ColumnSylvia Witteman

‘Ja, gesloten’, antwoordde ik in het Russisch. Ze slaakte een zucht. ‘Misschien door de oorlog?’, vervolgde ik

null Beeld
Sylvia Witteman

In de Amsterdamse Pijp trof ik de winkel Vkus gesloten. Het is een winkel in Russische en Oekraïense specialiteiten. ‘Vkus’ betekent ‘smaak’. Met mijn neus tegen de ruit tuurde ik naar binnen, waar het donker was, en leeg.

Waren ze ten onder gegaan aan de sancties tegen Rusland? Maar het wás er al nooit echt druk. Ze waren aan de dure kant en Nederlanders willen best eens een keer pelmeni of vareniki proberen, maar ze weigeren grof geld neer te tellen voor iets dat voornamelijk bestaat uit meel en de inspanning van vrouwenhanden.

‘Closed?’, vroeg een stem naast me ongerust. Daar stond een vrouw van een jaar of 40, blond, slank, indrukwekkend opgemaakt en gemanicuurd. De charmant hoge jukbeenderen verrieden haar Slavische afkomst, wellicht met hulp van een deskundige plastisch chirurg.

‘Ja, gesloten’, antwoordde ik in het Russisch. Ook zij tuurde nu naar binnen en slaakte een tragische zucht. ‘Misschien door de oorlog?’, vervolgde ik. Ze schudde haar hoofd. ‘Daar bemoei ik me niet mee’, zei ze. ‘Ik woon hier al bijna tien jaar.’ Of ze Nederlands sprak, wilde ik weten. Het antwoord was ‘kleine beetje’. Daarna volgde de verzuchting dat Nederlands een moeilijke taal was. Grappig is dat een Rus nooit, maar dan ook nooit verbaasd zal zijn als er een willekeurige Amsterdammer op straat Russisch blijkt te kennen.

‘Wat jammer dat hij dicht is’, sprak de vrouw droevig. ‘Ze hadden zulke lekkere kwark. En ik kocht hier altijd Koreaanse worteltjes. Kent u die?’ Nou en of ik die ken! Dat is een soort salade van pikante, hartige, vettige, zure wortelsliertjes. Er is niks Koreaans aan, de Russen hebben het zelf bedacht, maar het is fantastisch lekker spul.

Nu kon ik ook eens nuttig zijn. ‘Die worteltjes zijn makkelijk zelf te maken’, zei ik. ‘Ik heb het van de week nog gedaan.’ Werkelijk?’, riep de vrouw enthousiast. ‘Vertelt u mij alstublieft het recept!’ Nou is mijn Russisch roestig, maar niet als het om eten gaat, dus daar brandde ik al los. Wortels raspen, korianderzaad, knoflook, azijn, zout, suiker...

‘Wacht, wacht’, zei de vrouw. Ze trok haar telefoon uit haar tas en schreef mee. ‘...en dan de azijn erbij, en nu komt het belangrijkste’, vervolgde ik. ‘Een gesnipperde ui fruiten in een half waterglas zonnebloemolie. En dan die olie kokend heet op de worteltjes gieten...’

‘Zonnebloemolie...’, zei ze. Haar glimlach zakte in. ‘Er is nergens meer zonnebloemolie te krijgen...’

Ach ja, dat is waar ook. ‘Het moet helaas wel écht met zonnebloemolie’, sprak ik wreed. ‘Even wachten maar, tot na de oorlog, dan.’

Ja, slachtoffers vallen overal.

Meer over