Elke voet een andere beste schoen

Bij wandelschoenen draait het niet om een merk of model, maar om de pasvorm. Een wandelschoen moet niet lekker zitten, maar als gegoten....

Anthon Keuchenius

Hoog en stevig

Wanneer de wandeltocht langer duurt ben je al snel beter uit met (half)hoge leren wandelschoenen. Dit soort schoenen wordt onverdeeld in de categorieën B,C en D, al naar gelang de stijfheid van de zool.

Soepele (B) zolen wikkelen gemakkelijker af, je rolt als vanzelf door in de volgende stap. Dat klinkt mooi, maar is niet altijd goed, zegt schoendeskundige Brett Ribbons van Bever Zwerfsport te Utrecht. Je loopt dan vooral met je zwakkere voetspieren en te weinig met de krachtige spierbundels in bovenbeen en bil.

Wie op stijve zolen loopt maakt wel gebruik van de grote beenspieren, die voet en schoen ‘optillen’ naar de volgende stap. Dat is vooral handig op ruw en ongelijk terrein, zoals in de bergen. Stijve zolen zijn ook geschikter voor langere tochten, omdat ze de voetspieren ontzien. Tussen B en D zijn grote verschillen in stijfheid. Met al te stijve (D) zolen is het moeilijk wandelen. Die zijn letterlijk onbuigzaam omdat er stijgijzers onder moeten kunnen die nodig zijn om over ijs en gletsjers te lopen.

Let bij het kopen niet alleen op de zolen, maar ook op de soepelheid van het leren bovenstuk (leest). Schoenen uit één stuk zijn steviger – en duurder – dan schoenen uit meer delen, die op hun beurt weer steviger zijn dan synthetische schoenen.

Schoenen voorzien van het waterwerende goretex zijn geschikter voor natte gebieden en voor mensen met koude voeten. Wandelaars die toch al snel warme voeten krijgen doen er verstandig aan bij leer te blijven, omdat goretex minder ademt dan leer.

Schoenlapper

Er bestaat geen beste schoen; schoenentests van buitensportbladen hebben dan ook geen zin, zegt wandelschoenmaker Paul de Ouden in zijn overvolle werkplaats in een smal winkelpandje in Veenendaal-West.

Vierhonderd wandelschoenen per week ontvangt Den Ouden - de meeste per koerier - om ze op te lappen tot schoenen die nog wandeljaren mee kunnen. Dat zijn zowel Meindls (marktleider) als Hanwags, Lowa’s en de minder bekende merken Scarpa, Garmont en af en toe Reichl. Soms zijn ze te vies om aan te pakken, maar ze zijn altijd te repareren.

Een favoriete schoen heeft Den Ouden niet echt, zegt hij terwijl hij het leer van een geheel gereviseerde Meindl Borneo aait. ‘Ik kan wel zeggen dat dit de beste schoen is, en hij is ook mooi, maar ik weet dat er voor iedere voet een andere beste schoen is.’ En zijn je schoenen toch niet het beste, of gewoon versleten, dan stuur je ze naar Den Ouden (Veenslag 76, Veenendaal) die er alsnog (of weer) de beste van maakt.

Schoenen die te klein gekocht zijn, kunnen worden opgerekt, al is dat een kleine aanslag op de rest van de schoen. Van schoenen die te breed zijn vult Den Ouden de polstering aan. Zelfs te stijve of juist te soepele binnen- en buitenzolen kunnen worden vervangen. Moderne synthetische schoenen zijn voor Den Ouden niet leuk, daar valt moeilijk iets aan te repareren.

Naast Den Ouden in Veenendaal

geldt schoenmaker Cambreur

in ’s-Gravenzande

(www.cambreur.nl)

als een gerenommeerd

wandelschoen-reparatiebedrijf.

Sokken en zolen

Bij wandelschoenen draait alles om de pasvorm. Daarbij is vaak de hulp nodig van stabilizers, inlegzooltjes en hielslips. Tachtig procent van zijn klanten heeft een vorm van platvoeten, schat Brett Ribbons, die dat wijt aan de te brede leest van de ‘gewone’ schoenenindustrie.

Tegen het doorzakken van de voet – met algehele vermoeidheid als gevolg – helpt een ‘stabilizer’ of steunzool. Die voorkomt dat de wandelaar zijn voeten te strak naar beneden snoert. Dat is slecht voor de pasvorm, waardoor indirect de knieën te zwaar worden belast. Als een standaard steunzool niet voldoet, stuurt Ribbons zijn klanten door naar een podotherapeut.

Soms (’s zomers bij een dunnere sok) moet er ook nog een inlegzooltje in, of bij smalle voeten, een hielslip. ‘Een schoen’, zegt Ribbons, ‘moet niet lekker zitten, maar als gegoten’.

Sokken zijn daarvoor ook erg belangrijk. De wandelsok is het laatste decennium veranderd in een naadloze sok die niet teveel schuift en rekt. Slimme sokken zijn voorzien van vochtafdrijvende coolmax kunstvezels, een beetje zilver tegen de bacteriën en lichte, slijtvaste verstevigingen rond hiel, enkel en tenen. Er zijn winter-, voorjaar- en zomersokken. Ze kosten meestal wat (vanaf 10 euro), maar je voorkomt er wel blaren en oververmoeide voeten mee.

Ook schoenen mogen trouwens van binnen gewassen worden, met een sopje van groene zeep. Maar als schoenen – en dus eigenlijk de voeten – teveel stinken, is er iets niet goed, dan moeten de voeten teveel werken. Dan moet je de oorzaak aanpassen: iets aan de pasvorm doen.

Licht en laag

Wandelschoenen zijn in categorieën verdeeld met als belangrijkste criteria het terrein, de omstandigheden en de duur van de wandeling. Wandelen op vlak terrein vereist het minst van schoenen. Om die reden zal de verkoper waarschijnlijk een lichte, lage schoen (categorie A) van synthetisch materiaal aanraden. De zool van zo’n schoen loopt omhoog bij hiel en teen. Daardoor rol je als vanzelf door als je loopt. 'Afwikkelen' noemen schoenverkopers dat.

Nadeel is dat tijdens het lopen vooral de voetspieren worden belast en dat zijn niet de sterkste spieren van het lichaam. Van lang wandelen op lichte schoenen word je eerder moe. Met deze schoen beperk je dus je eigen vrijheid. Een ander nadeel is dat lichte wandelschoenen nauwelijks aan te passen of te repareren zijn.

Gewone schoenmerken als Ecco wagen zich ook in dit segment, vooral sinds het Nordicwalken een vlucht heeft genomen. Alle zichzelf respecterende wandelschoenmerken hebben tegenwoordig een Nordicwalkingschoen, met verhoogde hielen en nog flexibeler zolen. Het zijn schoenen die meer op renschoenen lijken dan op wandelschoenen. Palladium en Aigle gelden als tropenschoen. Ze hebben goede zolen, geven de voet enige steun en zijn gemaakt van canvas, dat goed ademt en bovendien nat mag worden (leer gaat dan gauw schimmelen en rotten). Tropenschoenen beschermen beter dan sandalen, die eigenlijk alleen geschikt zijn voor korte stukjes op vlak terrein. Ze zien er vaak wel blits uit. Een tip: spoel sandalen regelmatig af. Gaan ze toch stinken, sop ze dan met een verdunning van desinfecterende teatree-olie.

Meer over