Ten geleideOlaf Tempelman

In een land waarin ook de armen buitenhuizen hebben is iedereen gelukkiger

. Beeld .
.Beeld .
null Beeld
Olaf Tempelman

Om te weten te komen hoe gelukkig ze in een land zijn, kun je de rijkste 3 procent van de inwoners overslaan: kijk meteen naar de armste 3 procent. Dat is een stokpaardje van de Britse econoom Richard Layard, auteur van de studie Tackling inequality én een van de samenstellers van het inmiddels befaamde World Happiness Report.

De eerste plek in dat wereldgeluksklassement wordt bekleed door Finland. Een paar jaar geleden hoorde ik daar iets waar ik nog vaak aan denk: ‘Winnaars hebben overal ter wereld buitenhuizen. Verliezers hebben alleen in Finland buitenhuizen.’

Ach, winnaars leven bijna overal hetzelfde: die lijken op elkaar. In bijna elk van ’s werelds bijna tweehonderd erkende landen vind je bijvoorbeeld wel equivalenten van ‘onze’ Harry Mens. In bijna al die tweehonderd landen slagen die erin hun slag te slaan, hun geld slim weg te zetten, hun villa’s op te trekken en hun belangen veilig te stellen. Het is zoeken naar de verschillen tussen de Boliviaanse Harry Mens, de Eritrese Harry Mens, de Oezbeekse Harry Mens en onze eigen Harry Mens.

Zo weinig als het uitmaakt of je ergens een winnaar bent, zo veel maakt het uit of je ergens tot de minder geprivilegieerden behoort. Neem mensen die in minder bevoorrechte families worden geboren en ook nog een handicap hebben. Je hebt landen als Finland, waar ze hun eigen auto hebben en dat voertuig kunnen parkeren op speciaal voor hen bestemde plekken.

Zulke inwoners zijn al minder goed af in landen waar gewone automobilisten die speciale gehandicaptenparkeerplaatsen steevast inpikken. Kijk maar hoe dat gaat op parkeerplaatsen in Griekenland, Italië of Roemenië. Nog minder goed zijn ze af in landen waar helemaal geen gehandicaptenparkeerplaatsen bestaan. Neem Moldavië of Azerbeidzjan. Daaronder komen de landen die überhaupt niet in parkeerplaatsen voorzien, zoals de Centraal-Afrikaanse Republiek of Zuid-Soedan. Minder bevoorrechten leven daar vaak op straat. De helft van het verharde wegdek bestaat er uit oprijlanen naar villa’s.

Hoe meer moeite er in een land wordt gedaan de ongelijkheid te corrigeren die de wereld nu eenmaal eigen is, hoe gelukkiger de inwoners daar doorgaans zijn. Wie dat niet gelooft, moet de top 10 van het wereldgeluksklassement bestuderen. Van nummer 1 naar nummer 10: Finland, Denemarken, Zwitserland, IJsland, Noorwegen, Nederland, Zweden, Nieuw-Zeeland, Oostenrijk, Luxemburg. Dat de Verenigde Staten een stuk lager staan, komt niet door een lager percentage rijken, maar door een hoger percentage armen waarvoor bar weinig sociale voorzieningen zijn.

‘Het grootste geluk voor het grootste aantal mensen is de basis van moraal en wetgeving’, stelde de illustere rechtsfilosoof Jeremy Bentham alweer twee eeuwen geleden. In de Benthamiaanse modellen, die de samenstellers van het World Happiness Report hanteren, weegt het geluk van elke inwoner van een land even zwaar. Hun conclusie laat aan duidelijkheid weinig te wensen over: zorg voor sociale voorzieningen.

In de laatste editie van het wereldgeluksklassement stond Nederland op plek zes. Weinig inwoners van het op-vijf-na-gelukkigste land ter wereld die niet weten dat ongelijkheid ook hier de laatste decennia op diverse vlakken toeneemt. Het typische van mechanismen die ongelijkheid corrigeren, is dat er constant voor geijverd moet worden. Beschouw ze als een gegeven of kijk even de andere kant op en er komt meteen de klad in.

Deze speciale Editie gaat over vele soorten kloven tussen arm en rijk. U vindt er verhalen over inkomens- en vermogensongelijkheid, verschillen in afkomst, verschillen tussen jong en oud en nog veel meer. Oplossingen worden ook aangedragen, door de Franse econoom Thomas Piketty, Volkskrant-denker Peter de Waard en diverse anderen.

Ik wens u veel leesplezier.

Meer over