InterviewsEen tussenjaar

De Volkskrant spreekt vijf tieners over hun tussenjaar: ‘Ik ben op zoek naar het vonkje’

Jannieke Eenkhoorn, Max Mekkes, Roos Luijten, Lante Kluiving en Oscar Brendeke.Beeld Hilde Harshagen

Reizen gaat nu niet zo eenvoudig, maar deze vijf jongeren nemen alsnog een tussenjaar voor ze aan een vervolgopleiding beginnen. Wat verwachten ze? Over een jaar vragen we wat het ze heeft gebracht. 

Geslaagd, in de zomervakantie luieren en vervolgens beginnen met een vervolgopleiding? Welnee. Steeds meer tieners nemen een tussenjaar. Had in 2008 maar 6,7 procent van de nieuwe studenten zo’n jaar achter de rug, tien jaar later is dat percentage gestegen naar 10,5 procent.

En die opmars is voorlopig nog niet gestuit, als het aan Hermien Miltenburg van het Tussenjaar Kenniscentrum ligt. ‘Op dit moment is het tussenjaar vooral iets voor kinderen van wie de ouders het zich kunnen permitteren. Ze gebruiken het jaar om zich verder te oriënteren op opleidingen: er zijn honderden mogelijkheden, daaruit kiezen als tiener is verschrikkelijk lastig.’ Omdat Miltenburg vindt dat meer jongeren die ademruimte kunnen gebruiken, geeft ze namens het kenniscentrum voorlichting over de mogelijkheden. Om geïnteresseerde ouders en scholieren te inspireren en wellicht het laatste zetje te geven.

Toch merkt ze dat het tussenjaar door het coronavirus een knauw heeft gekregen. Dat blijkt ook uit een enquête van het Nuffic, de organisatie die onderzoek doet naar de internationalisering van het onderwijs. Eenderde van de ondervraagde scholieren en studenten is van plan hun verblijf in het buitenland voor een studie, stage of tussenjaar uit te stellen. Dat is niet gek, want het is de vraag of jongeren komend jaar veilig de wereld rond kunnen reizen en of er bijvoorbeeld wel een bijbaantje voor ze is. 

Genoeg reden om het tussenjaar voorlopig in de ijskast te zetten, zou je denken. Niet voor Max, Roos, Oscar, Jannieke en Lante. Deze vijf tieners staan aan de vooravond van hun tussenjaar. Ze vertellen ons wie ze zijn, wat ze gaan doen en wat ze verwachten. Volgende zomer keert de Volkskrant we bij ze terug om te horen hoe ze het er vanaf brachten.

Max Mekkes (18)Beeld Hilde Harshagen

Max Mekkes (18) uit Randwijk. Wordt au pair in Engeland.

Toen ik 16 was heb ik met succes auditie gedaan voor de toneelgroep op school. In negen maanden werk je met de groep toe naar een voorstelling. Twee keer achter elkaar speelde ik de hoofdrol: dat vond ik fantastisch. Na het eindexamen heb ik een auditie gedaan voor de toneelschool, maar in de allerlaatste ronde viel ik af. Dat is niet het einde van de wereld. De meeste auditanten waren 20, dus het zou bijzonder zijn als ik als broekie werd toegelaten. Ik bedacht: ik neem een tussenjaar en probeer het volgend jaar nog een keer.

Ik woon in Randwijk, een dorp waar zo’n duizend mensen wonen. Nu ik door het coronavirus niet gemakkelijk op reis kan en mijn vrienden de omgeving verlaten om te gaan studeren, heb ik besloten in het buitenland te gaan werken als au pair. Daar heb ik geen ervaring mee, maar ik heb wel opgepast op neefjes, nichtjes en kinderen uit de buurt.  Ik vind het leuk om kinderen wat bij te brengen. Zelf ken ik geen andere jongens die au pair willen zijn. Mijn moeder werkt dertig jaar in de kinderopvang, ik denk dat ik het van haar heb meegekregen.

Ik heb me aangemeld op Au Pair World, een website die gastgezinnen en au pairs met elkaar verbindt. Al snel kreeg ik bericht van een gezin uit Newbury, Engeland. Vader is druk met zijn eigen bedrijf en moeder volgt een rechtenstudie. Ieder jaar halen ze een au pair in huis om het huishouden te runnen en voor de kinderen te zorgen. Ze vonden het aantrekkelijk dat ik creatief ben aangelegd: hun zoon (8) is zelf ook muzikaal. Het dochtertje (6) houdt net als ik van bakken en kokkerellen.

Eind augustus stap ik op het vliegtuig naar Engeland. Eenmaal daar wordt van mij verwacht dat ik ’s ochtends de kinderen klaar maak om naar school te gaan. In de namiddag haal ik ze weer op. Ik ben voorzien van onderdak en eten en ik heb genoeg tijd voor mezelf. Dat kan ik gebruiken om andere mensen te leren kennen en nieuwe ervaringen op te doen. Andere families uit de buurt hebben blijkbaar ook au pairs in huis, dus ik hoop dat ik met hen in contact kan komen.

In mijn familie hoefde ik niemand uit te leggen dat ik er een jaar tussenuit ga. Vooral mijn oma is bemoedigend. Ze is dolenthousiast over Engeland en zei: ‘Het zal me niets verbazen als je er blijft wonen’. Dat zou natuurlijk best kunnen.

Mijn tussenjaar is geslaagd als ik er iets uit heb kunnen halen. Wat dat precies zou moeten zijn? Ik heb geen flauw idee. Om eerlijk te zijn maak ik me daar ook niet druk om. Ik laat de ervaring op me afkomen. Zolang ik daar maar niet wekenlang op de bank ga zitten Netflixen.

Roos Luijten (16)Beeld Hilde Harshagen

Roos Luijten (16) uit Epe. Gaat naar een Amerikaanse highschool.

Nadat ik vorig jaar mijn vmbo-diploma had behaald, gingen we met ons gezin op vakantie naar Amerika. We deden New York aan en reisden vervolgens langs de westkust. Ik voelde me daar zo op mijn gemak. In Epe durfde ik nooit alleen naar de supermarkt te lopen. Dat vond ik vervelend, het voelde alsof iedereen oplette hoe Roos Luijten door het dorp liep. Maar in Amerika was iedereen vriendelijk en open. Als ik in een restaurant zat, durfde ik iemand een vraag te stellen of spontaan een compliment uit te delen. Dat is iets wat ik in Nederland nooit zou doen. Dat niemand me in de VS kent, speelt natuurlijk ook mee.

Bij thuiskomst ben ik direct gaan googlen. Ik leerde dat je een jaar les kunt volgen op een Amerikaanse high-school. Vanaf dat moment kreeg ik het idee niet meer uit mijn hoofd. Ik dacht: als ik dit niet doe, ga ik mezelf mijn hele leven lang voor m’n kop slaan. Mijn ouders durfde ik het nog niet te vertellen – ik was nog maar 15 – dus ik zei het alleen tegen oma. En mijn oma zei: begin alvast aan een mbo-opleiding en dan kun je als je 16 bent naar Amerika.

We zijn nu een jaar verder en over twee dagen vlieg ik naar Burleson, een stad in de buurt van Dallas, Texas. Ik heb al een visum, dus ik verwacht geen problemen om het land binnen te komen. Gedurende het jaar verblijf ik bij de familie Hill. Amerikanen reizen niet zo vaak naar het buitenland, dus door een Nederlandse tiener in huis te nemen proberen ze wat van een andere cultuur mee te krijgen. Ik ga helemaal meedraaien in het gezin. Dat lijkt me fijn. Ik wil dat ze mij net zo streng behandelen als hun eigen dochter Haidyn, die net zo oud is als ik. Samen met haar ga ik naar Centennial high school. Het is een kinderdroom die uitkomt: straks kan ik naar homecoming en prom, of een American football wedstrijd bijwonen.

Mijn gastouders werken allebei bij de politie. Het zou me niets verbazen als het Republikeinen zijn. Zelf ben ik vrij uitgesproken over de Black Lives Matter-demonstraties. Op Instagram post ik berichten tegen racisme, om mijn vrienden eraan te herinneren dat er na de dood van George Floyd nog steeds weinig veranderd is. Dat doe ik soms wel drie keer per dag. Dat kan gezien de politieke opvatting van mijn gastouders en hun politieachtergrond gevoelig liggen. Voor nu heb ik besloten om eenmaal in de VS niet te veel mijn mening te geven.

Mijn gastmoeder belde laatst op om te zeggen dat ik me over het coronavirus niet al te veel zorgen moet maken. Ze is nog steeds van plan om mij allerlei bezienswaardigheden te laten zien. Maar ik vind het net zo leuk om met een dekentje op de bank te zitten en het gezin beter te leren kennen. Als ik na een jaar in Texas een tweede thuis heb gekregen, is het avontuur voor mij geslaagd.

Oscar Brendeke (18)Beeld Hilde Harshagen

Oscar Brendeke (18) uit Soest. Gaat een begeleid tussenjaar volgen.

Sommige vrienden weten precies wat ze willen met hun leven; ik niet. Nadat ik mijn havo had gehaald, ben ik commerciële economie gaan studeren. Die stap naar de hogeschool bleek te groot: ik had moeite om met de vrijheid om te gaan. Mijn huiswerk werd niet altijd gecontroleerd, dus ik werd steeds lakser. Ik stopte met de opleiding en werk sindsdien in de keuken van een restaurant in Bilthoven.

Als het moet, kan ik me ergens wel toe zetten, maar mijn intrinsieke motivatie is niet zo sterk. Ik ben op zoek naar het vonkje: zou mezelf beter willen leren kennen en ontdekken wat ik leuk vind. Zo vind ik auto’s of gamen bijvoorbeeld wel interessant, maar ik zou niet de hele dag computerspellen willen maken.

Er zijn tieners die door hun ouders gepusht worden om een studie te kiezen en daarna rap aan het werk te gaan. Ik merk dat die jongens en meisjes veel minder bezig zijn met de vraag: wat vind ik leuk? Ik heb de luxe heb dat mijn ouders mij de ruimte geven om te ontdekken waar ik gelukkig van word.

Via vrienden ben ik bij Breekjaar terechtgekomen. Dat is een organisatie waar je een begeleid tussenjaar volgt. Twee dagen per week organiseren coaches activiteiten om jezelf beter te leren kennen. De derde dag van de week ben je niet verplicht om te komen, maar ook op die dag worden er trainingen gegeven. Met hulp van coaches ga je tijdens zulke dagen onderzoeken waar je goed in bent en wat je echt wilt. Hoe dat precies werkt, weet ik nog niet. Ik ga er blind in en volg vooral mijn onderbuikgevoel. Op de open dag zag ik dat de andere deelnemers er zaten omdat ze aan zichzelf wilden werken. Ze gaan – net als ik – geen Breekjaar volgen omdat ze door hun ouders gedwongen worden. Dat is inspirerend.

De overige twee dagen van de week word je gestimuleerd om te werken. Dat mag ook wel, want zo’n begeleid jaar kost bijna 10 duizend euro. Dat is veel geld, en dat ga ik zelf betalen. Gelukkig heb ik met mijn bijbaantje in het restaurant al wat kunnen sparen. 

Ik hoop dat ik na het tussenjaar iets heb gevonden waar ik mijn tanden in kan zetten. Er gaat in die periode vast iets voorbij komen waarvan ik denk: wauw, ik zie mezelf dit wel een aantal jaar doen. Dat kan vrijwilligerswerk in Manilla worden, of programmeren achter mijn computertje. En zolang ik dat nog niet heb gevonden, blijf ik zoeken naar dat vonkje. In het ergste geval heb ik volgend jaar wat levenservaring opgedaan.

Jannieke Eenkhoorn (18)Beeld Hilde Harshagen

Jannieke Eenkhoorn (18) uit Rijssen. Gaat vrijwilligerswerk doen in Gambia of Zuid-Afrika.

De laatste jaren van de middelbare school waren voor mij stressvol. Ik ben een perfectionist en kon balen als ik voor het natuurkunde proefwerk maar een 9 haalde. Die stress vertaalde zich naar mijn lijf: ik kreeg last van mijn knieën en rug. Dat werd zo pijnlijk dat ik het laatste half jaar op krukken liep.

Ik bedacht dat het verstandig zou zijn om het even rustiger aan te doen, voordat ik ging studeren. Mijn ouders waren het daarmee eens. De komende maanden werk ik daarom als vakkenvuller bij de Albert Heijn. Op die manier spaar ik geld zodat ik over een half jaar naar Afrika kan om vrijwilligerswerk te doen. Dat is een ervaring waar ik sinds ik 12 ben al van droom. Ik had op die leeftijd televisiebeelden van arme kinderen gezien. Samen met vriendinnen besloten we toen daar, met grote koffers gevuld met cadeaus, ooit heen te gaan. 

Ik heb contact gezocht met Livingstone, een organisatie die zulke ‘werkvakanties’ organiseert. Ik zei tegen hen: ik wil graag in Afrika met kinderen werken, voor de rest maakt het me allemaal niet zoveel uit. Ze hebben me vooralsnog twee opties aangeboden. Een school in Gambia of ik kan terecht bij een opvangcentrum voor straatkinderen in Zuid-Afrika. Op beide locaties word ik een allround vrijwilliger, waardoor het takenpakket heel breed blijft. Het ene moment kun je lessen geven, het andere moment organiseer je een spelletjesmiddag.

Ik vind het fijn om voor mensen te kunnen zorgen. Dat ligt niet alleen in mijn aard, maar dat heb ik ook van huis uit meegekregen. Wij zijn christelijk opgevoed; voor de ander zorgen is een terugkerend thema in de Bijbel.

Ik ga niet naar Afrika met als hoofddoel het evangelie te verkondigen. In Nederland leiden we een luxe leven, ik zou iets terug willen doen voor kinderen die het minder hebben. Toch lijkt het me ook wel fijn als ze in Afrika weten dat er altijd iemand is die van hen houdt, hoe slecht hun situatie ook is. Dat is voor mij persoonlijk altijd een geruststellende gedachte geweest. Aan de andere kant is het best moeilijk om dat tegen iemand te vertellen, die ’s avonds wellicht geen eten heeft.

Op persoonlijk vlak hoop ik dit jaar te kunnen leren hoe ik zelfstandiger word. Ik kan al goed voor mezelf zorgen, maar bij het nemen van beslissingen leun ik toch vaak op mijn ouders of vriendinnen. Ik kan lang twijfelen over hele suffe keuzen: welke smaak ijs neem ik bijvoorbeeld? Als ik in een onbekend land verblijf, zonder ouders of vriendinnen, zal ik een ander niet zomaar om hulp vragen. Dan leer ik hoe het is om er alleen voor te staan.

Lante Kluiving (17) uit Delft.Beeld Hilde Harshagen

Lante Kluiving (17) uit Delft. Gaat een documentaire maken.

Ik ben al vijf jaar bezig met videoproducties. Op mijn 12de ben ik een YouTube-kanaal begonnen waar ik van alles uitprobeerde. Als ik een dagje naar Amsterdam ging dan schoot ik veel beelden en monteerde daar muziek onder. Op een gegeven moment had het kanaal 600 abonnees. Toen ik 14 was vroeg de website Scholieren.com of ik filmpjes voor hun site wilde maken. Met een presentator ging ik na schooltijd het land door om straatinterviews op te nemen. Het waren vaak onschuldige items over zakgeld, verliefdheid of examenstunts.

Na de middelbare school wilde ik een filmopleiding gaan doen. Kandidaten werd gevraagd om als aanmelding een portfolio samen te stellen met eigen werk. Ik leverde vijf producties in waar ik veel moeite in heb gestopt. Een oudere vriend, die al aan een filmopleiding studeerde, hielp me erbij en zei dat hij veel minder tijd in het portfolio had gestoken. Toch werd ik niet geselecteerd. Ik ontving een email: ‘We gaan je niet uitnodigen op gesprek, we hopen dat je een fijne carrière tegemoet gaat.’ Dat deed wel een beetje pijn.

Ik heb nooit gehoord waarom ik niet ben uitgenodigd, maar veel mensen zeiden dat het kwam doordat ik jong ben en te weinig levenservaring heb. Eerst dacht ik: willen ze soms dat ik een jaar in een oorlogsgebied ga wonen? Maar nu begrijp ik dat zo'n opleiding wil dat je je bewuster wordt van jezelf en je omgeving. Dat je weet wie je bent en welke plek je wilt innemen in de maatschappij.

Dat je nog niet weet wie je bent, hoort bij mijn leeftijd. Maar je kunt het proces van volwassen worden versnellen, door in een tussenjaar veel te ondernemen. Ik begin door in september een maand op een boerderij in Zweden te gaan wonen. Ik ga dan ervaren hoe het is om je ouders en vriendin te missen, en wil die gevoelens vastleggen. Dat wordt dan allemaal onderdeel van mijn emotionele bagage.

Een ander project dat ik ga oppakken is het maken van een documentaire over volwassen worden. Als je mijn leeftijd hebt, sta je op de drempel van het volwassen leven. Sommige van mijn vrienden voelen zich al volwassen, anderen nog helemaal niet. Maar wat betekent het om volwassen te worden? Ben je volwassen als je op kamers woont en brieven van de Belastingdienst ontvangt? Als filmmaker wil ik iets met deze vragen doen.

Aan het eind van mijn tussenjaar wil ik gegroeid zijn als mens. Of in ieder geval minder vragen en meer antwoorden te hebben. En als ze dat op de filmopleiding niet genoeg vinden en ik word weer afgewezen, dan komt er vast iets anders op mijn pad. Het komt wel goed met mij.

BREEKJAAR

Tijdens een traject van de organisatie Breekjaar leren zoekende tieners wie ze zijn en wat ze willen. Twee keer per week komen de jongeren samen en volgen ze onder begeleiding van coaches workshops en activiteiten. Eerst leren de deelnemers zichzelf kennen, daarna duiken ze in de relatie tussen zichzelf en de ander. Anke van Donkersgoed, een van de oprichters, was zelf ook even de kluts kwijt. Na een studie en vijf achtereenvolgende kantoorbanen liep ze op haar 25ste vast. Ze was overspannen, ging in therapie en richtte daarna Breekjaar op. In Het Parool zegt ze dat ze op jonge leeftijd zelf ook wat hulp kon gebruiken. ‘Waarom leer je op school niet jezelf bevragen? Waarom helpt niemand je uit te zoeken wat je leuk vindt en waar je goed in bent?’ Sinds de oprichting van Breekjaar in 2013 hebben meer dan 600 jongeren een begeleid tussenjaar gevolgd.

KROONPRINSES
Aan het examenjaar moet ze nog beginnen, maar ook Amalia van Oranje (16) overweegt een tussenjaar. Ze zou de ‘wijde wereld’ willen verkennen, aldus haar vader. Trekt de kroonprinses straks backpackend door Azië? Koningshuisverslaggever Rick Evers ziet wel wat problemen. De prinses heeft altijd beveiligers in haar buurt. ‘In haar eentje de wereld verkennen zit er sowieso niet in’, zei Evers op Radio 1. 

Meer over