Haat smeult in ‘Eurabië’

We zijn stekeblind voor de antiwesterse mentaliteit in de grote Europese moslimgemeenschappen, zegt Bruce Bawer...

Bruce Bawer

Laatst zag ik Casablanca voor pakweg de twintigste keer. Er komen personages in voor uit de Verenigde Staten, Noorwegen, Groot-Brittannië, Duitsland, Frankrijk, Nederland, Tsjechoslowakije en Bulgarije, die door hun schokkende ervaringen in het bezette Europa een kostbare les hebben geleerd: wat vrijheid waard is. Velen proberen naar Amerika te gaan, een baken van vrijheid in een donkere wereld. Indringend is de scène in Rick’s Café waarin nazi-officieren Die Wacht am Rhein aanheffen, waarop de andere bezoekers in La Marseillaise uitbarsten.

Eigenlijk had ik na 11/9 in het Westen net zo’n soort internationale eendracht ter verdediging van de vrijheid verwacht. Maar die bleef uit. Waarom? Vooral door een verkeerde inschatting van de vijand. Nog steeds wordt moslimterreur vaak gezien als een wanhopige reactie op armoede, onderdrukking en/of de westerse buitenlandse politiek en niet als wat het ís: een jihad door mensen die het Westen willen veroveren zoals Mohammed met Noord-Afrika heeft gedaan, door onderwerping van ongelovigen en invoering van de sharia. Pas onlangs heeft George W. Bush toegegeven dat we in gevecht zijn met ‘islamitische fascisten’, om na een golf van kritiek ijlings naar de holle frase ‘war on terror’ terug te grijpen.

Sommige mensen realiseren zich wel met wat voor vijand we te maken hebben, maar onderschatten waartoe hij in staat is. Die luchthartigheid kan ons fataal worden. Zo onvoorstelbaar als het was dat de Twin Towers zomaar in puin konden worden gelegd, zo onverwoestbaar kan de westerse beschaving lijken, en het idee dat we die moeten verdedigen, doet misschien wel denken aan – ach, iets uit een oude film.

Er zijn weinig pregnantere voorbeelden van het totale gebrek aan besef onder Europese jongeren dat hun vrijheid in acuut gevaar verkeert als de Che-T-shirts en de Palestijnse sjaals waarin ze koketteren met de vermeende glamour van de gewelddadige revolutie tegen hun eigen beschaving.

Op 11/9 was ik (net als nu) een New-Yorker die in Oslo woonde. Toch begreep ik die dag dat ik nooit echt was weggegaan – want ik wist dat niet alleen mijn geboortestad werd aangevallen, maar de hele vrije wereld. We waren duidelijk in oorlog – niet alleen met de terroristen, maar ook met hun filosofische bondgenoten in het Westen.

Met die laatsten had ik al kennisgemaakt. Toen ik in 1999 in Amsterdam Oud-West woonde, keek ik om me heen en merkte ik dat ik een belangrijk stukje van de Europese puzzel over het hoofd had gezien: de opkomst van moslimgemeenschappen die geen tijdelijk verschijnsel waren (zoals de inmiddels verdwenen Poolse buurt in Manhattan waar mijn vader opgroeide) maar het begin van een snel groeiende, in zichzelf gekeerde Europese islamitische gemeenschap, die steeds vrijmoediger en stelliger werd in haar afwijzing van de westerse waarden. De feestvreugde op 11/9 in de straten van plaatsen als Ede bevestigde mijn vermoeden dat er in deze enclaves onheilspellende dingen gebeuren.

Na 11/9 voelden de Europese leiders zich verplicht aan de Amerikaanse invasie van Afghanistan mee te doen. Maar het aanvankelijke vertoon van solidariteit door politici en intellectuelen (we are all Americans) maakte al gauw plaats voor geluiden dat de VS – door Israël te steunen, Arabische dictators in het zadel te houden, de mondialisering te bevorderen enzovoorts – zelf om 11/9 hadden gevraagd. In tegenstelling tot Europa. Europa was een vriend van de moslims. En de moslims wisten dat. Dus was Europa veilig. Deze zienswijze kreeg al gauw de overhand in West-Europa. Luttele dagen na 11/9 dreef de Noorse schrijver Gert Nygårdshaug de spot met het idee dat er een aanval op ‘Oslo of Rome of Kopenhagen’ ophanden was. Hij stond bepaald niet alleen met zijn hoon.

Toen volgden Madrid, Londen, Bali, Beslan, Mumbai. Van Gogh werd afgeslacht, moslims schopten rellen in Frankrijk, en hun geloofsgenoten in Denemarken reageerden woedend op krantencartoons van Mohammed. De West-Europese elite bagatelliseerde of ontkende zelfs het verband tussen die gebeurtenissen. Toch wordt de waarheid met het jaar duidelijker: ook al waren de VS het doelwit op 11/9, de frontlijn van de oorlog tegen het moslimfundamentalisme ligt in Europa.

En in die oorlog heeft de vijand geen bommen maar demografie als machtigste wapen. De immigratiecijfers van moslims zijn onverminderd hoog, net als hun voortplantingstempo. Goed, er zijn verhoudingsgewijs weinig terroristen onder de Europese moslims, maar een veel groter deel – dat het ‘nieuws’ volgt op satellietzenders als Al Jazeera en dat moskeeën, buurtcentra en internetforums bezoekt waar de haat tegen het Westen wordt aangewakkerd – vindt de Europese cultuur ondraaglijk decadent en steunt het jihadistische streven naar een volgens de voorschriften van de koran bestuurd kalifaat in Europa.

Uit peilingen blijkt dat zeker 40 procent van de Britse moslims voorstander is van de invoering van de sharia in Groot-Brittannië en dat minstens een kwart achter de aanslagen van 7/7 staat.

Vervolg op pagina 3 (B03)

Europa was een vriend van de moslims, dachten we, en de moslims wisten dat

Vervolg van pagina 1 (B01)

De retoriek van het Europese establishment ten spijt ligt de verklaring niet in armoede en onwetendheid: de felste antiwesterse gevoelens vind je niet onder analfabete immigranten uit afgelegen Arabische dorpen, maar onder hun in Europa geboren kinderen die goed opgeleid zijn, in welstand leven en in een BMW rijden.

In heel Europa hebben alleen de Denen enigszins serieuze maatregelen genomen tegen de opkomst van ‘Eurabië’, zoals de wetenschapper Bat Ye’or het noemt. Het gevolg: de immigratie in Denemarken neemt af, de integratie verbetert. Toch is zelfs in Denemarken het vrije woord minder vrij geworden doordat cartoonisten met de dood zijn bedreigd. En ook elders rukt de sharia op.

In België is ‘islamofobie’ tegenwoordig bij wet verboden, en in Groot-Brittannië werd vorig jaar een wetsvoorstel met gelijke strekking door het Lagerhuis aangenomen, maar door de Lords in het Hogerhuis getorpedeerd. In Noorwegen kun je inmiddels de gevangenis in gaan voor ‘belediging’ van iemands godsdienst (en de bewijslast ligt bij de beschuldigde).

Een onheilspellend voorproefje van wat Europa te wachten staat zagen we in februari in Oslo, toen hoofdredacteur Velbjørn Selbekk, die zich na het afdrukken van de Mohammed-cartoons wekenlang niets van alle doodsbedreigingen had aangetrokken, plotsklaps op een van overheidswege georganiseerde persconferentie zijn kruiperige verontschuldigingen aanbood aan de grootste bijeenkomst van imams uit de Noorse geschiedenis. De Noorse regering noemde die capitulatie lovend een gebaar van ‘verzoening’, waarna er een officiële delegatie naar Qatar toog om ook moslimleider Yusuf al-Qaradawi vergiffenis te vragen.

En hoe zit het met Amerika? Het lijdt geen twijfel dat Bush het met zijn arrogantie, onbekwaamheid, slordige woordkeuze, doofheid voor kritiek en gedogen van marteling ‘heeft klaargespeeld om het morele gelijk tegenover het kwaad van het moslimfundamentalisme te ondergraven’ (om Andrew Sullivan aan te halen), en daardoor de Amerikanen heeft gepolariseerd en de Europeanen van zich vervreemd op een moment dat eendracht van levensbelang is. (Dat het Amerikaanse leger onmisbare kenners van het Arabisch heeft ontslagen vanwege hun homoseksualiteit getuigt van de hardnekkigheid van een vooroordeel waarvan ik op 11/9 had gedacht dat het in het zicht van een echte, dodelijke vijand zou verdwijnen.) En net als in Europa blijven ook in de VS politici en journalisten die beter zouden moeten weten de bespottelijke mantra herhalen dat islam ‘vrede’ betekent, jihad ‘innerlijke strijd’ is en extremisten ‘de islam hebben gekaapt’.

Maar ondanks alle fouten van Amerika is de beschuldiging van de Europese elite dat de VS de grootste bedreiging zijn in de wereld, weerzinwekkend en zelfdestructief – net als het onvermoeibare vergoelijken door diezelfde elite van het echte gevaar.

Op 11/9 had ik nooit kunnen denken dat vijf jaar later een man die weigert het stenigen van overspelige vrouwen te veroordelen als de belangrijkste stem van de ‘gematigde’ Europese moslims zou gelden; dat Europese overheden nog steeds subsidie zouden geven aan moskeeën en islamitische scholen waar minachting voor democratie, joden, homo’s en seksuele gelijkheid wordt onderwezen; dat de burgemeester van Amsterdam meent dat we de onderdrukking van islamitische vrouwen in het Westen maar moeten accepteren; en dat Groot-Brittannië nog steeds een vrijhaven zou zijn voor radicale geestelijken, waar koningin Elizabeth lintjes uitdeelt aan lieden als Iqbal Sacranie (die homoseksualiteit ‘onaanvaardbaar’ vindt) en de Londense burgemeester Ken Livingstone voornoemde Al-Qaradawi (die zelfmoordaanslagen en de executie van homo’s verdedigt) prijst om zijn ‘vooruitstrevend- heid’.

De misvattingen zijn taai. In augustus meldde het persbureau AP dat de Duitsers ‘verbijsterd’ waren door de mislukte bomaanslagen op treinen in hun land omdat ze dachten dat ze door hun ‘verzet tegen de oorlog in Irak gevrijwaard zouden blijven’ van terrorisme. En na de aanhouding van de ‘Engelse jongens’ die vliegtuigen tussen Londen en de VS wilden opblazen, beloofde de Britse minister voor Integratie zich te buigen over een voorstel van moslimleiders om in immigrantenwijken de sharia in te voeren teneinde potentiële bommenleggers te vriend te houden.

Op 11/9 had ik nooit geloofd dat de meeste Europeanen in 2006 nog steeds niet zouden weten dat – om twee willekeurige voorbeelden te noemen – zeven van de tien migrantenvrouwen in Zweden (volgens een onderzoek van de EU) te maken krijgen met ‘eergeweld’, en dat joodse kinderen (volgens een rapport van de Franse overheid) ‘geen onderwijs meer kunnen volgen’ in Frankrijk door het agressieve gedrag van hun islamitische klasgenoten. In sommige landen heeft het gezag de handdoek al in de ring gegooid. In 2004 gaf de Zweedse politie toe ‘geen greep te hebben op de situatie in Malmö’, dat werd geteisterd door een golf van verkrachtingen en berovingen door moslims. En in augustus verklaarde de politie van Oslo na een schietpartij tussen moslimbendes dat ze ‘uit angst voor haar eigen veiligheid niet tegen de bendes durfde op te treden’.

Op 11/9 werd de vrije wereld krachtig aan zijn vrijheid herinnerd. In Europa is de geest van die dag om zeep geholpen door een gevestigde orde die zich kennelijk bij de onvermijdelijke islamisering van Europa heeft neergelegd en die voortdurend de waarheid op haar kop zet door de daders als slachtoffers te betitelen en zelfverdediging als opruiing. Het is hard nodig dat die voorstelling van zaken wordt rechtgezet en dat de geest van 11/9 herleeft. Want de kern van de zaak is simpel: als wij onze vrijheid niet net zo vurig koesteren als de jihadisten hun geloof, zijn wij straks de verliezers.

Meer over