Een vlinder ontworpen

Alles wat leeft, is bedacht door de Ontwerpers van Alle Dingen. Zij waren verdeeld in twee groepen: degenen die zich bezighielden met het ontwerpen van dieren en de anderen, die de planten maakten....

Hoe hem dat lukte, vertelt de Nicaraguaanse schrijfster Gioconda Belli in De schepping van de vlinders. In Nederland verschenen eerder vertalingen van Belli's romans De bewoonde vrouw, Dochter van de vulkaan en onlangs Waslala, dat speelt in een denkbeeldig, door oorlogen verscheurd Latijns-Amerikaans land.

Het sprookje over het ontstaan van de vlinders is haar eerste kinderboek, maar 'ze heeft het ook voor grote mensen geschreven', meldt de uitgever op het laatste blad - alsof een goed kinderboek niet altijd óók voor volwassenen is, en alsof volwassenen die hun neus ophalen voor kinderboeken, een kinderboek door alleen zo'n regeltje ineens wel zullen lezen.

Aan fantasievolle ingrediënten ontbreekt het niet in Belli's verhaal. Ze schept een wereld waarin iedereen zijn eigen taak heeft. Er is een soort opperwezen (de Oude Meesteres van de Wijsheid), er zijn vanzelfsprekende details, zoals het rode haar van de reuzen die de Grote Dieren ontwerpen.

In de wereld van de Ontwerpers van Alle Dingen wisselen de seizoenen niet per drie maanden, maar per plaats, zodat de Ontwerpers van de Grote Dieren van Koude Streken in het gebied waar het altijd winter is, op hun gemak na kunnen denken over de grootte van de grote ijsbeer.

Aan het verhaal op zichzelf schort niet zoveel - het is altijd leuk om te lezen over een wereld waarvan je het bestaan niet vermoedde.

Maar Belli verliest zich in poëtische omschrijvingen, die soms net niet kloppen. Vlinders 'stukjes weggevlogen regenboog' noemen kan nog, maar door te zeggen dat 'zij uit een niesbui van de regenboog zijn gekomen', dwingt Belli de lezer zich af te vragen waar precies die mond dan zit, die de regenboog gebruikt om te niezen.

Daarnaast laat Belli geen gelegenheid onbenut om de moraal van het verhaal er in te stampen. Op de laatste bladzijde vat ze die samen: 'Dromen zijn geen bedrog. Het geheim ervan is dat je altijd moet blijven dromen en het nooit moet opgeven.' Want, heeft ze eerder al een personage laten zeggen: 'Wij zijn de ontwerpers van alle Dingen. Als wij onze dromen opgeven, wat voor zin heeft ons bestaan dan?'

De schepping van de vlinders is geïllustreerd door Wolf Erlbruch, bekend van zijn tekeningen bij het humoristische Over een kleine mol die wil weten wie er op zijn kop gepoept heeft, een prentenboek waarvan de titel precies de lading dekt en waarin een kleine, onverzettelijke mol een heel boek lang getekend wordt met een dikke hondendrol op zijn kop.

Erlbruch maakt eigenzinnige, krachtige illustraties, die op een fors formaat, soms over twee hele pagina's, werden afgedrukt en op die manier goed tot hun recht komen. In zijn kleurenprenten zijn de dieren en de bloemen realistischer en met meer details getekend dan de ontwerpers, die door Erlbruch als karikaturen worden neergezet, slungelig en lang of juist klein en rond en allemaal met behoorlijk merkwaardige neuzen en malle hoofddeksels.

Maar de overduidelijke zorg die er aan het afdrukken van de illustraties is besteedt, wordt weer tenietgedaan door de plaats waar ze terecht zijn gekomen: veel prenten staan op bladzijden vóór de bijbehorende tekst.

Zoekplaatjes creëert de uitgever daarmee: op de pagina's 4 en 5 staat bijvoorbeeld een grote tekening waarop de Oude Meesteres van de Wijsheid de rebellerende, jonge ontwerpers bij zich laat komen, maar haar naam valt pas voor het eerst op pagina 7.

Om nog een beetje te kunnen duiden waar zo'n illustratie over gaat, staat er een regeltje onder met wat summiere informatie ('De Oude Meesteres van de Wijsheid liet Arno en zijn vrienden bij zich komen.').

Dat helpt bij het terugzoeken. Maar het blijft irritant, eerst moeten lezen wat onder een plaatje staat en daarna pas zien waar dat fragment in de tekst past.

Hanneke de Klerck

Gioconda Belli: De schepping van de vlinders.

Illustraties Wolf Erlbruch.

Uit het Spaans vertaald door Dick Bloemraad.

De Geus; 40 pagina's; ¿ 39,90.

ISBN 90 5226 410 4.

Meer over