'Katholieken moeten volwassener met gezag omgaan'

De Italiaanse katholiek begrijpt de paus, maar houdt zich niet aan diens kerkelijke regels. De Nederlandse katholiek maakt zich alleen maar kwaad....

Henk Müller

HET liefst zouden kritische Nederlandse katholieken een Nederlander als paus hebben. Bij voorkeur een vrouw. Pater Harry Verhoeven (69), scheidend secretaris-generaal van de r.k.kerk in Nederland, zegt het ironisch, maar toch. 'Sommige Nederlandse katholieken weten alles beter. Ze kennen geen enkele aarzeling: ze weten wat de paus moet zeggen over het huwelijk, over samenleven, over vrouwen, over seks, over jongeren. In Rome zei ik gekscherend: laat ze maar een meisje sturen als ze alles zo goed weten. Misschien dat de problemen in één klap zijn opgelost.'

Verhoeven, die zaterdag afscheid neemt als secretaris-generaal, verbaast zich nog steeds over de mentaliteit van Nederlandse katholieken. Hij woonde twaalf jaar in Rome. Verhoeven: 'Als de paus iets zegt over de pil, dan zegt een Italiaan: ''Misschien móet de paus daar wel iets over zeggen. Dat is zijn taak, misschien heeft hij zelfs wel gelijk. Maar wie ben ik? Ik kan me daar absoluut niet aan houden.''

'Nederlandse katholieken daarentegen maken zich kwaad: wat voor stommiteit haalt de paus nu weer uit? Nederlandse katholieken moeten volwassener met gezag omgaan. Gezag is belangrijk, maar niet zaligmakend. Je hebt toch je eigen verantwoordelijkheid en je eigen geweten?'

Verhoeven was vijf jaar lang de invloedrijkste man achter de schermen van de r.k.kerk in Nederland. Hij heeft afgezien van een tweede termijn. Namens de bisschoppen onderhield hij de contacten met regering en parlement, bereidde bisschoppelijke brieven voor, probeerde het imago van de kerk te verbeteren en hield voeling met Rome.

Misschien nog wel de meeste tijd ging zitten in het zogeheten 'dialoogproces', bedoeld om de al decennia durende polarisatie in de Nederlandse kerkprovincie een halt toe te roepen.

'In die woelige jaren, van 1969 tot 1981, woonde ik in Rome. Ik was generaal-overste van mijn congregatie (Congregatie van het H. Sacrament, red.) De leden zitten in 35 landen, en ik reisde bijna de helft van het jaar, Rome was het centrum van mijn afwezigheid. Daarna werd ik in Nederland directeur van de Pauselijke Missiewerken. Ook in die functie was ik veel op reis. Ik was dus een relatieve buitenstaander en dat zal reden zijn geweest me te vragen.'

De kersverse secretaris-generaal had een moeizame start. Tijdens het verplichte vijfjaarlijkse bisschoppelijk bezoek aan Rome in 1993 drong het Vaticaan aan op meer dialoog in Nederland. Kort daarop werd mgr. Ph. Bär van Rotterdam gedwongen ontslag te nemen als bisschop wegens vermeende homoseksualiteit. 'Dat was een dieptepunt voor de kerkprovincie. Alle oude wonden lagen weer open en het wederzijdse wantrouwen was groot.'

Na de benoeming van Van Luyn (Rotterdam), Muskens (Breda) en Wiertz (Roermond) raakte de kerk in rustiger vaarwater. Er volgden, begeleid door een commissie, 'oefeningen in dialoog', er volgden informele gesprekken met beroepsgroepen (juristen en moraaltheologen) in het bisschoppelijk paleis van Simonis aan de Maliebaan. 'Rome zag en ziet heel goed dat een kerk niet wervend kan zijn als de leden onderling ruziemaken. Dan heeft de kerk geen enkele overtuigingskracht.'

Ook de bisschoppen zelf moesten leren te komen tot een dialoog: 'Gemakkelijk was dat niet. Sommigen willen onvermengd en onverkort de zuivere leer uitdragen, anderen vinden het vanzelfsprekend dat je ook naar andere opvattingen moet luisteren.' Verhoeven is na vijf jaar niet geheel tevreden: 'Ik vind het jammer dat de bisschoppen zich nog te veel buigen over kleinere bestuurlijke kwesties. Ze komen daardoor te weinig toe aan de echte thema's: normen en waarden, maatschappelijke kwesties.

'Neem het bezoek van kardinaal Simonis en de bisschoppen Van Luyn en Muskens in mei 1996 aan de Volkskrant. Daar gingen ze in discussie met de redactie. Toen konden ze hun standpunten toetsen. Daar waren ze op hun best. Dat gebeurt in het college te weinig. Discussie is belangrijk. Het schept ook onder bisschoppen een band.'

Verhoeven was de tolk van de paus tijdens diens bezoek aan Nederland in 1985. 'Ik was voortdurend in zijn nabijheid. Toen merkte ik al hoe sterk vraagstukken van vrouw en ambt hier spelen. In de tuin van het Catshuis kwamen Piet Steenkamp en anderen naar de paus met de vraag waarom vrouwen geen priester konden worden. De paus zei: ''Daar kan ik ook niets aan doen''. ''Jawel'', zei Steenkamp, ''Daar kunt u nu juist iets aan doen''. ''Nee'', zei de paus, ''Het is niet mijn kerk, maar die van Christus, en ik heb haar zo te bewaren''.'

De secretaris-generaal meent dat een volwassen dialoog tussen leergezag en gelovigen - herders en kudde - alleen mogelijk is als katholieken een volwassen houding aannemen ten opzichte van gezag. 'Een groep kan niet zonder een gezagssysteem. Maar we hechten te véél aan dat gezag. Nederlanders aanvaarden het in zijn geheel, of zetten zich er juist heel erg tegen af. Grappig genoeg komen er uit geen land ter wereld zoveel aanvragen voor pauselijke onderscheidingen.'

Maar, geeft Verhoeven toe, sommige bisschoppen zijn ook heel erg gezagsgetrouw, om niet te zeggen: roomser dan de paus. Onlangs verklaarde een Vaticaanse prelaat dat hij tegenstander is van het verstrekken van de morning-after pil aan verkrachte vrouwen uit Kosovo. Hij droeg geen officieel Vaticaans standpunt uit, onderstreepte kardinaal Simonis in een reactie. Maar persoonlijk deelde Simonis zijn standpunt. Het leidde tot woedende reacties van onder meer de Acht Mei Beweging. 'Tsja, dat is de mening van de kardinaal. Je kunt je ook voorstellen dat een bisschop zegt dat de katholieke moraal niet geldt voor het geweten van moslimvrouwen. Om slechts één voorbeeld te noemen.'

Meer over