Exodus van Kosovaren is humanitaire ramp

De exodus van Albanese vluchtelingen uit Kosovo draait uit op een humanitaire ramp. Bij de grens tussen de Servische provincie en Noord-Albanië zijn de afgelopen dagen tussen de tachtig- en honderdduizend vluchtelingen aangekomen....

Het Rode Kruis en andere hulporganisaties melden dat de situatie aan de grens chaotisch is. De ontheemden komen te voet, met tractoren of vrachtwagens. De rij vluchtelingen bereikt lengtes van zestien kilometer. Het gaat voornamelijk om vrouwen, kinderen en ouderen.

Ook Montenegro, dat samen met Servië Joegoslavië vormt, kampt met een toevloed aan gevluchte Kosovaren, voornamelijk uit Pec. Deze stad werd de afgelopen dagen door Serviërs etnisch gezuiverd. Sinds zaterdag zijn daar dertigduizend vluchtelingen gearriveerd, terwijl er waarschijnlijk nog veertigduizend in aantocht zijn. Ongeveer twintigduizend Albanezen zochten hun toevlucht in Macedonië en tussen de vijftien- en twintigduizend zijn nog onderweg.

Het afgelopen jaar zijn meer dan een half miljoen Albanezen uit Kosovo gevlucht, ofwel een kwart van de bevolking. Dat maakte de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties (Unhcr) gisteren bekend. De Unhcr heeft konvooien met hulpgoederen, zoals tenten en plastic zeil, naar Macedonië en Noord-Albanië gestuurd om de opvang van vluchtelingen te organiseren. Ook is de VN-voedselorganisatie (WPF) begonnen met de toevoer van voedsel. Het WPF stuurde 9,6 ton biscuits naar Kukes. Vandaag vertrekken konvooien naar Macedonië.

In de Italiaanse havensteden Bari en Foggia werden gisteren vluchtelingenkampen opgezet die plaats moeten bieden aan twintigduizend Albanezen, aldus minister van Binnenlandse Zaken Jervolino. Tegelijkertijd besloot Rome slaapbenodigheden en drinkwatertanks te sturen naar Albanië. Italië vreest dat Kosovaarse vluchtelingen op eigen gelegenheid de riskante oversteek naar Italië zullen maken als de opvang in de buurlanden niet goed geregeld is.

Unhcr heeft de Europese landen dringend verzocht de grenzen open te stellen voor Albanese vluchtelingen uit Kosovo. Volgens Muhamed Sacirbey, ambassadeur van Bosnië-Herzegowina bij de VN in New York, zou Europa er verstandig aan doen de vluchtelingen zo veel mogelijk in de regio onder te brengen, zodat ze later 'gemakkelijker' kunnen terugkeren naar Kosovo.

Sacirbey vreest dat de NAVO-landen niet hebben ingeschat dat het wel eens om permanente vluchtelingen zou kunnen gaan, zoals veel Bosnische moslims, in plaats van tijdelijke.

Tegelijkertijd moet de NAVO zijn militaire acties tot het maximum opvoeren, vindt hij. 'De psychologische impact mag niet worden onderschat. De vluchtelingen zullen bemoedigd worden door het idee dat de internationale gemeenschap voor hén vecht en niet alleen voor een akkoord dat er uiteindelijk misschien toe zal leiden dat Kosovo wordt opgesplitst in een Servisch en Albanees deel.'

Hij gelooft niet dat Serviërs wraakacties ten gevolge van de NAVO-bombardementen uitvoeren. 'De vluchtelingen zijn niet het slachtoffer van de oorlog, ze zijn het doel van de oorlog.'

In Tirana kwam het Albanese parlement bijeen voor crisisberaad over de vluchtelingenstroom. Het Albaneze ministerie van Transport heeft ondernemingen opdracht gegeven vervoermiddelen beschikbaar te stellen om de vluchtelingen uit het grensgebied naar andere delen van het arme land te brengen.

Premier Pandeli Majko riep de Albaneze bevolking op de vluchtelingen onderdak te geven. Maar de meeste Albanezen in het arme noorden zijn nauwelijks in staat hun eigen gezinnen te voeden. President Rexhep Meidani vroeg zondag al om internationale hulp in de vorm van vluchtelingenhulp en hij vroeg om NAVO-grondtroepen voor Kosovo.

Meer over