De buurt

Elke maand verkent de Volkskrant een plek in de samenleving van binnenuit. Deze maand: de wietkwekerij...

Het is een buurt met geld, dat kun je zien aan de huizen. Zehebben mooie deuren van eikenhout en balkonnetjes van sierlijkgietijzer. Vroeg in de avond weerspiegelen de chique etalages inde regenplassen op de stoep - een traiteur, een banketbakker methandgemaakte bonbons, een zaak met designmeubels, kantoortjes.

Veel woonhuizen ook. Soms vang je een glimp op van hethuiselijke leven achter de vitrage. Modern leven onder klassiekeplafonds en op meubels uit de designwinkel. Voor de deur staanbeschaafde types Saab en Volvo.

Het is niet alleen jong, nieuw geld dat de buurt bevolkt.Langs de winkels trippelen grijze, gepermanente dametjes. Eenkwieke oudere heer in loden jas laat zijn chocoladebruinelabrador uit - oud geld dat achter zware fluwelen gordijnenwoont.

Er is nog ander geld in de buurt. Grof geld. Het groeit veelharder dan de aandelenportefeuilles van de bewoners. Tys is devaste beheerder van dit vermogen. Een paar keer per week bezoekthij 'zijn kantoor' om de zaken te behartigen.

Met een bureau, een computertje en een paar oude meubels ishet eigenlijk een kantoor van niks, maar daar gaat het niet om.Het kantoor is niet van Tys, het is van iemand die hier nietwoont en nooit komt. Op tafel ligt wat ongeopende post voor eenfirma die hier wel is gevestigd, maar geen kantoor houdt. Het isde firma van de katvanger.

Het geheim schuilt achter de deur van de kelderkast dietoegang verschaft tot het souterrain. Onder de klassiek betegeldewoonvloer staan achthonderd hennepplanten, systematischgerangschikt en ingekapseld in een goed onderhouden stelsel vanlampen, leidingen en buizen. Tys geeft ze water en voeding, enals het nodig is praat hij tegen ze. Elke twee maanden groeithier een halve ton. Bruto, dat dan weer wel.

Meer over