columneva hoeke

Hoe bestaat het dat we ieder jaar honderdduizenden dieren laten verbranden?

Eva Hoeke sjabloon vkm column Beeld Aisha Zeijpveld
Eva Hoeke sjabloon vkm columnBeeld Aisha Zeijpveld

En wéér brandde er een varkensstal af.

In Mantinge dit keer, Drenthe. Met de eigenaar en de veearts werd nog een plan gemaakt om de dieren te redden maar helaas pindakaas: een groot deel van de driehonderd varkens overleefde de stalbrand niet. Opsteker: de zeshonderd varkens in de stal ernaast bleven ongedeerd. Hoera, zeshonderd varkens gered! Tenminste, dit stukje is eind september geschreven, het is niet gezegd dat ze nú nog leven. En dus vraag ik maar weer, voor de zoveelste keer: hoe komt het dat we elk jaar honderdduizenden dieren levend laten verbranden?

Het technische antwoord luidt: door kortsluiting, de belangrijkste oorzaak van stalbranden. Iedereen met een beetje boerenverstand denkt dan: oké, beveilig de boel beter, hang waterinstallaties op, organiseer vrije uitloop zodat dieren naar buiten kunnen vluchten, of weet je wat, zet die dieren gewoon meteen in een weiland, want die fikken tenminste niet af, gegarandeerd, maar zo simpel is het niet. Die andere helft met boerenverstand ziet iedere investering in de bescherming van dieren namelijk als een verslechtering van de concurrentiepositie, en dan is de keus meestal snel gemaakt.

Belangrijker: diegenen die hen tot bescherming kunnen dwingen, zal het worst wezen.

De brandveiligheid voor veedieren is tussen 2012 en 2020 gedaald, concludeerde de Onderzoeksraad voor de Veiligheid begin dit jaar. ‘Van de in de loop der jaren aanbevolen maatregelen om het dierenleed door stalbranden te beperken, zijn er vrijwel geen overgenomen, laat staan uitgevoerd’, aldus het rapport. Het voorkomen van stalbranden heeft geen enkele prioriteit, kortom. Heel even dacht ik dat alles goed zou komen toen de Eerste Kamer afgelopen juni instemde met drie voorstellen van de Partij voor de Dieren, waardoor dieren vanaf 2023 niet langer worden aangepast aan het systeem, maar het systeem wordt aangepast aan de dieren, een belofte die kabinetten overigens al sindsdien 2002 doen, maar ik had mijn feesthoed nog niet opgezet of ik zag de tegenkracht in hoogst eigen persoon op enkele televisiezenders: Caroline van der Plas, fractievoorzitter van de BoerBurgerBeweging. Bij de een riep ze dat seksisme allemaal onzin is, bij de ander zag ik haar samen met Martien Meiland een kippenhok bouwen en als u nu denkt dat dat het enige is waarvoor ze wordt gevraagd, neen, want een week later duwde ze ook nog een cavia door een hok in een amusementsprogramma, hoppa, weer een zeteltje erbij. Raar? Helaas, ik ken toevallig iemand van televisie en weet nu hoe het werkt: ze lévert. Bovendien stond ze laatst in de top 3 van betrouwbaarste politici, dus dan weet je: die gaan we nog heel vaak zien op tv.

En ik maar wakker liggen van gekantelde vrachtwagens.

Kan Lientje ‘boeren houden van dieren’ daar niet een keer over komen ouwehoeren? Of, als dat niet gezellig genoeg is, aan de talkshowtafels komen uitleggen waarom er inmiddels varkens worden gefokt met twee tepels extra, zodat er meer biggen aan kunnen liggen? Dat er wordt ingezet op het fokken van zeugen die makkelijker te managen zijn? Kan ze meteen toelichten waarom horrorslachthuis Gosschalk weer open mag, maar wij ‘af moeten van het idee dat dieren structureel worden mishandeld’. Het kan zijn dat ze dan minder vaak in zal gaan op alle uitnodigingen, maar dat zou je ook win-win kunnen noemen.

En ja, ik realiseer me dat alles wat ik hier schrijf al honderd keer is geschreven. Maar dat is precies het probleem: het maakt niet uit hoe vaak we het zeggen, staldieren leiden hier een afschuwelijk leven. In het beste geval worden ze alleen vermoord, maar meestal worden ze daarvoor ook nog getrapt, geslagen, levend gekookt of levend verbrand, om de simpele reden dat we van politici houden die meedoen aan een caviarace.

Daar krijg ík nou kortsluiting van.

Meer over