La vache sérieuse

EEN VAN DE indrukwekkendste voorbeelden is de reeks: Byrrh, Birre, Birnth, Nyllh, Rruyb, Soupyr, Sabir, Pire en Tyrrh. In een zeer donker verleden moet er ook nog sprake zijn geweest van Myrrh en Ruyb....

Of, ook niet bepaald kinderachtig: Cointreaux, Coindreaux, Coinccau, Coinfreaux en Constric. (Deze laatste schijnt voor te komen op Cuba.)

Of: Bénédictine, Benediktiners, Benedyktynka (uit Litouwen) en Benedict de Grand Luxe. Maar de allermooiste was en bleef: La vache sérieuse.

Het was een doos, gemaakt van geschaafd hout, zes centimeter hoog en met een diameter van een flinke brie. Op het etiket, rijkelijk voorzien van allerlei guirlandes en landbouwmedailles, zag je in het midden het gezicht van een koe. Diens tragische blik was onvergetelijk. Ernst was het niet, het leek op ernst, maar het was iets anders.

Helaas, dit pronkstuk is een aantal jaren geleden uit het museum gestolen. Wie nooit in het Musée de la Contrefaçon is geweest, beseft niet half wat er op het gebied van vervalsingen te koop is. Het museum is opgericht in 1951 door de Franse Union des Fabricants. Het is gevestigd in twee middelgrote vertrekken aan de rue de la Faisanderie, in het zestiende arrondissement van Parijs.

Behalve de reeds genoemde aperitieven en likeuren, treft de bezoeker er dingen aan als Calgete-tandpasta, Chenel en Chinarl numéro 5 en numéro 19, Cognac Hensy, chocoladekoekjes van het merk Le petit sacripant (= opschepper), vermoutflessen met op het etiket namen als Fortini, Marinelli, Fantini en Fantinez. Een twijfelgeval is Moet & Hands, een paarlemoerkleurige handcrème (crema nacarado de manos) die in Barcelona wordt gemaakt en een variant is op het champagnemerk Moët & Chandon.

Onder contrefaçon verstaat de Franse wetgever een reproductie, geheel of gedeeltelijk, van een merk, een ontwerp of een model waarvoor geen toestemming is gevraagd aan de persoon of instantie bij wie het auteursrecht berust.

De hierboven aangehaalde vervalsingen zijn in zekere zin nog enigszins geïnspireerd te noemen. Moeilijker ligt het bij al die producten die in de meest letterlijke zin worden nagemaakt, koffers van Louis Vuitton, computerprogramma's van Microsoft, de 501 van Levi's, blouses van Cartier, shawls en dassen van Hermès. Zelfs voor de meest scherpzinnige consument zijn die niet van de echte te onderscheiden. En zo vreselijk scherpzinnig zijn consumenten niet, zo bleek tijdens een enquête waar 42 procent van de ondervraagden zonder problemen een fles Fortini voor een fles Martini aanzagen, voor la marque leader zoals dat in het franglais heet.

De omstandigheid dat alleen in Frankrijk een dergelijk museum is te vinden, wordt geschraagd door de cijfers. Van de tien producten die worden vervalst, zijn er zeven van Franse origine. Omgerekend betekent dat een verlies van ongeveer dertigduizend arbeidsplaatsen in Frankrijk zelf, en nog eens zeventigduizend in de overige lidstaten van de Europese Unie. Vaak worden de namaakartikelen door nationale en internationale organisaties van criminelen geproduceerd, die er hun zwarte geld mee witwassen. Om al die redenen is zelfs het aanschaffen van een nagemaakt artikel in Frankrijk strafbaar gesteld.

Ook de andere cijfers die door het Musée de la Contrefaçon worden verstrekt liegen er niet om. In de sector huishoudelijke apparaten wordt meer dan vijftig procent gekopieerd, bij juwelen en sieraden vijfenzestig en in de auto-onderdelenbranche negentien procent. Mondiaal wordt jaarlijks voor twaalf miljard dollar aan nagemaakte medicijnen omgezet. Het totale aandeel van fake-producten in de wereldhandel wordt geraamd op vijf procent. Zeventig procent is afkomstig uit Zuid-Oost-Azië, dertig van de landen rond de Middellandse Zee, met name Italië, Spanje, Turkije en Marokko. Ventimiglia, net over de Frans-Italiaanse grens, staat in Frankrijk bekend als de etalage van de fake.

La vache qui rit. De ironie wil dat dat ook het gebied is waar de contrefaçon is uitgevonden, en wel in Frankrijk zelf. Het museum bewaart een amfora uit de tweede eeuw voor Christus met de inscriptie M. C. Lass. Marcus Caius Lassius was een wijnboer in de buurt van Napels. Zijn kruiken werden nagemaakt door Gallische concurrenten uit de Provence, die er hun goedkope en aanzienlijk slechtere wijn in verkochten.

Mundus vult decipi, de wereld wil bedrogen worden.

Musée de la Contrefaçon, 16 rue de la Faisanderie, Parijs 16me. Telefoon: 45.01.51.11

Meer over