ColumnPeter Buwalda

De Don gaat door. Maatregelen of niet, een eeuwfeest sla je niet over

null Beeld

Olympische Spelen: helaas, EK: pindakaas. Maar echt lullig vind ik 100 jaar Tuindorp Oostzaan. Don Henk z’n project, ik schreef er eerder over, hij en zijn commissie waren al een paar jaar bezig met de voorbereidingen. Er gingen wagens rijden, Halsema kwam, de Peters, te weten Peter Faber en ondergetekende, zouden iets doen. En dan: corona, het is toch niet te geloven.

Maar de Don gaat door. Maatregelen of niet, een eeuwfeest sla je niet over. Pas over honderd jaar is het weer raak, maar zelfs dan niet, want dan is het 200 jaar Tuindorp Oostzaan, een stuk minder rond. Pas bij de 1000 jaar heb je dezelfde gevoelswaarde. Nee, het moet nu gebeuren.

Dan maar klein houden. Afschalen. Om te beginnen een streep door een van de Peters.

Deze Peter.

Begrijp ik wel. Ten eerste heb je soorten Peters, kleine Peters en grote Peters. Peter Faber is een heel grote, niet alleen is hij Max Havelaar geweest, in de gelijknamige film maar ook in het boek (filmeditie), maar hij is zelf al ongeveer 70 jaar Tuindorp Oostzaan. Ik slechts 8 jaar Tuindorp Oostzaan.

‘Voor een ere-tuindorpoostzaner zie ik hem bar weinig door de buurt lopen’, zegt Jet.

‘Maar hij ziet mij dus ook bar weinig door de buurt lopen’, kaats ik. ‘Ik neem aan dat hij niet achter de gordijntjes zit.’

‘Zoals jij.’

‘Precies.’

Komt bij dat het niet helemaal ‘gelde’ tussen mij en Don Henk. Misschien is ‘boterde’ een beter woord, aangezien de Don kaal is. Als ik de Don was, en ik moest afschalen, zou ik ook voor mij gaan.

‘Hij bestaat toch niet echt?’, zegt Jet.

‘Nee? Nee, is wel zo.’ Don Henk is een merge, een morph, de Max Havelaar van mijn Don Henk-columns, een vat waarin allerlei bestaande figuren uit de buurt samenkomen, met een mespuntje Don Corleone. (Die ook weer een vat was.) Don Henk is dermate geloofwaardig neergezet, bijvoorbeeld middels de enorme tuinkabouter die hij een keer voor de deur had geparkeerd en waarin ik onmiddellijk een omgedraaid afgezaagd paardenhoofd herkende, dat ik in hem ben gaan geloven, en nu dus, door de krona, met hem meeleef.

Geen punt dus, Don. Overmacht. Voor de buurt zet ik graag een stapje terug. En voor andere Peter ben ik blij dat hij wel doorgaat.

Nee, ondanks de pandemie zet de Don een piekfijn programma neer. Er mogen dan geen wagens gaan rijden, er komen wel vlaggen. Op de centennial zelf, 21 april aanstaande, gaat de vlag van Tuindorp Oostzaan in top, op het Aldebaranplein, ga kijken, zou ik zeggen, het hijswerk zal ter hand genomen worden door de Don. Lijkt me.

‘Nee dus’, zegt Jet.

‘Oké, oké’, zeg ik, ‘door de lui achter het vat Don Henk.’ (Dat maakt het allemaal ingewikkelder, de buurt zit niet ín het vat, maar erachter. Erín, is nog altijd ín de Don Henk-columns. Ach, laat maar.)

Inmiddels toegetreden tot het vat is Tim, onze nieuwe buurman. Hij is pas negen maanden Tuindorp Oostzaan, nochtans geen jubileum dus, hij is qua de buurt nog niet eens geboren, toch gaat hij reeds rond met vlaggen en houders, voor aan de huizen.

Links ingehaald, mensen.

Nou ja, terecht, had ik die afgezaagde tuinkabouter maar niet moeten lekken naar de pers. Kom je aan Don Henk, al is hij is maar een vat (net als Havelaar en Corleone), dan kom je aan de buurt.

Meer over