PostuumJacques Rogge (1942-2021)

Jacques Rogge overleden, de man die de Olympische Spelen naar de 21ste eeuw loodste

Jacques Rogge, voormalig IOC-voorzitter, overleed zondag op 79-jarige leeftijd. Mr. Clean werd hij genoemd, vanwege zijn strijd tegen doping. De Belg was geen verheven bestuurder: liever dan in een vijfsterrenhotel resideerde hij in het olympisch dorp.

Jacques Rogge in het olympisch dorp van Londen, 2012.  Beeld AP
Jacques Rogge in het olympisch dorp van Londen, 2012.Beeld AP

De zee had de zeiler Jacques Rogge naar eigen zeggen ‘nederig’ gemaakt en zo ging de bescheiden Belg dan ook door het leven als bestuurder. Geen grote woorden, geen parmantige daden. Hij hoefde niet op de eerste rij, hij was net zo gelukkig als backbencher. Maar de opdracht de olympische sport te gaan aanvoeren bracht hem in de positie als kundig chirurg hervormingen door te voeren.

Graaf Rogge, orthopeed met een sportspecialisatie, woonachtig in het rustige Deinze, kwam aan de macht, toen de crisis in de olympische wereld heerste. De schoonmaak was noodzakelijk. Salt Lake City had de Olympische Winterspelen van 2002 met oneigenlijke financiële middelen verworven, zoals Nagano een beurt voor de Amerikanen hadden gedaan. Omkoping van IOC-leden was na 1998 een dagelijks bericht geworden. Er moest iemand het hoofd koel houden om het Internationaal Olympisch Comité door het dal te leiden.

Dat werd in 2001, als opvolger van de Spaanse markies Juan Antonio Samaranch, de polyglot Jacques Rogge, man die zes talen beheerste en als arts diagnoses stelde en medicijnen voorschreef. Hij kreeg daarmee de eretitel Mr Clean, mede wegens zijn vurig gevoerde strijd tegen doping. Zijn tegenstrevers bij de verkiezingen, de Koreaan Kim en de Canadees Pound, zouden dat of in hiërarchische Aziatische stijl dan wel met Noord-Amerikaanse managementaanpak hebben gedaan.

Blanco stem

Rogge’s manier paste bij het Europees georiënteerde IOC. Van zijn daden blijft bij dat hij bij de verkiezing van een olympische stad een blanco stem uitbracht. Hij wilde van geen enkele voorkeur beschuldigd worden. Hij verbleef per 2002 niet langer in het vijfsterren hotel, waar de collega’s van het IOC hun zelfbedachte verhevenheid bewezen. Rogge, Belgisch rugbyinternational en juniorenwereldkampioen zeilen, koos zelf domicilie in het olympisch dorp. Hij wilde voeling houden met de sportmensen, waarvan hij zelf in 1968, 1972 en 1976 deel had uitgemaakt. Het waren zijn jaren als olympisch zeiler, in de Finnjol, een klasse voor sterke mannen.

In dat olympische dorp hoorde hij de klachten aan over dopinggebruikers. ‘Ik kreeg vaak te horen dat ze levenslang zouden moeten worden gestraft. Veel sporters vinden onze strafmaat veel te mals. Dat vond ik verrassend.’

Rogge liet zijn IOC een regel invoeren dat dopingzondaars de eerstvolgende olympische editie geweerd zouden worden. Zelfs als hun straf erop zat. Het werd bekend als de Osaka Rule. Turner Yuri van Gelder dacht in 2011 een van de slachtoffers van die regel te worden. Het pakte anders uit. Het sportgerechtshof CAS verklaarde de regel nietig. Twee keer straffen voor één vergrijp was buiten het wetsprincipe. Twee jaar na zijn afscheid werd de eerste, maximale dopingstraf van twee naar vier jaar opgevoerd en kreeg Rogge toch nog genoegdoening.

Rogge zelf was de man van het onbesproken gedrag. Hij was vele malen chef de mission van de olympische ploeg van zijn land, later voorzitter van het nationaal comité BOIC en kreeg in 1991 het IOC-lidmaatschap in de schoot geworpen. Iedereen zag zijn bestuurlijke talent dat uit sportverleden, talenkennis en minzaamheid bestond.

Kaspositie

Hij leidde zijn IOC naar financieel voorspoedige tijden. In 2001 was de kaspositie 98 miljoen dollar. Twaalf jaar later, bij zijn aftreden, had het IOC vier miljard dollar per vier jaar beschikbaar. Rogge vond het niet zijn verdienste. Hij was verder gegaan op het ingeslagen pad. Sport op tv was miljarden waard geworden.

Rogge streed tegen het gigantisme van de Spelen. Hij stelde een maximum aan sporten in: 28. Plus een plafond aan deelnemers: 10.500. Hij werkte ook aan modernisering van de Spelen. Wilde nummers als skicross, boardercross en BMX kwamen aan boord. Ook gemengde nummers, mannen en vrouwen in één estafette, kwamen uit zijn koker.

Jeugd had zijn grote interesse. In 1991 was Rogge, naar Nederlands voorbeeld van NOC-directeur Von Bose, de oprichter van de Ejod, de Europese olympische jeugddagen, later het festival (Ejof) geworden. In 2010 had de Belg zijn etalage compleet met de instelling van de YOG, ook wel JOS, de Jeugd Olympische Spelen.

Hij kon toen, zonder mankeren, herverkozen in 2009, rustig gaan omzien naar zijn opvolging. Hij wenste zich geen moment uit te spreken over de kansen van de Duitser Thomas Bach. In 2013, bij diens uitverkiezing in Buenos Aires, was het vooral Rogge die in de schijnwerpers stond. Koning Willem-Alexander, juist afgetreden lid van het IOC, sprak over de vertrekkende preses als de ‘ongelooflijke effectieve voorzitter, de man van het micromanagement’.

De koning, toen kersvers erelid: ‘Hij weet echt alles. Ik was erbij toen onze organisatie, bij een sessie in Mexico, werd omgevormd. Rogge wist alle details van iedere persoon in zijn organisatie. Hij corrigeerde anderen en zei dan: eigenlijk zit het zus en zo. Zijn dossierkennis is fantastisch. Hij heeft ons in de 21ste eeuw gebracht.’

Rogge trad aan met grote voornemens. Zijn credo: ‘Ik sta voor de geloofwaardigheid van de sport. Tegen corruptie, tegen doping, tegen geweld.’ Zijn laatste grote daad was de toekenning van de Spelen van 2020 aan Tokio, niet aan Istanbul of Madrid. Het had met dopingbeleid te maken. Japans schone blazoen in die jaren werd in de beslissende IOC-vergadering in Argentinië een doorslaggevende factor. Als de erfenis van ‘waarde Sjaak’, zoals de Nederlandse olympische baas André Bolhuis hem mocht noemen.

Meer over