Iedere Franse partij viert haar eigen 1 mei

In Frankrijk heet 1 mei niet de dag van de arbeid, maar het feest van de arbeid. Het brood wordt hier kennelijk minder in het zweet des aanschijns verdiend....

Van onze correspondent

Martin Sommer

PARIJS

Iedereen zijn eigen arbeidsfeest: de gaullistische partij RPR noemt het la fête de la participation, denkelijk omdat dat niet zo links klinkt. De RPR heeft er een pretpark voor afgehuurd in een Wassenaar-achtige voorstad, met 1400 couverts. Allemaal al gepland voordat sprake was van verkiezingen, zodat nu inderhaast wat partijbaronnen in het programma zijn geschoven.

Het Front National combineert de aanbidding van de arbeid met die van de roomblanke Franse maagd Jeanne d'Arc, en uiteraard die van Jean-Marie Le Pen. Links houdt zijn gebruikelijke demonstratie op de tonen van de Internationale tussen Place de la République en Nation. En volgens krantenberichten wordt er zelfs een Mars voor Jezus gehouden, onder auspiciën van een onduidelijke protestantse vereniging.

Het 1 mei-verkeer is druk. Parijs maakt en masse 'een bruggetje' naar het weekeinde met nog een extra vrije dag, en kruipt filegewijs de stad uit - naar strand, buitenhuis en platteland, níet naar het participatiefeest van de RPR.

Op de toogdag houdt oud-premier Balladur zijn verkiezingstoespraak, vigerend premier Juppé doet hetzelfde. Zeven ministers zitten op een rij. De zaal is vol en warm. In een andere ruimte zijn standjes ingericht die de worteling van de RPR in de samenleving moeten aantonen. Ook vliegtuigfabrikant Dassault blijkt een afdeling RPR te kennen, net als concurrent Aerospatiale, Eurokopter, de treinen van de SNCF (weinig aanloop), alsook Renault en Peugeot.

Er bestaat zelfs een RPR-afdeling voor kaakchirurgen, die boven hun kraampje een portret van De Gaulle en een van Chirac hebben opgehangen. Een kaakchirurg met een baard legt uit: 'De RPR van de tandartsen is geen pressiegroep, het is een propositiegroep.' Wat betekent dat? Hij belt collega's op om ook RPR te stemmen. De meeste standjes beschikken over een mooi portret van de generaal, zo niet over een stukje houtsnijwerk van zijn konterfeitsel. Het geheel maakt de indruk een restant te zijn van De Gaulles bijna religieuze 'Verbond voor Frankrijk', dat van boven naar beneden en van noord naar zuid eenheid moest scheppen in een verscheurd land.

De lange Avenue de l'Opéra staat vol met geparkeerde bussen uit veel Franse departementen. Affiches met een geharnaste Jeanne d'Arc voor de ruiten, boven verkiezingsleuzen als 'Laten we ze eruit gooien' (Sortons-les).

Hier is niet de met het Franse ondernemerschap verknoopte nette bourgeoisie aan het woord, maar de tegenpartij. Naarmate de oude Opéra dichterbij komt, worden de flarden van de spreker beter verstaanbaar: 'Frankrijk', 'Fransen', 'buitenlanders'. Ja hoor, Jean-Marie Le Pen houdt zijn jaarlijkse toespraak op het plein voor de Opéra.

De opkomst valt een beetje tegen, het plein is niet echt vol. Hier geen 1400 couverts, maar tentjes met worst, de Franse vlag en die met de lelie van het lang verdwenen koningshuis. De kraampjes bieden video's met de geschiedenis van koning Clovis en de 'waarheid over de islam'.

Le Pen verklaart waarom hij zich niet verkiesbaar stelt. Hij houdt zich gereed voor de echte slag om het presidentschap, wanneer Chirac deze parlementaire stembusstrijd verliest en moet aftreden. Meent Jean-Marie Le Pen. Anderen menen dat Le Pen bang is zelf geen parlementszetel in de wacht te zullen slepen, waarna zijn volgelingen onmiddellijk hun messen zullen slijpen. Zijn toespraak eindigt in een donderende Marseillaise.

Twintig minuten, drie kilometer en zeven metrohaltes verder is het woord aan links. Na veertien jaar gekibbel zijn de drie belangrijkste vakbonden (FO, CGT, CFDT) er weer in geslaagd samen aan de mars mee te doen.

Op de radio is dat prominent nieuws, maar op de République, onder de bronzen boezem van het beeld van Marianne, vallen de vakbonders weg. Trotskistische Turken, marxistische Malagassiërs en communistische Koerden beschikken over veel meer rode vlaggen. De liefde van Frans links is alomvattend, zolang het kapitaal maar niet hoeft te worden omhelsd.

De linkse demo moet nog beginnen, als de McDonald's op het plein al door zijn Big Macs heen is. Daar gloort dan toch iets gemeenschappelijks met ultra-rechts: om de hoek bij de Opéra kon de McDonald's zijn waren ook al niet aanslepen.

Meer over