Het eeuwige levenJos Dohmen

Jos Dohmen: klassieke journalist met romantische inborst

Als journalist was Jos Dohmen (1952-2018) een man van feiten die het blad Folia naar een hoger niveau tilde. Hij was ook een dolende ziel met weinig geluk in relaties.

Jos Dohmen Beeld RV
Jos DohmenBeeld RV

Hij was pionier in de universiteitsjournalistiek. Maar ook een uitgesproken romanticus die het noodlot tartte. Jos Dohmen, die het legendarische blad Folia van de Universiteit van Amsterdam een nieuw gezicht gaf en het Hoger Onderwijs Persbureau oprichtte, overleed 9 oktober in Heerlen aan de gevolgen van een hartinfarct. Overmatig drankgebruik en vereenzaming hadden hem gesloopt.

Zijn vriend, schrijver A. F. Th. van der Heijden, had al lang niets meer van hem gehoord. ‘Ik kende hem uit de tijd van café De Zwart in Amsterdam. Daar had je van die kongsi’s. Hij behoorde tot een andere kongsi dan ik, zodat de contacten vluchtig waren. Maar in 2004 ontmoette ik hem in Zuid-Limburg, waar ik in Chateau St. Gerlach bezig was met het schrijven van een boek. We spraken dan af in herberg Geulhemmermolen en konden urenlang bomen over de actualiteit. Hij had een doorrookte stem. En nog een vriendin. Maar zijn relaties met vrouwen waren meestal niet erg gelukkig.’

Voorbeeldige broer

Jos Dohmen – neef van de journalisten Joep Dohmen (NRC), Jean Dohmen (ex-Elsevier, nu FD) en Hub Dohmen (Eindhovens Dagblad) – was de oudste in een gezin van zeven kinderen in Kerkrade, waar zijn vader werkte bij de Staatsmijnen. Hij was volgens zijn zus Marlou Dohmen een voorbeeldige broer die graag kookte. Op zijn 18de jaar ging hij naar Utrecht om aan de School van Journalistiek een opleiding te volgen.

Daarna werkte hij korte tijd bij ‘pacifistische blaadjes’, voordat hij in 1976 buitenlandredacteur werd bij de Gooi- en Eemlander. Maar het alleen bewerken van telexberichten beviel hem niet.

In 1980 kwam hij bij Folia, dat met redacteuren als Ton Elias de omslag maakte van een politiek pamflet, dat democratisering eiste en opkwam voor bevrijdingsbewegingen, tot een serieuze nieuwskrant met opzienbarende scoops.

Sjaak Priester, die daar lange tijd werkte en een goede vriend was, zegt dat Dohmen de verslaggeving naar een hoger niveau tilde. ‘Zijn journalistieke opvattingen waren klassiek, om niet te zeggen ouderwets. Bij hem waren feiten heilig en die moesten worden gescheiden van meningen.’

Hij was al gauw de eindredacteur die de zaken regelde, de offi­cieuze hoofdredacteur die tot zijn frustratie nooit de officiële werd. In 1988 stapte hij op. Priester: ‘Hij had geen rust in zijn donder, met veel problemen op het gebied van geld, huisvesting, vrouwen en drank.’ Bij het Hoger Onderwijs Persbureau, een samenwerkingsverband van alle verschillende universiteitsbladen in Nederland, werkte hij nog twee jaar solitair.

Schotse Hooglanden

In 1990 besloot hij met een Schotse vriendin in Crieff, bij de Hooglanden, een B&B te openen gericht op wandelaars en vlieg­vissers. Een winter lang kluste hij met een olielampje in een onaf­gebouwde schuur. Pension Limburgia werd geen succes. Al gauw ging hij vanuit Schotland weer eindredactie- en vertaalwerk doen voor Nederlandse opdrachtgevers.

In 1998 interviewde de huidige NRC-redacteur Sjoerd de Jong hem daar voor Folia onder de kop ‘De Hemingway van de Universiteitspers’. Hij was toen net vader geworden van zijn zoon Sean.

Maar de relatie met zijn Schotse vriendin liep stuk, waarna Dohmen met Sean ­terugkeerde naar Nederland en zich vestigde in Heerlen. Hij stortte zich volledig op zijn taken als opvoeder. ‘Hij was vader en moeder tegelijk’, zegt Sean die nu in Amsterdam studeert. ‘Maar toen Sean het huis uit ging miste hij een nieuwe uitdaging. ‘Hij ging zichzelf verwaarlozen’, aldus Marlou.

Priester: ‘We hadden contact. Maar het enige wat hij wilde was samen drinken. En dat moet je niet doen met een alcoholist.’

Meer over