude foto van haar is neergelegd. Als herinnering aan wie zij drie jaar geleden was: die 25-jarige mooie vrouw met de donkere haren.

Want daar is niets meer van over. De donkere haren zijn weg. Elke schoonheid voorgoed verdwenen. Formeel is Laura 28 jaar oud. Maar in werkelijkheid heeft ze geen enkele leeftijd meer.

Elke dag komt haar moeder op bezoek. Laura heeft de ogen geopend, maar herkent haar niet. Ze reageert niet op haar lieve woorden en verhalen. Op de regelmatige prikkels van haar artsen evenmin.

Laura ligt er maar. Dag in, dag uit. Gevoed door een sonde. Onwetend dat in Madrid een zwaarbeveiligd proces bezig is tegen 29 verdachten van de aanslagen op de vier treinen. Onkundig dat koning Juan Carlos gisteren, op de derde herdenking van de aanslagen, het monument voor de getroffenen van 11/3 bij station Atocha heeft onthuld.

Maar ook onkundig dat ik op 11 maart weer even aan haar heb gedacht.

Meer over