Een dolle dwaze dag in de supermarché

In Frankrijk begint het nieuwe jaar eind september. Dan legen de wijnboeren hun kelders om ruimte te maken voor de nieuwe oogst en is het kermis in de supermarchés....

MARTIN SOMMER

door Martin Sommer

DAT HET nieuwe jaar in Frankrijk niet op 1 januari, maar eind september begint, staat als een paal boven water. Op 31 december wordt er tot diep in de nacht goed gegeten, wat uiteraard van belang is, maar verder niet wereldschokkend. En vuurwerk en oliebollen, daar doen Fransen niet aan.

In september daarentegen laveert het hele land langs een serie mijlpalen die van het oude naar het nieuwe jaar voeren. Bij elkaar worden ze de rentrée genoemd. 'De terugkomst', strikt genomen uiteraard de thuiskomst na de grote vakantie, valt niet precies te dateren. De nerveuze geur van het nieuwe jaar hangt al tijdens de vakantie in de warenhuizen, met de aanschaf van de schoolspulletjes voor de kinderen.

Dan volgt onherroepelijk de eerste schooldag en het rituele gedonder en gebliksem van de minister, dit keer tegen ontgroeningsmisstanden en slechte schoolboeken. Een paar weken later gaat het jachtseizoen weer open en breekt op zondag in bos en hei de hel los. In de kranten begint het debat over de vraag of jagers de mensenrechten schenden, dan wel de ware natuurliefhebbers zijn.

Dan breken de zondagen van de brocantes aan. Elk dorp heeft zijn eigen koninginnedag waarop iedereen zijn zolder leeghaalt en de rommel op straat aan de man brengt. Een zondagsvermaak dat qua populariteit de Zwarte Markt in Beverwijk ver achter zich laat. Maar het definitieve, plechtige startschot van het nieuwe jaar valt met de opening van de wijnkermissen, de foires aux vins van de grootwinkelbedrijven, de grandes surfaces.

De rentrée mag geslaagd worden genoemd wanneer de wijnkelder weer gevuld is. Wij bevinden ons momenteel midden in de kermis die meer weg heeft van een burgeroorlog. 'La bataille' schrijft het eet- en drinkmagazine Gault-Millau in zijn septembernummer, dat met 'zeshonderd geselecteerde wijnen' geheel aan de foires aux vins is gewijd. 'La guerre', zegt mijn vriend de middenstander, die heeft beloofd dat hij zijn eigen wijnboer laat opdraven om aan klantenbinding te doen. In normale tijden, de rest van het jaar dus, doet hij in boeken en kranten.

Samen met 58 miljoen Fransen reppen wij ons op zaterdagochtend naar de hypermarchés in de buurt. Dat zijn voor ons een Champion, een Intermarché en een Continent. Vooraf zijn de folders bezorgd en bestudeerd - die van de Continent is bijna een echt boekje, met 68 bladzijden alleen over wijn. Uiteraard ligt de Guide Hachette ernaast, de wijnbijbel waarzonder een echte man niet door het leven kan.

Aangezien wij Nederlanders zijn, hadden we uitsluitend koopjes aangestreept, zoals een Puisseguin Saint-Emilion Château Curat 1997 (34,50 franc), of een Juliénas Confrérie des Compagnons du Beaujolais 1997 (29,90 franc). Bij de Intermarché had ik m'n zinnen gezet op een Médoc Château le Boscq Vieilles Vignes 1995 (49,90 franc), aangezien die in de Gault-Millau stond onder het kopje 'zich haasten'.

VERVOLGENS op naar de winkel, gewapend met de drie folders en de uitgescheurde pagina's met de zeshonderd chateaux uit de wijngids. Naast 'zich haasten' zijn de andere consumenten-categorieën 'zeer interessant', 'interessant' en 'als men wil'. Die laatste categorie, verzekert de inleiding, wil beslist niet beweren dat de betreffende wijnen ondrinkbaar zijn. 'De wijn hoeft niet teleur te stellen, het is de prijs die uitglijdt.'

Dit jaar moeten we van de kenners letten op de Sauternes. De Rhones zijn goed vertegenwoordigd, net als de Languedocs. Goede Bourgognes zijn lastiger te vinden, net als hooggekwalificeerde Loires. Van de Bourgogne valt dat te begrijpen, daar zijn er simpelweg niet genoeg van om de hyper-klanten tevreden te stellen. Wat betreft de Loire-wijnen staat ook de Gault-Millau voor een raadsel.

'Voor de wijnslag', schrijft de Gault-Millau verder, 'hebben de verschillende legers zich in slagorde opgesteld. Eerste de pantserbrigade: een mooie linie crus classés staat klaar om de vaste klanten te bestoken. Mooie etiketten en een trommelvuur van scherp gerichte prijzen. Daarachter de infanterie, een compacte massa redelijke wijnen, zelden echt interessant, maar die maken de operatie winstgevend.' Leclerc, de grootste hyper van het land, verkoopt in de twee weken dat de wijnkermis meestal duurt voor 500 miljoen franc aan gevulde flessen.

De boekhandelaar had me al voor de rauwe werkelijkheid gewaarschuwd. 'Het is echt oorlog. De wijnboeren ruimen hun kelders leeg voor de nieuwe oogst. Dat betekent een restje echt goede wijnen, dat meteen weg is. De rest is goedkoop bocht of flessen waar anderszins wat mee is. Op de tocht gestaan, of in het licht.'

Wij hebben een eerste gevecht geleverd om een parkeerplaats en een tweede om met een tien-francstuk een karretje te bemachtigen. In de immense hal van de Continent staan de dozen metershoog opgetast, naam na naam, château na château, streek na streek. Mannen met de blik van Raskolnikov navigeren hun karretje tussen de stapels door. Duwen elkaar weg, proberen bij het fust te komen waar je kunt proeven en de Hachette kunt raadplegen.

Personeel weet telkens zeker dat ze die Médoc of die Saint-Emilion twee rijen verder hebben zien staan. Maar mij lukt het niet wat dan ook te vinden dat hetzij in de folders, hetzij in de Gault-Millau staat aangeduid. Niets om zich voor te haasten, niets zeer interessants, niets interessants. Zelfs geen wijn voor 'als men wil'. Ja, ik wil! Maar de chaos is fantastisch. Na twintig minuten achter het karretje vind ik het schap waar die fantastische Juliénas à raison 29,90 franc had zullen liggen. Leeg. De tanden knarsen. Eigenlijk moet het grootwinkelbedrijf worden verplicht bij de wijnkermis geestelijke steun te leveren, in de vorm van een aalmoezenier of een kapelaan.

We eindigen met de vaststelling dat de Tavel bij Albert Heijn goedkoper is. Voor de troost gaan er vier flessen Chablis van een tientje in het karretje. Die zullen de kelder niet halen.

Meer over