Isolement van slachtoffers houdt cijfers volgens onderzoekers aan de lage kant 'Praktijk van geweld in huis is feitelijk nog erger'

'We zijn er zelf ook van geschrokken. Bijna de helft van alle Nederlanders betrokken bij geweld in huis, dat is wel héél veel....

Van onze verslaggeefster

Wil Thijssen

AMSTERDAM

T. van Dijk, werkzaam bij het onderzoeksbureau Intomart, zegt 'doodmoe' te worden van het verdedigen van zijn eigen onderzoek. Uit de resultaten blijkt dat 45 procent van de Nederlandse bevolking ooit te maken heeft gehad met fysiek, psychisch of seksueel geweld. Daarbij gaat het niet om incidenten of 'opvoedkundige klappen', maar om regelmatig terugkerende terreur in huis.

Het onderzoek is voornamelijk verricht onder autochtone Nederlanders. Van Dijk vermoedt dat de aantallen nog hoger zouden zijn wanneer ook allochtonen waren ondervraagd. Bovendien gaan de onderzoekers ervan uit dat sommige slachtoffers in een zodanig isolement leven dat ze niet aan zo'n onderzoek kunnen of durven meewerken.

Uit het onderzoek blijkt dat ruim anderhalf miljoen Nederlanders slachtoffer zijn van niet-incidenteel geweld in huis, waarbij ze meerdere keren lichamelijk letsel hebben opgelopen. Bij dertig procent van de bevolking heeft het huiselijk geweld geleid tot echtscheiding, eetstoornissen of psychische klachten. Tweederde van alle Nederlanders zou iemand kennen die slachtoffer is, of is geweest, van huiselijk geweld.

Van Dijk: 'Stel dat we de personen niet meetellen die regelmatig zijn verkracht of vaker dan een keer van de trap zijn geduwd. Maar we rekenen alleen mensen mee die én regelmatig verkracht, én regelmatig van de trap zijn geduwd. Ik heb het dus over slachtoffers van meerdere vormen van geweld in huis, door dezelfde dader. Ook als we die alleen nemen komen we op het hoge aantal van ruim vijf miljoen slachtoffers. Maar waarom zouden we mensen die ''slechts'' steeds geslagen worden of herhaaldelijk van de trap worden gegooid, er niet bij optellen?'

Enquêtrices die speciaal voor dit onderzoek zijn getraind, hebben duizend Nederlanders tussen achttien en zeventig jaar thuis met een draagbare computer ondervraagd over hun ervaring met 'huiselijk geweld'. Daarbij golden vier criteria: het heeft ofwel lichamelijk letsel veroorzaakt, ofwel noemenswaardige gevolgen gehad, ofwel langer dan een jaar aangehouden, of is ten minste maandelijks voorgekomen. Eenmalige incidenten telden niet mee in het onderzoek. En: in alle gevallen was de dader steeds dezelfde persoon.

Uit het onderzoek blijkt dat eenderde van alle slachtoffers wordt belaagd door vrienden. In een kwart van de gevallen gaat het om (ex-)

partners en elf procent bestaat uit broers die hun zus molesteren. In het algemeen zou gelden: hoe hechter de relatie tussen dader en slachtoffer, des te intenser is de aard van het geweld.

Huiselijk geweld zou niet milieugebonden zijn. 'Het komt in de beste families voor', zegt M. Walop. Hij is lid van de begeleidingscommissie van het onderzoek en hoofd van het Gemeentelijk Bureau Veiligheid in Haarlem.

Volgens Walop is geweld in huis ernstiger dan straatgeweld. 'Het gaat vaak gepaard met psychische terreur en het beperkt zich niet tot één keer. Je kunt er zo moeilijk van weglopen. Vooral kinderen durven dat niet, die zijn afhankelijk van het gezin waarin het voorkomt.'

Haarlem is de enige gemeente in Nederland met een speciaal project gericht op geweld in gezinssituaties. Een van de coördinatoren, psychotherapeut J. van Bavel, is niet verbaasd over de hoge onderzoekscijfers. 'Mensen schrikken van het hoge aantal slachtoffers van kindermishandeling of seksueel geweld. Maar natuurlijk is het totale aantal mishandelingen in de privésfeer nog hoger. Ik weet uit de praktijk dat huiselijk geweld ook bij de buren en bij je op de hoek voorkomt.'

Volgens Van Bavel, die tevens therapie voor daders coördineert, komt huiselijk geweld voort uit frustraties bij de daders. 'Het zijn vaak mensen die zich om een of andere reden miskend voelen en dat thuis afreageren. Zij zetten hun machteloosheid om in macht door gemakkelijke slachtoffers te zoeken. Zij verdoezelen hun schuldgevoel door op andere momenten weer heel lief te doen. Daarom denken slachtoffers vaak dat het eigenlijk wel meevalt.'

Meer over