PostuumJaap (‘Japie’) Castricum (1958 - 2021)

Een gitaartalent dat leefde voor de muziek en met ‘het flesje’

Alsof je Mark Knopfler van de Dire Straits hoort. Toch is niet hij de gitarist in het nummer All the President’s Men, de enige Top 40-hit van de Nederlandse band Carlsberg, in 1979. Het was Jaap Castricum, een gitaartalent dat al zeer jong in de popmuziek belandde. Na een tumultueus leven overleed hij onlangs op 63-jarige leeftijd.

Jean-Pierre Geelen
Een jonge Jaap Castricum Beeld Rechtenvrij
Een jonge Jaap CastricumBeeld Rechtenvrij

Castricum was al vroeg voorbestemd voor de muziek. Afkomstig uit een Beverwijks gezin stimuleerde de vader zijn drie zoons muziek te maken. Met zijn broers Willem en Kok vormde de zevenjarige Jaap de JaWiKo’s. Toen al viel hij op door zijn virtuositeit. Zozeer, dat hij op zijn vijftiende werd gevraagd voor de Bintangs, een groep uit Kennemerland die rauwe rhythm & bluesrock speelde. Castricum speelde in 1975 mee op hun meest spraakmakende album, Genuine Bull.

‘Jaap was zeer talentvol’, zegt voorman Frank Kraaijeveld. ‘Hij speelde totaal anders dan anderen. Soms razendsnel, maar ook met een sterk gevoel voor aparte akkoorden, die hij zelf verzon.’ ‘Japie’ verliet al snel de band, en belandde na wat muzikale omzwervingen bij Carlsberg. Later zou Castricum opnieuw op drift raken in de muziekwereld. ‘Hij had moeite met relaties, zowel in de liefde als in de muziek’, zegt Alice van der Horst, zijn laatste liefde.

Jaap was lang ‘van het flesje’, zoals zij het noemt. ‘Zonder drank durfde hij het podium niet meer op; door zijn verlegenheid’. De ware oorzaak: ‘Jaap had een bipolaire stoornis met autistische trekjes’. Jaap was ‘nogal op zichzelf’ en kon moeilijk met bandleden overweg.

Extreem goed

Zijn handicap was ook zijn voorsprong. Van der Horst: ‘Vaak zijn mensen met zulke eigenschappen ergens extreem goed in. Jaap was slim en intelligent. Hij sloeg alles in zijn hoofd op en kon absurd goed rekenen. Hij was een perfectionist. Eindeloos kon hij met de gitaar op schoot zoeken naar dat ene riffje, tot het helemaal goed was. Muzikaal kon hij ook alles: gitaar, piano en accordeon spelen. En componeren natuurlijk. Hij werd onderschat, maar ik noemde hem altijd Mozart.’

Castricums leven was geen Mozartsonate, eerder een rockopera. Toen ‘Japie’ in 2006 voor drank zelfs zijn gitaar had verkocht, organiseerden vrienden een benefietconcert om hem aan een nieuw instrument te helpen. Jan Akkerman trad er op. Castricum woonde enige jaren in een zorgcentrum. In 2010 wist Alice hem zover te krijgen dat hij zich liet opnemen in de verslavingskliniek. De laatste twaalf jaar dronk hij volgens haar geen druppel meer.

De twee leerden elkaar 45 jaar geleden kennen in een muziekcafé in Beverwijk. Alice: ‘Ik zag een godheid binnenkomen’. Ze hadden kort iets, maar Jaaps grilligheid zat in de weg. Alice trouwde met BZN-gitarist Dirk van der Horst; Jaap bleef altijd in zicht. Nadat haar man in 2004 was overleden, hielp Castricum haar onbewust over het verdriet heen. Drie jaar geleden bloeide hun liefde op.

Val

Net was de zon achter de wolken vandaan, of Castricum kwam ten val op een betonnen trap. Het kostte hem zijn schouder; gitaarspelen - zijn levenslange houvast - ging niet meer. Castricum ontwikkelde fobieën: hij durfde nauwelijks meer naar buiten, hooguit aan de arm van zijn nieuwe liefde.

Ze waren net in ondertrouw, volgend jaar zouden ze trouwen. Toen kwam 2 november. Een hartstilstand. Alice: ‘Hij had al een week last van zijn arm. Ik dacht dat het van zijn schouder kwam.’

Op zijn uitvaart klonken Carlsberg en gitarist Joe Bonamassa. En Holy Mother, van Eric Clapton - net als op de uitvaart van Dirk, zegt Alice. Haar twee mannen liggen boven elkaar begraven, onder de in steen gehouwen Gibson-gitaar van Dirk. Alice: ‘Er is nog één plek over. Voor mij.’ Bij leven voerden haar mannen de eeuwige bloedgroepenstrijd tussen Gibson en Jaaps favoriete Fender. Nu zijn ze verenigd in harmonie.

Meer over